De SLAA gaf de dichter Nachoem M. Wijnberg op 13 januari carte blanche om een literaire avond te maken, waarop de dichter ervoor koos fragmenten uit zijn romans De Joden (1999) en De Opvolging (2005) te laten opvoeren door collega-dichters. Daarnaast vertaalden Nederlandse dichters gedichten van Wijnberg in het Fries, Duits en Engels.
Een tragi-komische fragment uit De joden wordt voorgelezen door Martin Reints, Erik Lindner, K. Michel en Moestafa Stitoe (volgens zijn paspoort Mustafa Stitou). Alfred Schaffer zou de rol van Stalin hebben vervuld, ware het niet dat hij in Kaapstad nogal wat vertraging heeft opgelopen door tegen een midden op de ring nogal vreemd geparkeerde wagen op te knallen. Er wordt weinig geïnspireerd van ritselende A-4tjes gelezen, lekker onhandig, een soort repetitie (een 'reading' hoor ik later). Moestafa heeft weinig tekst maar steelt de show door zijn mimiek en immer overtuigende intonatie – iets wat van de andere lezers niet gezegd kan worden.
Uit Wijnbergs bundel Liedjes (2006) werden vier gedichten vertaald. Albertina Soepboer vertaalde 'Parijsliedje' in het Fries ('Sankje fan Parys') en geeft na lezing een mooi rustige, bondige uitleg over de vertaalproblemen en haar keuze. Arjen Duinker vertaalde 'Een nacht in Parijs maakt alles weer goed' in 'A Night in Paris Makes Up For Everything'. Zijn optreden is ontspannen en getuigt van prettige zelfspot – 'Meer kan ik er niet van bakken, jongen.' Menno Wigman, die 'Beginliedje' naar het Duits vertaalde als 'Das Erste Lied', heeft problemen met de uitdrukking voor 'in de rij staan' (Schlange stehen) in het Duits, die wel in de eerste strofe kan worden gebruikt, maar niet in de slotstrofe. Schaffers vertaling in het Zuid-Afrikaans blijven we de brokkenpiloot nog schuldig.
De avond wordt besloten met een lezing van een fragment uit Wijnbergs De opvolging, een soort vergadering over de totstandkoming van een gedicht. Ditmaal is de leesclub aangevuld door de aanwezigheid van Albertina Soepboer, die haar rol met kennelijke tegenzin ten beste geeft. Opnieuw valt Stitoe op door zijn messcherpe dictie en intonatie, én zijn theatrale aanwezigheid.
De held zelf is bloednerveus en stuntelt zich de avond door. Hij heeft slecht geslapen, zegt hij, maar Nachoem is sowieso niet een man die je op een podium moet zetten, die marteling hebben we hem al eerder zien ondergaan – niks voor hem.
We zijn verder ook niet veel wijzer geworden
met betrekking tot de poëzie van Nachoem Wijnberg, behalve dat die 'schijnbaar
transparant' is en dat je als je het probeert te vertalen steeds meer ziet.
© Adriaan Krabbendam, 2007
Reacties