Colofon

Dit is weblog De Contrabas. Begonnen op 21 augustus 2005 door Ton van ’t Hof en Chrétien Breukers. Laatste bericht zal worden geplaatst op 21 augustus 2015, of ergens rond die datum. De weblog zal blijven bestaan, om de rijke archieven niet aan de digitale vergetelheid prijs te hoeven geven.

De redactie was in handen van Chrétien Breukers. De reactiemogelijkheid is gesloten, omdat de website niet ten prooi wil vallen aan eindeloze reeksen spam of aan reacties van notoire internettrollen. Mailen over de website kan aan decontrabas[at]hotmail.com

De boeken van Uitgeverij De Contrabas worden geleverd via Liverse, via CB of direct via Liverse. Eind augustus gaat de nieuwe website van uitgeverij De Contrabas, met bestelinformatie, online.

augustus 2015

ma di wo do vr za zo
          1 2
3 4 5 6 7 8 9
10 11 12 13 14 15 16
17 18 19 20 21 22 23
24 25 26 27 28 29 30
31            

Hoofdmenu

Olaf Schümaker Feed

20 juni 2011

Postmodern recenseren (8): Ramsey Nasr (weer)

Alweer een interessante beschouwing van Olaf Schümaker. Of is het toch een brief van de Dichter des Vaderlands (vzmzn) zelf?

Waarde heer,

Amper een vierde van een maandstonde her heb ik kennis mogen nemen van een schrijven uwer hand, welke gepubliceerd was op het digitale platform voor de letteren in het algemeen 'de Contrabas' (vergeef mij in het spellen van deze naam een eventuele vormfout, daar ik meerdere schrijfwijzen op het Internet ben tegengekomen).

Ik, Ramsey Nasr, dichter des vaderlands bij de gratie majesteits, ben verbolgen over diverse aannames die u in uw stuk postuleert, en wil u op deze wijze van mijn verbolgenheid hieromtrent kennis doen nemen, alsmede in de uitzending van Pauw en Witteman dd 26 juni 2011, waarin ik tevens mijn nieuwe gedicht voor zal gaan dragen dat betrekking heeft op een maatschappelijk debat en een willekeurig adagio van een Russische componist.

Toen ik mijn dichterskrullen stond te föhnen boven mijn marmeren wasbak te Antwerpen en bedacht hoeveel geld ik zou kunnen vragen voor mijn laatste gedicht, galmde uw naam als een zinderende noordenwind door mijn Hoofd. Ik waande mij Johannes de Doper, honing en sprinkhanen etend, in pover gewaad van kemelhaar, die zich echter niet manifesteert als roepende in de woestijn maar juist door een onzichtbare wordt toegeroepen: ‘Olaf P. Schumaker! Oh Olaf P. Schumaker!!’.

Lees meer "Postmodern recenseren (8): Ramsey Nasr (weer)" »

06 juni 2011

Postmodern recenseren (7): Ramsey Nasr

Deze keer staat op het (in dit geval figuurlijke) menu de onbekende dichter Ramsey Nasr, waar ik van heb vernomen dat zijn geboortewortels gedeeltelijk Palestijns zijn. Och, lezer, wat was ik verheugd bij het horen van dit nieuws! Deze goede knaap is een Palestijn, wat enkel en alleen zou kunnen betekenen dat er een heftig politiek engagement voor mijn neus lag te wachten! Dat is voor mij, om met de taal die de Israëliers meer vrezen dan Mozes en zijn moeder, gefundenes fressen voor een snaak als ik.

Mijn allerliefste lezers en Harry J.M. Kleinhoven,

U ziet mij natuurlijk al zitten, in mijn kalfslederen fauteuil uit één gesneden stuk, met in mijn rechterhand een longdrinkglas Fanta Zero, in het afgezwakte scharlaken licht van het immer wakkerende kaarsje ter nagedachtenis aan mijn trouwe viervoeter en hond Peter, van wie ik u de laatste dagen en casus belli omtrent zijn dood natuurlijk niet meer hoef uit te leggen.

