Ineens bevond ik me op de bodem van het meer
Getallenkennis legde mij neer
op het bordje van euforie
Totaalbeleven
Jeugd die met fosfor niet is af te breken
Je hebt me beloofd
Toen je keek naar de kassajuffrouw
dat vrouwen uit deze contreien
uit marmer worden opgericht
Deze generatie is het priemgetal
Klikgrage kinderen van bindingsgemis
Is iemand op de hoogte dat het heelal nog single is?
Anouk Smies

Volkomen kletskoek!
Geplaatst door: Paul van de Wiel | 20 februari 2012 om 22:40
Er zitten een paar aardige vondsten in, maar het 'gedicht' rammelt aan alle kanten. De titel is ook erg lelijk. Als ik dit geschreven had, zou ik het zeker niet op het gedichtenforum zetten.
"Volkomen kletskoek" vind ik dan weer een leeghoofdige reactie. Alsof ieder gedicht volkomen kraakhelder moet zijn en van iedere ambiguiteit ontdaan.
Geplaatst door: Joost van Baalen | 21 februari 2012 om 09:51
Joost: noem dan eens een zinnige zin of een aardige vondst. Ik denk dat Anouk gewoon uit wil testen in hoeverre wij met die onzin meegaan. Nou niet, dus.
Geplaatst door: Paul van de Wiel | 21 februari 2012 om 09:56
Van 'bodem van het meer' naar 'fosfor' naar 'kassajuffrouw' - Anouk stuurt je in ieder geval, met of zonder een restantje logica, stevig op reis.
En ik hield toch al niet van Floortje Dessing... dus dan maar mevr. Smies...;-)
Geplaatst door: Hans van Willigenburg | 21 februari 2012 om 10:56
Bij de eerste keer lezen denk ik: abacadabra. Bij de tweede keer kan ik er iets meer mee, lees ik een soort aanklacht tegen deze moderne cybertijd. Het raamwerk van het gedicht ziet er onlogisch uit, de zinnen stokken. Het lijkt wel een knip en plak werk. Dan weer met een hoofdletter en dan weer niet. Heb je dat bewust gedaan? Opeens verschijnt er een personage in het gedicht met een belofte. Dat volg ik niet. Er zitten wel interessante zinnen in, 'jeugd die met fosfor niet is af te breken'. Onzin of geen onzin that's the question...
Geplaatst door: Rinske Kegel | 21 februari 2012 om 11:29
Zo onlogisch, ik kan er niets mee, geen zin spreekt me aan. Ik ben het volkomen eens met Rinske Kegel.
Geplaatst door: Rim Sartori | 21 februari 2012 om 11:51
De eerste zin is zo beloftevol, maar ik vind geen gebeurtenis op die bodem. Geen enkele. Klank? Rijm? Iets dat me raakt? Nee, niets.
Geplaatst door: ingrid strobbe | 21 februari 2012 om 12:02
Misschien kunnen jullie dit gesprek eens op een meta-niveau voeren? "Geen zin spreekt me aan" - dat is zo dun.
Geplaatst door: Chrétien Breukers | 21 februari 2012 om 12:03
Ik vind het juist geen abacadabra, ik kan met de voorzetten die ze doet prima aan de slag om betekenis te geven en iets te beleven. Heel diep en ver kom ik er vervolgens niet mee, juist omdat het me wat te duidelijk is. Ik zou zeggen, laat mij als lezer meer los of neem me meer bij de hand, nu is het nog een beetje de veilige tussenweg.
Geplaatst door: Niels van der Tuuk | 21 februari 2012 om 12:03
De laatste zin vind ik briljant. Alles daarvoor, titel incluis, zou ik weggooien. Een week naar die regel staren. En dan opnieuw beginnen.
Geplaatst door: Arjan Keene | 21 februari 2012 om 14:10
Ik vind deze zin interessant!
"Klikgrage kinderen van bindingsgemis"
Geplaatst door: Rim Sartori | 21 februari 2012 om 19:03
Probeer het eens... gewoon spreken over het gedicht... het moet kunnen.
