Colofon

Dit is weblog De Contrabas. Begonnen op 21 augustus 2005 door Ton van ’t Hof en Chrétien Breukers. Laatste bericht zal worden geplaatst op 21 augustus 2015, of ergens rond die datum. De weblog zal blijven bestaan, om de rijke archieven niet aan de digitale vergetelheid prijs te hoeven geven.

De redactie was in handen van Chrétien Breukers. De reactiemogelijkheid is gesloten, omdat de website niet ten prooi wil vallen aan eindeloze reeksen spam of aan reacties van notoire internettrollen. Mailen over de website kan aan decontrabas[at]hotmail.com

De boeken van Uitgeverij De Contrabas worden geleverd via Liverse, via CB of direct via Liverse. Eind augustus gaat de nieuwe website van uitgeverij De Contrabas, met bestelinformatie, online.

augustus 2015

ma di wo do vr za zo
          1 2
3 4 5 6 7 8 9
10 11 12 13 14 15 16
17 18 19 20 21 22 23
24 25 26 27 28 29 30
31            

« januari 2014 | Hoofdmenu | maart 2014 »

februari 2014

28 februari 2014

Yvonne van Oort, een naam om te onthouden (2)

Familie-van-oortNa dit artikel is er weer van alles gebeurd, in boekenland. Maar Yvonne van Oort woont in een rijk waar de zon nooit ondergaat. Yvonne van Oort? Wie? Oh die ja. Haar CV, een woeste draaikolk van begerenswaardige bestuursdingen, vermeldt allerlei functies, onder meer bij ECI, Polare en het Centraal Boekhuis... en bij Unieboek. Welnu. Op de website van Boekblad stond vanochtend het volgende, waaruit blijkt aan welk tapijt er achter de schermen wordt geknoopt, een tapijt waaraan Yvonne driftig mee heeft gewerkt:

Novamedia, sinds begin deze maand de nieuwe eigenaar van zowel boekenclub ECI als de uitgeverijen Nieuw Amsterdam en Wereldbibliotheek, is in de race voor Polare Amsterdam, voorheen boekhandel Scheltema.

‘Het is vrij vers’, bevestigt directeur communicatie Martijn van Klaveren van Novamedia het gerucht dat ECI interesse heeft in Polare Amsterdam. ‘We hebben inderdaad contact gezocht met de curator. Wij hebben ECI en uitgeverijen Nieuw Amsterdam en Wereldbibliotheek gekocht vanuit een heilig geloof in de liefde voor het lezen. Wij geloven helemaal niet dat die liefde voor het lezen vermindert. Bij de medewerkers van ECI zien we een grote passie voor lezen. De medewerkers zijn een gids in boekenland. Die liefde die wij bij ECI zien is dezelfde liefde als die wij zagen bij het oude Scheltema. Wij kunnen ons voorstellen dat dat de winkel aan het Koningsplein echt een flag ship store voor ECI wordt. