Een lied dat gezongen noch gefloten
en alleen maar over wat verborgen blijft vertelt,
een nocturne zonder nacht of klank,
als uit de keel van een koorknaap zonder kerk of zang,
iets in vergelijking waarmee poeder
als olie kan worden uitgesmeerd,
als balsem op van de zon het zonbeschenen lijk,
iemand met een hoed die niet bestaat of dood is
en die je groet alsof hij Joods is,
een hedendaagse noodzakelijke tegenhanger.
Aldus sprak.
Het vloog, dat lied, maar vliegen was het niet
want zo flagrant vliegt niets en qua bereiken,
leek het een engel zonder vleugels
die de aarde niet bereikt, laat staan deze grijze kamer
en haar vergeelde boeken waaruit kruipt
waar ik verlost van moge.
© Koenraad Goudeseune, 2007
Lenze L. Bouwers
Reine de Pelseneer
Jabik Veenbaas
Hans van Willigenburg
Peter Swanborn
Leo Herberghs
Ton van 't Hof
Ton van Reen
Joris Miedema
Peter Drehmanns
Lammert Voos
Frits Criens
Rik Andreae
Jabik Veenbaas
Sacha Blé
Bernhard Christiansen
Delphine Lecompte
André van der Veeke
Gert de Jager
Hans van Willigenburg
Peter Knipmeijer
Maarten Das
Nanne Nauta
Onder redactie van Heytze en Breukers
Peter M. van der Linden
Jabik Veenbaas
Diverse auteurs
ACG Vianen
Rob Molin
Bart FM Droog
Lies Van Gasse
David Pefko; Het voorseizoen
Reacties