Wij krasten onze namen in het zand
en later in onhandige tekens
op snippers papier,
fragmenten van kranten,
op het weggesmeten bordkarton
van andere levens
die ons groter leken
dan wij bevatten konden,
die niet werden omsloten
door hofjes met bemoste
tegels, bladderend houtwerk
de schelle stemmen
van eeuwig verkouden buurvrouwen
en het gepoch van
mannen in de ziektewet
met altijd wel een klus
om de moed erin te houden.
We hoorden van later en van geduld
en hoe de wereld zich zou openen
als we maar eenmaal echt schrijven konden.
Kees Klok

Mij spreekt dit erg aan, en vind het sterk. Toch denk ik dat het aan kracht wint door het in te korten, en witregels weg te laten:
de schelle stemmen van buurvrouwen
we hoorden van later en van geduld
en hoe de wereld zich zou openen
als we maar eenmaal schrijven konden.
Ik vind -verkouden, gepoch en ziektewet, niet passen bij het sterke gedicht. Die woorden maken het tijdelijk, terwijl de rest bijna abstract tijdloos is.
Het is misschien aanmatigend, maar ik schrijf het omdat ik het gedicht meer dan de moeite waard vind. Bedankt.
Geplaatst door: willem van de woestijne | 26 mei 2011 om 22:14
@ Willem. Goed opgemerkt. Het gedicht gaat nu redelijk mank aan polderitis, kan daar met de juiste ingrepen inderdaad bovenuit stijgen, wellicht daadwerkelijk universeel worden.
Geplaatst door: Harry J.M. Kleinhoven | 26 mei 2011 om 23:27
Ik ga grotendeels met je mee, Willem, alleen 'ziektewet' is essentieel, vind ik. Er wordt hier een tijdsbeeld geschetst, maar dat kan in mijn ogen zeker samengaan met een meer algemene zeggingskracht.
Met 'redelijk mank aan polderitis' kan ik helemaal niets. Op dat soort vaagheden zit ik niet te wachten.
Geplaatst door: Kees Klok | 27 mei 2011 om 11:07
Kees,maar je gaat toch terug in het verleden. Beschrijft hoe toen de wereld zich zou openen. Maar een kind kent het woord ziektewet toch nog niet. Misschien misschien. Hartelijke groet.
Geplaatst door: willem van de woestijne | 27 mei 2011 om 13:00
Nee, maar dat is wel essentieel om die mannen te beschrijven die wel zogenaamd ziek waren, maar ondertussen zich ongaans klusten, zoals de postbode, die ik in mijn boek 'En vooral: de gordijnen dicht' beschrijf. En ik wist al jong heel goed wat 'in de ziektewet zitten' betekende. Het is bovendien een terugblik.
Dank overigens voor je nuttige opmerkingen.
Geplaatst door: Kees Klok | 27 mei 2011 om 15:09
ik zou de zin: als we maar eenmaal echt schrijven konden weglaten, deze ontkracht het geheel, Hollandse zuinigheid
Geplaatst door: Glinsterlach | 06 juni 2011 om 18:35
@Glinsterlach, de laatste regel geeft juist kracht en hoop aan het geheel: een sterk contrast t.o.v. de daarvoor beschreven hollandse kleinheid. Daarom valt dit poëem
niet uit elkaar. Een voorbeeld van eenheid voor samenstellers van modieuze, hapklare brokken.
Geplaatst door: Kees Borgdorff | 05 juli 2011 om 21:30