Literaire avond, onderdeel van het Wintertuinfestival 2006.
Het is iets dat elk Groninger artiest overkomt: in slaap vallen in de trein van Groningen naar elders. Zo ook Anneke Claus, die daardoor via Amsterdam naar Nijmegen was gereisd om op te treden bij 'Opgepoetst', het Wintertuinprogramma met rappers en dichters, waarin de poëten rapteksten verdichten en rappers gedichten verrappen (uit te spreken als verreppen).
Van te voren dacht ik: nee, niet wéér rap en poëzie - ik herinner me nog goed dat ik onlangs, eind 1996/begin 1997 meewerkte aan het Double Talk-gebeuren, waarin ook rap en poëzie naast elkaar werden gezet, met daarbij de onzalige boodschap dat rap en poëzie hetzelfde zijn en als stompzinnig dieptepunt de lancering van het begrip 'rapoetry' - waarvan ik tot op de dag van vandaag niet weet
hoe dat uit te spreken.
Maar dat was vroeger, toen de jeugd van tegenwoordig nog niet eens geboren was. Dus betrad ik Doornroosje nieuwsgierig naar wat de huidige generatie rappers op het podium presteert. Een goed rapoptreden bestaat net als een goed dichtoptreden uit een mix van mimiek en uitstraling, waarbij ook elementen als articulatie, sociopanthealogie en demohypnosia meespelen, én, niet onbelangrijk, deze mix moet natuurlijk overkomen, niet gemaakt.
Met dat als uitgangspunt bekeek ik de show, die met veel vaart begon, enthousiast gepresenteerd door Def P en muzikaal begeleid door DJ Nicolai. Anneke Claus sprong op het podium en bracht, zoals dat hoort op een avond in een poptempel als deze een natuurlijk klinkend gedicht uit het hoofd, direct gevolgd door de tweehonderdenendertien centimeters tellende rapper Bonny.
Hij was gekleed in een blauwe spijkerbroek met dito schoenen, waarover een hagelwit overhemd hing - dat heet, over de broek, niet over op de schoenen, afgetopt met een pet. Stop. Een pet? Ja, een pet. Nu heeft de pet de nare eigenschap een klep te hebben die het publiek het zicht op de ogen en de lippen ontneemt en als ik publiek ben wil ik de ogen van een artiest kunnen zien en vooral ook de lippen, omdat de lippen me helpen bij het verstaan van de tekst.
Derhalve zou ik rappers willen adviseren dat als men al een pet opzet, de klep af of in te knippen, of achterstevoren op het hoofd te bevestigen. Net zoals ik Gerrit Kouwenaar adviseer zijn snor bij voordrachten af te plakken of op te binden en ik H.H. ter Balkt het advies geef eens zijn zichtontnemende haarlok in te steken met een haarschuifje - en dan zwijg ik maar over de donkere brillen van de heer Deelder, die me al jaren mateloos storen. Maar goed, die waren gisteren in geen velden of wegen te bekennen: het circa 70-koppige publiek bestond voornamelijk uit jeugd.
De eerste raptekst die Bonny te berde bracht kon ik erg slecht verstaan, maar of dat lag aan zijn articulatie of zijn lengte of zijn petklep of zijn handbewegingen die me onnatuurlijk voorkwamen weet ik eerlijk gezegd niet: al met al vond ik hem niet sterk. Ergens ligt de podiumpresentabelheid van mensen tussen de zeg anderhalf en twee meter: bij kleinere lieden denk ik direct: 'ach wat koddig, een dwerg' en bij langere is mijn eerste gedachte: 'nee maar, een reus!' en die gedachte blijft mijn kijk beïnvloeden. Primitief, maar de mens is nu eenmaal een primitief instinctmatig wezen, ongeacht alle beschaving.
Na hem Tsead Bruinja. In coltrui, grijze slobberbroek en dito schoenen. Wat jammer was: zijn volranke lichaamsvorm en zijn toch zo gewelfde geslacht waren nauwelijks zichtbaar. Wat nog jammerder was, was dat hij zijn gedicht van papier oplas, waardoor hij elementen als mimiek en demohypnosia nauwelijks kon inzetten. Ten positieve dient gezegd dat hij, zo vertelde Def P, regelmatig baantjes trekt in hetzelfde zwembad waar Def P wekelijks watertrappelt. Maar dit terzijde.
