Je vraagt om stilte die er niet is.
Je klemt een voet tussen de deur.
Je bent vol vertrouwen.
Wie een paard heeft, jaagt haar de dijk op,
daar is het gras, de uitbundige ruimte, de zekerheid van zoet, zoet water.
Wie meerijdt komt niet terug.
Het is zo’n na-ijlende zomer,
ontdaan van vruchtvlees en misverstand.
Hitte zit nog op de huid.
Je beweegt in tegengestelde richting van het nieuws.
Je streept vrienden in je adresboek.
Je ontdekt een vaderstoornis.
September is bijna leeg en
het wordt stil, stiller dan het ooit was.
Elk geluid, ieder samenstellend deel, keert naar zichzelf terug.
De regen reist nu traag en met tussenpozen.
Bijna niets komt naar beneden wat eerder
volkomen gelijkmatig de ruimte vulde.
Je lijkt op iemand.
Paul Hautmans

Wat mij betreft heeft de eerste strofe een behoorlijk hoog Jehova-gehalte.
Wie een paard heeft jaagt HET de dijk op.
Overigens vind ik die strofe wel mooi en beeldend. Hoewel ik niet weg ben van frases als "stiller dan het ooit was"
en "ieder samenstellend deel", heeft het gedicht iets waardoor ik het toch graag gelezen heb.
Geplaatst door: Hanny van Alphen | 04 januari 2012 om 14:01
'Behoorlijk hoog Jehova-gehalte' - haha, rake opmerking.
De titel vind ik ongelooflijk saai.
Geplaatst door: Ruben Hofma | 05 januari 2012 om 12:11
Er zitten hele mooie woordspelingen in, ik zou van de titel "winteruitgelicht" maken, of zoiets. Ook met het woord stil kan je nog alle kanten uit, maar vind het zeker niet slecht.
Geplaatst door: Monique Methorst | 05 januari 2012 om 13:12
Er zitten een aantal rake beelden in. Het paard en een bijna leeg september. De laatste strofe vind ik wat gezocht en het woord gelijkmatig vind ik dusdanig klinisch dat het de sfeer volkomen verpest. Een gemiste kans.
Geplaatst door: Jonas Japland | 05 januari 2012 om 14:03
Een bijzonder en aangenaam gedicht dat mij moeiteloos meetrekt in winterlichte sfeer. De cursieve stukjes maken het spannend, maar ook als je ze weg zou laten hou je nog steeds een mooi gedicht over.
Ik had geen associatie met Jehova's getuigen: die klemmen wel voeten tussen de deur maar vragen niet om 'stilte die er niet is'.
Het paard is vermoedelijk een merrie...
Het mooist vind ik de derde strofe en de volgende regels
'Bijna niets komt naar beneden wat eerder
volkomen gelijkmatig de ruimte vulde.'
Geplaatst door: Mirjam den Broeder | 08 januari 2012 om 09:57
Een gedicht dat op zondag de ruimte vult. Mooi dus.
Geplaatst door: Ruud Poppelaars | 08 januari 2012 om 11:23
ik vind het ook een prettig gedicht door de melancholieke sfeer die het oproept en de strofen die mooie beeldspraak zijn. Bijvoorbeeld.. 'hitte zit op de huid", September is bijna leeg.., en de overige 5 opvolgende bij elkaar passende strofen.De laatste strofen t.w. de verwijzing naar de regen maakt het gedicht kompleet. Mooi gedaan.
Geplaatst door: peter sebastiaan gieselaar | 09 januari 2012 om 23:54