Geplaatst door: Chrétien Breukers | 21 februari 2012 om 20:15
Ik heb mijn eerder gegeven mening over het gedicht proberen te vergeten en het nogmaals een paar keer gelezen. Het is geen hermetisch gedicht, eerder een symbolisch. Achter elke zin moeten we een betekenis zoeken.
"Ineens bevond ik me op de bodem van het meer"
Ze was zich plotseling bewust van haar alleen zijn. De kennis van het getal één gaf aanleiding tot euforie (blij dat ze alleen was.)
"Deze generatie is het priemgetal" Letterlijk: Deze generatie is deelbaar door zichzelf en door één. Dit is een eenzame generatie?
"Klikgrage kinderen van bindingsgemis." De generatie die graag over haar eenzaamheid praat?
"Is iemand op de hoogte dat het heelal nog single is?" Weten jullie wel dat het heelal ook single (alleen) is? Nou en? (trouwens, het is niet single, het wordt omringd door ontelbare heelallen.)
Geplaatst door: Paul van de Wiel | 22 februari 2012 om 00:03
De eenzaamheid der priemgetallen. Ik denk in die richting. De ik, de jeugd, deze generatie. Klikgrage kinderen, ik denk hier niet direct aan praten maar meer aan vingertjes die aan toetsjes blijven kleven.
Flarden van de eenzaamheid doorheen een tijdperk?
De beelden rollen over elkaar heen en ik kan ze niet aan elkaar lijmen.
Geplaatst door: Hanny van Alphen | 22 februari 2012 om 02:37
Dit gedicht is denk ik wat generatie gebonden, wellicht ook speelt dat in de duiding mee.
Het gezoek verbaast me alsnog wat. Men moet toch op de hoogte zijn, van deze generatie die alleen uit is op beleven, totaalbeleven liefst, op ervaringen. Die standbeelden van zichzelf bouwt, en aan de computer kleeft, om zoveel mogelijk communicatie te hebben, maar tegelijk lijdt aan angst voor bindingen, voor langdurige relaties?
Het woord single komt het meest voor op datingsites, een kruisje erachter of niet.
Men wil het heelal omarmen. Dat overigens ook nog single is. Misschien omringd door veel andere heelallen, single desalniettemin.
Het perfecte voorbeeld dus van zelfgeabsorbeerd zijn
Geplaatst door: Anouk Smies | 22 februari 2012 om 10:30
Sorry voor in eerste instantie te spontane beoordeling. IK vraag me trouwens af of de maakster er zo maar van uit kan gaan dat veel potentiële lezers De Eenzaamheid van Priemgetallen hebben gelezen.
Geplaatst door: Paul van de Wiel | 22 februari 2012 om 13:05
Wat trouwens ook in dit tijdsbeeld hoort is de 'cultuur van de snelle mening'. Of de 'iedereen is een expert'-cultuur.
Misschien zinnig daar een volgend gedicht over te schrijven?
Aan de hartklop van de actualiteit!
Geplaatst door: Anouk Smies | 22 februari 2012 om 13:27
of de cultuur van: ik weet het allemaal het best, ik ben de enige expert
Geplaatst door: Vera | 22 februari 2012 om 19:23
Die sluit naadloos aan bij de iedereen is een expert- cultuur.
Iedereen is de enige expert.
Geplaatst door: Anouk Smies | 22 februari 2012 om 19:56
Anouk, je mag me best bedanken voor mijn te snelle mening. Waarschijnlijk alleen daardoor is er zoveel aandacht aan je gedicht besteed.
Geplaatst door: Paul van de Wiel | 22 februari 2012 om 23:14
Maar zit Anouk dan ook in 't binnenst van haar ziel ten troon?
Geplaatst door: Peter Knipmeijer | 23 februari 2012 om 03:34
Beste Paul
Ik dank je voor je latere nuances. Dat vind ik heel oprecht
Anouk
Geplaatst door: Anouk Smies | 23 februari 2012 om 08:28
Na aansporing van de blogger des sites wil ik ook nog enige inhoud aan mijn bijdrage geven. Ik heb er inmiddels twee nachtjes over kunnen slapen, een eeuwigheid in dit digitale tijdperk natuurlijk, maar toch nog mijn duit in het zakje.
Ik schreef dat ik het gevoel had teveel op een middenweg te zitten met dit gedicht. Dat komt doordat ik de beelden die dit gedicht oproept niet krachtig genoeg aangevuld zie met de taal waarin het geschreven is.
De beelden op zich boeien me, daarvoor mijn complimenten. Zoals eerder geschreven, ze sturen me stevig op reis.
Het doet dat wel in een taal die heel direct naar die beelden verwijst. Het is plastisch door wat er opgeroepen wordt, niet door de manier waarop. Daar is nog veel winst te behalen. De taal mag meer contrasteren of aanvullen.
Kortom, de vorm is wat te mager, de vent (pardon) boeit me. In elk geval zal ik de volgende keer als ik de naam Anouk Smies tegen kom met interesse het geschrevene tot me nemen.
Geplaatst door: Niels van der Tuuk | 23 februari 2012 om 10:36
Niels van der Tuuk, dit vind ik een prachtige reactie. Best twee nachtjes sluimeren waard
Dank daarvoor
Anouk
Geplaatst door: Anouk Smies | 23 februari 2012 om 17:29
Anouk,
Ik zal ook proberen een iets inhoudelijker analyse te geven. Je gebruikt veel beelden, en veelal inventieve beelden. Ik zie dat ook aan gedichten van je op Krakatau. Je merkt ook hier aan wellicht te impulsieve reacties dat het kennelijk wel iets oproept.
Ik denk dat die heftige reacties worden opgeroepen door de intrigerende beelden, maar dan in samenhang met het minder logische raamwerk waarin je er mee strooit. Ik was zelf eigenlijk geïrriteerd, maar in die zin dat ik vond dat hier talent werd verkwanseld: alsof fraaie glas-in-lood ramen in een gammel schuurtje werden opgehangen.
Als je de eerste regel leest zie je een meer, maar later blijkt (achteraf eigenlijk) dat je daar 'meer' in de
betekenis van surplus mee bedoelt; bij een generatie die alles heeft, alles wil beleven, maar uiteindelijk - wild surfend door het leven - alleen blijft.
De derde regel werkt bij mij als een instant-cliché, terwijl het dat strikt genomen helemaal niet is. Het opgevoerde personage in de derde strofe komt hier inderdaad (Rinske zei het al geloof ik) uit de lucht vallen, maar wederom: er valt aan die strofe geen enkele logica te verbinden. En dat in de sfeer van getallenleer en priemgetallen; bewijslast willen we ;-) Ik denk dat je hier wellicht verwacht dat persoonlijke associaties ook bij een lezer een plaats krijgen. Dat is doorgaans niet het geval.
Het leidende idee, de thematiek, de beelden van priemgetallen en de laatste regel zijn prachtig. Maar m.i. verdienen ze een gedicht waar veel langer op gezwoegd is, en dat een logisch geheel is. (Een voorbeeld daarvan, vind ik jouw gedicht versnapering'.)
Met groet, Arjan Keene
Geplaatst door: Arjan Keene | 23 februari 2012 om 21:03
Arjan
Ook jij dank voor deze mooie, uitgebreide reactie
Ik laat hem diep bezinken. Iets erin treft me vast en zeker
Groet
Anouk
Geplaatst door: Anouk Smies | 24 februari 2012 om 09:35
Regels 1-5 zingen. Regels 6-9 doen dat niet. De laatste drie regels doen het dan weer wel. Ik vermei me niet de bewuste regels aan te passen, maar ik had graag het hele gedicht horen zingen. Dit is duidelijk een atypische commentaar hier, maar ik krijg het apezuur van al die beeldenstapelarij die tegenwoordig voor poëzie moet doorgaan. Precies daar lijden de regels in kwestie aan, en dat vind ik jammer: ze zijn niet in overeenstemming met de rest van het gedicht.
Geplaatst door: Gust | 01 maart 2012 om 15:33
Gust, ben je nu Gust Zonder Naam of ben je Mark Meulemans? Wij weten hier graag met wie we spreken.
Geplaatst door: Chrétien Breukers | 01 maart 2012 om 16:07