Goed ik ben terug, mijn voeten vonden teleurgesteld het middenpad,
En daarna dat van de Griekse Y, het smalle beentje,
in oude druk maar breder naarmate je er naar kijkt, leest.
Y
Dus schrijf ik verder aan dit Gentse Grieks, want dichters,
menen dichters, zijn door Griekse Goden gemaakt
en missen ons die moeten zingen.
Ik denk aan haar, Stefania, die in het Grieks met mij zong
en altijd huilen moest als ze klaarkwam.
Een danseres, maar in bed moest zij altijd huilen.
Ik begreep daarvan het hoe noch wat.
Overigens spraken we vloeiend Engels.
‘Some people do get emotional involved, you know.'
Haast verwijtend, maar daar moest ze te veel voor huilen.
Nu begrijp ik wat zij bedoelde, Stefania, God Zij dank!
© Koenraad Goudeseune, 2007
Lenze L. Bouwers
Reine de Pelseneer
Jabik Veenbaas
Hans van Willigenburg
Peter Swanborn
Leo Herberghs
Ton van 't Hof
Ton van Reen
Joris Miedema
Peter Drehmanns
Lammert Voos
Frits Criens
Rik Andreae
Jabik Veenbaas
Sacha Blé
Bernhard Christiansen
Delphine Lecompte
André van der Veeke
Gert de Jager
Hans van Willigenburg
Peter Knipmeijer
Maarten Das
Nanne Nauta
Onder redactie van Heytze en Breukers
Peter M. van der Linden
Jabik Veenbaas
Diverse auteurs
ACG Vianen
Rob Molin
Bart FM Droog
Lies Van Gasse
David Pefko; Het voorseizoen
Die Griekse Y, misschien een woordje uitleg. In een mooie druk is het rechterbovenbeentje van die letter smaller dan het linker. Het linkerbeentje vormt met de stam, zo je wil, de brede weg. Het rechterbeentje, het smalle dus, symboliseert de smalle weg, de weg die geestelijken willen gaan tot God. Men noemt het ook de pythagorische tweesprong. In de dertiende eeuw zagen pubermeisjes zich voor de keus gesteld: de wereld verzaken en een non worden ofwel nog tien jaar als een vod leven en sterven.
Geplaatst door: Koenraad Goudeseune | 11-7-07 om 21:31