Colofon

Dit is weblog De Contrabas. Begonnen op 21 augustus 2005 door Ton van ’t Hof en Chrétien Breukers. Laatste bericht zal worden geplaatst op 21 augustus 2015, of ergens rond die datum. De weblog zal blijven bestaan, om de rijke archieven niet aan de digitale vergetelheid prijs te hoeven geven.

De redactie was in handen van Chrétien Breukers. De reactiemogelijkheid is gesloten, omdat de website niet ten prooi wil vallen aan eindeloze reeksen spam of aan reacties van notoire internettrollen. Mailen over de website kan aan decontrabas[at]hotmail.com

De boeken van Uitgeverij De Contrabas worden geleverd via Liverse, via CB of direct via Liverse. Eind augustus gaat de nieuwe website van uitgeverij De Contrabas, met bestelinformatie, online.

augustus 2015

ma di wo do vr za zo
          1 2
3 4 5 6 7 8 9
10 11 12 13 14 15 16
17 18 19 20 21 22 23
24 25 26 27 28 29 30
31            

« Door de ironie heen (24 en slot): H.H. ter Balkt, Remco Campert | Hoofdmenu | Gelezen boeken: Jan Vantoortelboom en Sander Kollaard »

11 maart 2015

Notities over poëzie (12): Onno Kosters

KostersvangstDe dichter is een klusjesman. Geen koe, hoewel hij soms goed kan herkauwen. En eigenlijk is de dichter ook geen klusjesman, want een dichter wordt niet per uur betaald. Soms krijgt een dichter wel ineens heel veel geld voor een gedicht, zoals Onno Kosters voor ‘Doe-het-zelf’, waarmee hij de Turing Nationale Gedichtenprijs won in januari 2013. Het is nu, licht gewijzigd, opgenomen in Vangst, zijn nieuwe bundel.

De dichter is iemand die zichzelf moet maken, gedicht na gedicht, voor ‘twaalf lezers en een snurkende recensent’. Dat gebeurt in dit gedicht letterlijk. Het lijk (dat de dichter is als hij niet schrijft) staat op van de plaats delict (een fijn woord, waar Gerrit Achterberg een beetje in mee gniffelt), raapt de stukken bij elkaar en verdomd, aan het eind: daar is hij dan: ‘Staat als een huis.’ 

Anders dan de klusjesman kan de dichter niet terugvallen op een bouwmarkt. Hij moet het doen met wat er, na het schrijven van zijn (voorlopig) laatste gedicht van hem overgebleven is, met het lijk dat de niet-schrijvende dichter is. Dat lijk raapt hij zorgvuldig bij elkaar, tot het weer helemaal is, het lichaam van de dichter. Kosters laat dit lichaam bekronen door een ‘hoofd vol hersens’, een poëticale uitspraak met grote gevolgen. Het hart wordt niet genoemd. Er wordt zelfs helemaal geen enkel orgaan genoemd, op die hersens na dus.

‘Doe-het-zelf’ is een poging tot definiëring, een gedicht over de dichter en het dichterschap. Het is mooi, maar wat is precies ‘mooi’, in de hedendaagse poëzie? Het onttrekt zich, goddank, aan de eeuwige verwondering die door zoveel bundels heentrekt, als een koude windvlaag door een oud huis, en dat is winst. Het gedicht is onbekommerd lyrisch, hoewel onbekommerd misschien het verkeerde woord is. Daarvoor lijkt Kosters zich te veel bewust van zijn eigen werkwijze - een mengeling van klankophoping en beeldendämmerung.

Laat ik het dan op mezelf betrekken, op mijn eigen smaak, want daar komt elke lezing van een gedicht of een bundel toch uit, vroeg of laat. Ik vind dit gedicht, om wat erin gebeurt en om wat de dichter heel listig, laag voor laag, opbouwt... nou ja, ontroerend. Het is een groot gedicht over dichterschap, een ode aan de poëzie en een plaatsbepaling waarin de dichter zichzelf niet ontziet. Veel meer hoef je gemiddeld niet te verwachten, van een gedicht. 

Doe-het-zelf

Na zichzelf met een witte lijn
te hebben omkrijt herrijst hij
van de plaats delict, hijst zich
stap voor stap in nieuwe voeten,
past zijn kuiten, dijen (als gegoten),
omgordt zich met een schaambeen
en een buik van genereuze omvang.

Stof daalt neer: zijn navel schudt hij uit

zijn middenrif, zijn twaalfde rib
schragen hart en longen die hij inslikt
uit het niets, zo zonder mond nog
zonder tong, alsof hij licht schiep
dat kortelings voorafging aan de zon.

Ontboezemt dan zijn borstkas, slaat
losjes zijn armen om zich heen, lijnt
zijn nek uit, stelt atlas en draaier aard-
en nagelvast. Staat als een huis.

Als kroon op het werk welt meesterlijk 
het ravissante hoofd. Hoofd vol hersens

hoofd aan barrels, waaruit hij ontstond.

Reacties

Julien Holtrigter

Ontroerend, zeker. Vrolijk Pasen alvast!

De reacties op dit bericht zijn afgesloten.

Uitgeverij De Contrabas

Cookies

De Contrabas maakt gebruik van cookies. Voor meer informatie Zie hier
.

Laatste reacties

Pageviews


Sinds 21 augustus 2005

Categorieën

Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...