Goed, ondanks bovenstaande kritische nootjes was het programma tot en met Bruinja behoorlijk onderhoudend. Maar toen viel er opeens een lange pauze, omdat een aantal rappers te laat waren aangekomen en dus nu moesten opbouwen. Foei, jongens, Nooit meer doen, want plots was de hele vaart uit de veelbelovend begonnen avond verdwenen.
Dus toog ik naar de bar, bestelde mijn tweede en derde fles wijn, babbelde met literaire evenementenorganisator Marc Verstappen, sabbelde op mijn pruimtabak, keek in de zaal of de rappers al waren uitgebouwd, toog terug naar de bar, rookte een pakje shag leeg, verorberde fles wijn # 4 en eindelijk ging dan de show door.
En fuck: het wachten werd gecompenseerd door een retestrak optreden van de Amersfoortse rapper Wudstik. Met een waanzinnig muzikale rap liet hij zien hoe de Nederrap zich geëvolueerd heeft. Werkelijk klasse. Poëzie? Nee. Muziek. Binnenkort komt de eerste volwaardige cd uit van deze rasrapper die zich al eerder bewees op Lowlands en Noorderslag - kopen dat ding. Op de voorwaarde natuurlijk dat Wudstik voortaan zijn pet thuislaat.
Sieger M.G. (waarom die jongen zich niet gewoon Sieger M. Geertsma laat noemen is me een raadsel) had zich net als Bruinja in een coltrui gekleed, met dito slobberbroek, waaronder onopvallend schoeisel. Dichters, dichters toch: het oog wil ook wat en het komend boerkaverbod zou in dit verband toch als waarschuwing kunnen dienen dat onder de bezielende leiding van de zelfingebeelde Volksführerin Rita Verdonk de gemiddelde zeverlander zicht op schoonheid eist. Maar sowieso: dichters in coltruien doen me aan pijpen en jazz en dus Harry Mulisch denken en ik wil niet aan Harry Mulisch denken, verdomme. Dat deed ik namelijk gisteren al.
Desalniettemin bracht Sieger M.G. met kracht en op natuurlijk overkomende wijze zijn podiumklassieker 'Toch geen elfje', dat eindigt met het doordringend uitgesproken 'Browning!!!'.
Ook uit Amersfoort kwam Jiggy Djé - net als Wudstik eerder (of nog steeds?) werkzaam in D.A.C. (De Amersfoortse Coöperatie, Jiggy Djé. Wederom was ik zwaar onder de indruk: rasechte undergroundteksten, met veel humor en zelfspot, op een zeer natuurlijk overkomende wijze gebracht. Minpunten waren de pet, de te wijde jas en de slobberbroek. Knapen, het oog wil ook wat, onthoud dat nu eens!
Enfin, na deze introductie kwam waar het eigenlijk om ging: de dichters hadden elk één raptekst verdicht en de rappers elk één gedicht verrapt. Werd het wat? Nu, zoals bijna altijd bij 'herleide' kunst blijft het origineel mooier en moet je er eigenlijk met je klauwen vanaf blijven. Bij Bonny evenwel, die ik de zwakste van de drie rappers vond, vond ik zijn versie van Claus' gedicht de sterkste rap die hij die avond bracht. Het kwam er een stuk natuurlijker uit dan zijn eigen teksten. Zijn door Claus verdichte en gebrachte rap kwam me als zeer Clausiaans over, waardoor de meerwaarde me ontging. De wisselwerking tussen Bruinja en Wudstik leverde m.i. weinig verrassends op - maar het kan zijn dat ik me stoorde aan het hoge navelstaargehalte van Bruinja's verdichting, waarin weer eens uitgebreid naar poëzie en dichters verwezen werd - mogelijk veroorzaakt door het hoge rapnavelstaargehalte in de oorspronkelijke raptekst:
Goed beschouwd bestond zijn leven uit het aanmaken van herinneringen
(Cees Nooteboom)
terwijl ik dit schrijf wordt in het tv programma buitenhof
de pvda ten grave gedragen
tien dagen bevinden we ons voor de verkiezingen
met ontzag kijken we naar de hoge dijk
waarachter we ons met zekerheid
een zee indenken
elk jaar stijgt die zee een beetje
als een betrouwbare vriendschap die steeds
