door Y. Né
'Geen vreemder gebied dan het bekende', schrijft André van der Veeke. In zijn nieuwe, mooi verzorgde bundel Moerasbeest verdriet trekt Van der Veeke opnieuw door het landschap van zijn ziel, waarin grijzen, zwart en wit overheersen, onmiskenbaar beïnvloed door het zuidwestelijk deel van Nederland waar hij woont. Dit is een weerbarstig landschap met een weerbarstig lot dat zich lastig vormen laat. Weerbarstig is ook het karakter van deze poëzie.
Als Van der Veeke er al voor kiest een hemels aspect aan te roeren, dan gaat dit gepaard met ontluistering en praktisch inzicht. Met deze tegenstelling weet hij de lezer te verrassen. In het gedicht 'Achterstallig onderhoud' komen hemel en hel, jeugd en bezonnenheid ter sprake, terwijl geen moment de concrete situatie van de onderhoudwerkzaamheden van het huis uit het oog wordt verloren. Dit onderhoud betekent gelijktijdig het herstel na innerlijke verwaarlozing van de dichter zelf.
Het besef van de eigen vergankelijkheid is steeds aanwezig. Elke blik op de horizon of de hemel is verbonden met de her-innering van de dood. Er is steeds 'instortingsgevaar/ van blauwe lege hemel,/ hersencellen op de velden'. Daaraan valt niet te ontkomen. Poëzie en de noodzakelijke ironie of zelfs humor daarin verzoenen hem met deze realiteit. Poëzie is bij Van der Veeke ook 'de knoop in de rivier,/ de lus om het land,/ nadrukkelijk verbond/ van water en onbereikbare grond' die hij telkens opzoekt. In het gedicht 'Brede luie Maas' zingt hij: 'wie verdrinkt komt in de boeken,/ wie verdrinkt komt in boeken boven'. De dichter is een verdronkene als in 'De dronken boot' van Rimbaud.
Afkeer is slechts één vorm van de onuitroeibare liefde en wreedheid is wreedheid tegen wil en dank, zoals in de gedichten over vader en zoon. Wat de dichter ook plaagt in zijn lijf, hij zal het onderdak geven in de vorm van een gedicht en als zodanig koestert hij zijn spoken. Lonkt de dichter dan toch nog naar roem, dan behoort deze wens tot dezelfde spookgedaanten als in het gedicht 'Halte opgeheven'. Daar blééf de essentie, die van het wachten, de dichterlijke grondhouding. Hierom gaat het uiteindelijk: wat bleef 'onder het gebint', onder het schedeldak van de dichter. En zo omschrijft hij het: 'Bescherming door teer stof stro/ in zelf gekweekte duisternis', 'geen show van/ dwingende dingen', maar 'Wat je hier hoort ziet/ en met je voeten proeft'. Moerasbeest verdriet heeft de intensiteit van alles dat weerbarstig is én de moeite waard om te kennen.
André van der Veeke: Moerasbeest verdriet. Uitg. Wagner & Van Santen, 88 pag., € 16,95.
Delphine Lecompte
André van der Veeke
Lammert Voos
Daan Doesborgh
Quirien van Haelen
Menno van der Beek
Mart van der Hiele
Peter Knipmeijer
Maarten Das
Nanne Nauta
Peter M. van der Linden
Gert de Jager
Het Utrechts Dichtersgilde
Jabik Veenbaas
Hans van Willigenburg
Chrétien Breukers
Onno Kosters/Dick Groot
Diverse auteurs
ACG Vianen
Rob Molin
Bart FM Droog
Erik Nieuwenhuis
Annemarie Estor
Wouter Godijn
Niet alleen 'Moerasbeest Verdriet' is een prachtbundel die je niet ongelezen moet laten, ook het eerder bij ADZ in Vlissingen verschenen 'Reizigers voor alle richtingen' is beslist een aanrader!
Geplaatst door: Kees Klok | 7-2-07 om 8:26