Menno van der Beek publiceerde tot nu toe drie bundels: Vergezocht (1997), Waterdicht (2002) en Kaddisj (2007). Hij werkt aan een nieuwe bundel, die net als Kaddisj in de Contrabasreeks zal verschijnen.
Waiting for Godot
Hij kijkt totdat de foto is genomen
ergens ver weg in Praag, zonder te roken,
de armen langs het lichaam en gedachteloos.
Zijn haargrens schuift niet op. Zijn handen hangen leeg
ontspannen naar beneden. Heel het plein beweegt.
Alles verandert hier. Behalve deze man.
Hij weet dat het nu elk moment gebeurd kan zijn
(zoveel gelegenheden gaan voorbij)
of dat hij voor de eeuwigheid zal moeten staan
schuin van opzij gezien met zijn sandalen aan.
Dit is geen kwestie van geduld. Ondanks zijn dood
houdt hij die blik. En mag hij blijven hopen.
§§§§§
Nocturne
Ik wacht tot dit gedicht begint. Ik kijk omhoog
langs de gordijnen, vlak voor mijn bureau,
zwart als de nacht, met dunne rode lijntjes
die van een afstand niet meer zijn te zien
en ondertussen ga ik met mijn tong
over mijn vullingen. Achter mijn ogen
vlak boven mijn gebit is het nog donker
en ligt mijn vader diep onder de grond.
Ik wil dat hij de koelkast open doet en naar
het lichtje buigt, ’s avonds op zoek naar een stuk kaas.
© Menno van der Beek, 2008
Lenze L. Bouwers
Reine de Pelseneer
Jabik Veenbaas
Hans van Willigenburg
Peter Swanborn
Leo Herberghs
Ton van 't Hof
Ton van Reen
Joris Miedema
Peter Drehmanns
Lammert Voos
Frits Criens
Rik Andreae
Jabik Veenbaas
Sacha Blé
Bernhard Christiansen
Delphine Lecompte
André van der Veeke
Gert de Jager
Hans van Willigenburg
Peter Knipmeijer
Maarten Das
Nanne Nauta
Onder redactie van Heytze en Breukers
Peter M. van der Linden
Jabik Veenbaas
Diverse auteurs
ACG Vianen
Rob Molin
Bart FM Droog
Lies Van Gasse
David Pefko; Het voorseizoen
Zo een foto heb ik ook van mijn vader. Mijn moeder stond op de foto, maar die is er vanaf geleefd. Hij blijft plat wachten; iets vergeeld, maar niets grijzer.
Mooi hoe de dichter de leegte van zo'n foto verbeeld. Het is bijna of de afdrukken van mensen geduldiger en wijzer worden na hun overlijden.
Overigens denk ik dat in het eerste vers van de tweede strofe na 'leeg' een komma moet worden geplaatst om te voorkomen dat het als een bijwoord wordt gelezen. Verder is er enige spanning voelbaar tussen 'weet' in vers 1 van de derde strofe en 'hopen' in het laatste vers: hoopt hij nu dat de foto snel genomen zal zijn, of weet hij het? Maar een heel herkenbaar en dramatisch beeld.
De Nocturne is, vooral door de verzen over een zwart, roodgestreept gordijn, misschien wat prozaïsch. Mooi hoe licht en donker het contrast tussen wens en werkelijkheid schetsen. Maar ik vraag me af: hoe stelt de dichter zich voor dat zijn kinderen hem later terugwensen? Het zwarte gordijn loopt door dit gedicht misschien wel het risico tot een reliek te verworden...
Geplaatst door: Blanche Machielsen | 26-1-08 om 0:35