Hoewel de KontraBasch sinds mijn verleende medewerking haar bezoekersaantallen zag verdrieduizendvoudigen (met zelfs bezoekers uit verre, gekke en raadselachtige continenten waarvan het bestaan twijfelachtig is, zoals ‘Afrika’ ) kan ik niet anders zeggen dan dat ik trots ben dat ik elke twee weken vijf minuten uit mijn drukke schema neem om een beschouwing te schrijven. Toch ontving ik een paar dagen geleden het volgende bericht van de Hoofdredaktie via mijn Telefax-2000 (het vreemde gebruik van leestekens heb ik onveranderd overgenomen uit het bericht, OS):

Lees meer "Postmodern recenseren (7): Ramsey Nasr" »

23 mei 2011

Postmodern recenseren (6): DUCO Hondenbrokken

Deze keer zal mijn bijdrage aan poëzijweblog De Kontrabasch u ten zeerste verheugen waarde lezer. Ik ben mij onlangs, nadat ik een boek van Bosboom-Toussaint had geleend uit de bibliotheek van Kees Borgdorff namelijk zeer pregnant bewust geworden van het belang van het egodokument. Om die reden zend ik de brave borsten van De Kontrabasch heden geen doorwrochte poëticale analyse over Schierbeek en het Joodsch Komplot maar een fragment uit de correspondentie over wat we inmidels wel het slepende conflict alsmede de grootschalige doofpotaffaire omtrent de firma DUCO Hondenbrokken en het noodlottige overlijden van mijn hond Peter mogen noemen. Ik wil u vooral wijzen op de minachtende en rancuneuze toon die de vertegenwoordiger van DUCO die mijn zaak in behandeling heeft aanslaat, alsmede de belachelijke drogredenen waarmee hij mijn doorwrochte standpunt onderuit meent te kunnen halen. 

Tevens voeg ik bij een tekening van mijn hand die mijn emotionele spectrum van de afgelopen dagen zeer tekenend weergeeft, zoals het een tekening betaamt. Poëziegroetjes, of moet ik zeggen, Egodokumentgroetjes! 

 

Tekening_150x150_p1 

 

O.P. Schümaker
Herengracht 380
1016 CJ
Amsterdam

DUCO Hondenbrokken
Afdeling Inkoop en Verkoop
t.a.v. R. Warizi
Korenweg 18
1121 BD
Landsmeer

Amsterdam, 17 mei 2011

Geachte heer Warizi,

Naar aanleiding van onze eerdere conversatie over het noodlottige overlijden van mijn teerbeminde hond Peter stuur ik u deze brief. Over opmerkingen in uw antwoord met een strekking als zou een schadeclaim niet de gepaste plek zijn voor een postmoderne analyse van uw achternaam ben ik zeer verbolgen. Ook de bewering dat mijn argumentatie niet steekhoudend is en dat u helemaal geen verzwegen net van dechiffrering had verborgen in de beginletters van de zinnen in uw brief vervullen mij met blinde woede. Juist omdat u deze lezing frustreert vestigt u er des te pregnanter de aandacht op, en onderstreept u het belang van uw antwoordbrief en de holistische symboliek daarachter binnen het kader van deze claimkwestie.

Lees meer "Postmodern recenseren (6): DUCO Hondenbrokken" »

09 mei 2011

Postmodern recenseren (5): Arie Boomsma

Lezer, mijn leven is niet altijd een leven geweest waar ik, Olaf Pjotr Schümaker (schrijver van onder andere het geroemde De Jood is een leeuw, den Duitscher een dompteur: berichtgeving van en over het NK dammen ’77), met vreugde en geluk op kan terugkijken.

De periode van 1939 tot eind 1941 heb ik namelijk doorgebracht in het Konzentrationslager-KL Herzogenbosch, oftewel het beruchte concentratiekamp te Vught. Och lezer, in flitsen zie ik vaak de uitgemergelde mensen, het bloed uit de schrammen en wonden, de kogels, de met urine doordrenkte matrassen en de schelle geluiden van hen die tegen de muur van een barak hun einde vonden. Ik proef in mijn koortsdromen nog dikwijls het ijzer uit de pan waarin het eten – wanneer wij dat kregen – werd opgewarmd en de geur van het oude zweet en uitwerpselen in het ongewassen katoen.

Ja lezer, het leven van een kampofficier ging niet bepaald over rozen. 

Genoeg over mijn persoonlijke leven! Het is tijd voor poëzij!!!!! Deze keer een interview met niemand minder dan Arie Boomsma, die sinds kort naast tv persoonlijkheid, fitness-goeroe en allround theologisch hobbyist ook amateur-poezij-fanaat op zijn cv mag bijschrijven. Toen ik onlangs op de boekennacht te Amsterdam voorlas uit mijn essaybundel Rozijnennectar & Aardappelvocht (die overigens is genomineerd voor de BAF literatuurprijs van Mechelen) sprak Boomsma mij aan om mij  te complimenteren met mijn inhoudelijke essay over De Vrijmetselarij en de Illuminati.