hechter wordt
ja we worden kaler mustafa stitou
schrijft het mooiste gedicht van dit jaar waarin hij dode vader vraagt
uit de kist te stappen omdat hij hem niet verder alleen kan dragen
dit gedicht zou een liefdesgedicht moeten worden
over diepe groene dalen over wat het betekent om iemand
niet te willen verliezen en jeukende handen
over de spookjes die twee geliefden aan het begin
van hun onbekende sprookje kunnen zijn
over het niet weten wat daarna komt
liefde ik blaas je daarom op dit papier nieuw leven in
ik koester en ik waak over onze vonk
dit gedicht zou een liefdesgedicht moeten worden
en dat zou kunnen want ik ben verliefd op mijn vrouw
en ik heb diepzinnige gedachten
dit gedicht zou een fatsoenlijke volwassen rouwklacht moeten worden
en dat zou kunnen
maar op dit moment wil mijn poëzie niet tijdloos zijn
dat ligt niet aan mij maar aan de pvda
en de zee die altijd verandert
aan waar we nu middenin staan
en waarin we niet konden
voorzien
© Tsead Bruinja, 2006
Het geslaagdst waren Jiggy Djé en Sieger M.G. En ik denk dat dat kwam omdat beide kereltjes hun roots in de hiphop hebben liggen, waardoor ze meer feeling met elkaars werk hebben, met als resultaat een natuurlijk overkomende verdichting en dito verrapping. Maar het gedicht van M.G. was
meer een verhaal, een hertelling van het verhaal van die rare snater van een Fransoos die begin 1900 in vogelpak van de Eiffeltoren sprong.
Al met al concludeerde ik voor de zoveelste maal dat dichters vooral hun eigen gedichten en rappers vooral hun eigen raps moeten brengen en dat het nu maar eens afgelopen moet zijn met dat onzalige geforceerde gekruisbestuif.
Waarschijnlijk was ik de enige in de bomvolle Kleine Zaal van Doornroosje die er zo over dacht: na afloop van het eigenlijke programma waren dichters en rappers, zij die juist hadden opgetreden en zij die tot dan toe deel uitmaakten van het publiek, niet meer van de microfoon weg te slaan tijdens
de Open Mike-sessie.
Al met al, een 7,5 voor dit onderdeel. Dat ik een 8 gegeven zou hebben als ik niet zo'n oude verzuurde zak was geweest. Waarvan akte.
© Bart FM Droog, vanuit Nijmegen, op 1 december 2006, voor de Contrabas.
Delphine Lecompte
André van der Veeke
Lammert Voos
Daan Doesborgh
Quirien van Haelen
Menno van der Beek
Mart van der Hiele
Peter Knipmeijer
Maarten Das
Nanne Nauta
Peter M. van der Linden
Gert de Jager
Het Utrechts Dichtersgilde
Jabik Veenbaas
Hans van Willigenburg
Chrétien Breukers
Onno Kosters/Dick Groot
Diverse auteurs
ACG Vianen
Rob Molin
Bart FM Droog
Erik Nieuwenhuis
Annemarie Estor
Wouter Godijn
oke oke oke Geen horrorboek
Maar van mij krijg je wel kippevel
Me lines zijn so tight
Dat je denkt ...IK WIL OOK ZO EEN STIJL
Fuck de cheerleaders
Ik bedenk me eigen JELL
bel 112 want anders
Is het einde spel
Wil je mij komen dissen
Je verliest dit duel
En ik sla je aan de haak
Dus eet je op als forel
Haters willen haten
Want me spits komen zo fel
Ze trekken hun zonnebril aan
Want ze denken dat helptShine als de zon
Want zo te zien burn ik mezelf
Haters op me pad
Maar nigger ik burn ze wel
Hy wilt ijs hebben
Maar ik zorg ervoor dat hy smelt
Mensen komen naar me toe
SJA hy staat versteld
Wat dacht je dan nigger
Et lijkt of ik em heb verteld
Dat hy een bitch is :aka:
Een hoertje een sletje
Iedereen weet
Dat ik sommige nigga's moet testen
Wil je testen
Ik zal je verpesten
I ruined youre shit nigga
Ikke ben de beste!
Et is een wonder
Dat ze testen
Iedereen weet
Deze nigger blijft forever
Eve niet lullen aan me hersenpan
Iedereen weet wat ik nu allemaal kan
sjaga derra opgefuckt sccot youtube
L-TOWN
Geplaatst door: sjagalio | 4-6-10 om 12:12