Colofon

Dit is weblog De Contrabas. Begonnen op 21 augustus 2005 door Ton van ’t Hof en Chrétien Breukers. Laatste bericht zal worden geplaatst op 21 augustus 2015, of ergens rond die datum. De weblog zal blijven bestaan, om de rijke archieven niet aan de digitale vergetelheid prijs te hoeven geven.

De redactie was in handen van Chrétien Breukers. De reactiemogelijkheid is gesloten, omdat de website niet ten prooi wil vallen aan eindeloze reeksen spam of aan reacties van notoire internettrollen. Mailen over de website kan aan decontrabas[at]hotmail.com

De boeken van Uitgeverij De Contrabas worden geleverd via Liverse, via CB of direct via Liverse. Eind augustus gaat de nieuwe website van uitgeverij De Contrabas, met bestelinformatie, online.

augustus 2015

ma di wo do vr za zo
          1 2
3 4 5 6 7 8 9
10 11 12 13 14 15 16
17 18 19 20 21 22 23
24 25 26 27 28 29 30
31            

« Nina Cassian (1924-2014) | Hoofdmenu | Persverklaring n.a.v. ontbinden Martijn »

18 april 2014

Een camping in de Ardèche, Marnix Gijsen en Gabriel Garcia Márquez

263px-Gabriel_Garcia_Marquez,_2009Toen ik rond de twintig was, kampeerde ik wel eens. Nee, dat is een veel te actieve zin. Toen ging ik wel eens met mensen mee, die kampeerden. Ik herinner me een vakantie met twee vrienden in de Ardèche, midden jaren tachtig. De camping werd voornamelijk bevolkt door Nederlanders en Belgen. Disco vanaf 10 uur in de avond. Friettent 24 uur geopend. Tegenover ons resideerde de bezitter van een Harley Davidson uit Vlaanderen, die zich samen met een tweeling aan de geneugten van het buitenleven overgaf. ’s Avonds draaide hij tot tien uur, als het stil moest worden, luide muziek. Na tien uur trok hij zich met de tweeling terug in de tent en vulden zijn grommerige bevelen aan de twee vrouwen de atmosfeer.

Links iets naar voren in het pad woonden drie vriendinnen. Ook Vlaams. Meisjes die de hele dag boeken lazen en stokbrood smeerden. Overdag dronken ze uit reusachtige flessen mineraalwater, na vijf uur in de middag uit reusachtige flessen wijn, uit van die goedkope flessen die je in de hypermarché kocht, met azijnflesdoppen. Wat zou er meer vanzelf spreken, dan een innig contact tussen ons - drie jongens die net begonnen waren aan de universiteit - en deze drie meisjes uit het buurland? Niet veel, en toch kwam het niet zo ver, ondanks diverse pogingen van beide partijen. We hadden het hele diplomatieke spel van loven en bieden blijkbaar alle zes nog niet helemaal in de vingers.

De drie meisjes bleven de meeste tijd rond hun tent hangen. Daar zaten ze op van die blauwe slaapmatjes, gehuld in schattige kleren. En ze lazen. Veel Engelse pockets, en de mooiste van de drie (ze had bruin haar, een brilletje, en ze loenste, en toch was ze niet lelijk) las allerlei boeken van Marnix Gijsen, vooral De goede moordenaar herinner ik me. Toen ik haar vroeg waarom, zei ze: ‘Hij schrijft zo schoon.’ Dat is overigens waar, Marnix Gijsen schrijft schoon. Ik ben hem nadat ik thuiskwam die vakantie meteen gaan lezen. Dus kamperen is heus niet zo erg, en het levert soms wat op.

Op een dag zat ik ook voor de tent te lezen. Ik had geen zin meer in de hele dag dat gezwem in beekjes, zwembaden en zijrivieren. Ik had Kroniek van een aangekondigde dood net opengeslagen (dat boek had ik blijkbaar bij me) en las de beroemde eerste zinnen, die ik inmiddels ben vergeten. Het loense Vlaamse meisje bekeek me van afstand, verscholen achter weer een boek van de bebaarde Vlaamse grootmeester. Na een minuut of vijf kwam ze naar me toegelopen. ‘Hallo. Hoe ist?’ Het was de eerste keer dat ik kennis maakte met dat typisch Vlaamse ‘ist’, scherp uitgesproken, hoekig, en toch rond. Ze keek naar mijn boek, of nou ja, ze probeerde mjn boek te vangen met haar alle kanten opschietende ogen.

‘Goed?’ ‘Ik ben net begonnen.’ ‘Ja.’ ‘Het schijnt goed te zijn.’ ‘Zeker, alleen jammer dat hij de afloop meteen weggeeft.’ Ik vergat te lachen en het gesprek bloedde, andermaal, dood. Tien minuten later lazen we, tegenover elkaar in het pad, verder. Ik voelde me onuitsprekelijk droevig, zij het niet slecht. De dag erna reisden de meisjes terug naar hun vaderland. en zaten wij nog een week opgescheept met de bronstige motorrijder en zijn tweeling.

Reacties

Thomas

Schoon verhaal :)!

Laat een reactie achter

Reacties worden gemodereerd en zullen niet verschijnen op deze weblog voordat de auteur ze heeft goedgekeurd.

Cookies

De Contrabas maakt gebruik van cookies. Voor meer informatie Zie hier
.

Laatste reacties

Pageviews


Sinds 21 augustus 2005

Categorieën

Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...