Lees meer "Postmodern recenseren (5): Arie Boomsma" »

25 april 2011

Postmodern recenseren (4): Versindaba en van alles

Noot van de redactie: Olaf maakt een persoonlijke crisis door vanwege het overlijden van zijn hond Peter en de lopende rechtszaak daaromtrent tegen Duco Hondebrokken, dus het is een wat zwartgallige aflevering geworden, maar Olaf laat zijn lezers niet in de steek.

Om de bres te slaan in een aanvankelijke onbegrip van een gedicht zoek ik lukraak naar themagebieden waarin ik betekenissen en begrippen hanteer die ook geldig kunnen worden geacht. Olaf P. Schümaker, Berlijn 1945.

Beste lezers en Harry Kleinhoven. Ik dank u zeer voor de verschillende reacties op mijn vorige stuk. Ik denk dat het succes voornamelijk is te herleiden uit het feit dat een gedeelte uit dat stuk ontleend is aan mijn fabelachtige oratie die ik ooit eens gaf op de Universiteit van Almere (UvA), ergens in de jaren dertig. Door het grote succes die de kolomns op de Kontrabasch mij hebben gebracht voel ik mij zowaar een bekende Nederlander!! Soms tikken mensen mij dan ook op de schouder in een Xenos of een Christine le Duc en dan vragen ze aan mij: ‘Bent u soms Henny Vrienten?’ Als ik dan antwoord dat ik niet Henny Vrienten ben, maar Olaf Schümaker - schrijver van boeken zoals In de schaduw van het postmodernisme: circusverhalen zonder fabel maar met sujet, Pak me dan als je kan: het (post)modernisme als heuristische zweepslag en De kundigheid van de apartheid: een zinvolle classificatie - staan ze allemaal te trappelen als mishandelde kermisberen om mijn autograaf.

Onlangs is mij echter duidelijk geworden dat ik ook een bekende Zuid-Afrikaan ben geworden! Één van mijn stukken is namelijk behandeld op het Zuid-Afrikaanse weblog Versindaba (wat vrij vertaalt naar Ochtendvocht). Nu is Zuid-Afrika niet gelijk een land dat ik serieus neem, of ooit serieus genomen heb. Zo gebruik ik de bladzijden uit de werken van Ingrid Jonker al sinds jaar en dag voor het origamiklasje dat ik organiseer bij mij in het wooncomplex. Haar poëzie heb ik ooit eens als volgt omschreven in één van mijn beschouwingen die af is gewezen voor plaatsing in de Spits én de Metro.

Lees meer "Postmodern recenseren (4): Versindaba en van alles" »

12 april 2011

Postmodern recenseren (3): Vasalis en Ghadaffi

- Olaf Schumaker in de boeiende wereld van de Nederlandse poëzie, in internationaal perspectief -

Beste lezers. Allereerst mijn excuses voor het feit dat u een dag langer dan normaal heeft moeten wachten op een nieuwe beschouwing van mijn hand. Ik weet dat u stond te popelen als een jonge yorkshire terrier zou doen in het bos. Ik was echter geveld door een griepje, waardoor ik van moeder de vrouw in bed moest blijven liggen. Laat ik nu maar van wal steken.

Vasalis. Wat een naam! Nooit zou ik hebben gedacht dat deze naam een pseudoniem was. Ja beste lezer, u hoort het weer voor het eerst van onze goede Olaf! Vasalis is niet de echte naam van deze welbekende auteur, zoals alle grote werken zo stellig en aanhoudend beweren. Zelfs Kees Borgdorff – die in de lage landen en in sommige delen van Polen toch echt te boek staat als een echte Vasaliskenner – postuleert in zijn Corpus Magnus Ik, Kees Borgdorff  dat Vasalis gedurende haar carrière zo overduidelijk de media en aandacht opzocht, dat zij zich nooit achter de mantel van bescheidenheid zou kunnen verhullen.

Hoe kwam ik achter deze weerzinwekkende revolutionaire ontdekking die ongekende shifts in de paradigma's der poezij zal ontketenen? Dat vereist nadere uitleg. In mijn wooncomplex wordt sinds enkele weken een niet te magere internetcursus voor intellectuelen gedoceerd. Iets waar ik eerst een zeer angstvallige houding jegens had. Immers; ik luister alleen naar hoogleraren en docenten van Duitsche komaf, niet naar een jonge hond die met zijn kleivingers per toeval in een systeemkast van een personal-computer is gevallen. Maar door een goede vriend werd ik overgehaald, en ik ondervond dat mijn houding volledig ongegrond was! Ik werd namelijk gewezen op een prachtige website die de titel Wikipedia draagt. Dit concept is u als internetleek misschien volledig onbekend, maar het betreft een zeer uitgebreide encyclopedie, waar niets onvindbaar is! Zo heb ik laatst de gehele singlecollectie van Chris Isaac gevonden, terwijl mijn platenboer van hem geen enkele plaat heeft. Enfin: ik dwaal af.

Vasalis dus. Neemt u ter ondersteuning van mijn betoog even het bijgevoegde vel aantekeningen voor u, dat kunt u vinden door op de volgende link te klikken: Download Angst+ notities Olaf S.

Hier ziet u het gedicht 'Angst' uit de bundel Parken en Woestijnen, het gedicht bij uitstek natuurlijk waarin Vasalis aan Libië refereert. Dat komt alleen al naar voren in regel drie, waar een 'schorre kreet' ten tonele wordt gevoerd: dat is natuurlijk Muammar Gadafi met zijn raspende keelgeluid. De hoofdpersoon (we hebben inmiddels vastgesteld dat dat Muammar Qaddafi is) noemt een aantal angsten op. Zo is er de angst voor ''t donker', 'een feest' en 'mezelf'. Overduidelijk angsten die verwijzen naar de Libische Opstand, zoals die zich de afgelopen dagen in de media voltrokken heeft. We luisteren in dit beklemmend gedicht naar een angstige Muammar Quathafi die rondom hem de val van zijn imperium gestalte ziet krijgen. Dezelfde Mulazim Awwal Mu'ammar Muhammad Abu Minyar al-Qadhafi die ons even later verrast met de stoere opmerking: 'dat zijn nu angsten, die ik wel vertrouw'. 'Er is een ding gekomen,' zo laat Mu'ammar Qadhdhafi ons weten, 'dat ik boven alles vrees / en dat mij kan vernietigen; dat ik bedelf onder een vracht van [bommen, OS]'. Het Volk.

Lees meer "Postmodern recenseren (3): Vasalis en Ghadaffi" »

14 maart 2011

Postmodern recenseren met Olaf Schümaker (1)

- Vanaf vandaag twee maal per maand, afwisselend met A.H.J. Dautzenberg, een nieuwe rubriek: 'Postmodern recenseren met Olaf Schümaker'. Deze auteursnaam is een pseudoniem van twee wat oudere, door het leven getekende letterkundigen (m/v) uit het oosten van het land. Van welk land? Dat is voor u een vraag, en voor de redactie een weet. - 

Even voorstellen. Mijn naam is Olaf Schümaker. Als kind was ik al gefascineerd door taal, ik bedacht bijvoorbeeld zelf woorden. Zo ben ik de bedenker van het woord zdurf, een antoniem van tamelijk.

Mijn fascinatie met taal heb ik na mijn middelbare schooltijd te gelde gemaakt door naast mijn studie Nederlands in Leiden een blaadje uit te geven met poëzieanalyses, eveneens Zdurf geheten. Leidse studenten uit die tijd zullen zich dat blaadje vast nog wel herinneren.

In deze serie voor De Contrabas wil ik een aantal klassiekers uit de Nederlandse poëzie eens kritisch onder de loep leggen. Was Nijhoff eigenlijk wel zo pedofiel als iedereen altijd maar beweert? Kloppen de beweringen van Te Winkel wel over de vermeende anti-boeddhistische schaduwagenda van Lucebert? Uit mijn proefschrift, waarin ik het classicisme van Bloem aan de kaak stel (immers, door de afwezigheid van typografisch experimentalisme vestigt hij juist pregnant de aandacht op het typografisch experiment), is al gebleken dat ik een controversieel standpunt niet schuw. Sinds jaar en dag is de Contrabas de voorhoede van de polemiek in Nederland, en ik zal hier dan ook geen blad voor de mond nemen.

Het eerste gedicht op mijn literaire snijtafel is het beroemde vers van Toon Hermans, 'Je hebt iemand nodig'. Een betekenisvolle en qua sfeer uiterst relevante weergave van dit gedicht vindt u achter de volgende link:

Lees meer "Postmodern recenseren met Olaf Schümaker (1)" »

Uitgeverij De Contrabas

Cookies

De Contrabas maakt gebruik van cookies. Voor meer informatie Zie hier
.

Laatste reacties

Pageviews


Sinds 21 augustus 2005

Categorieën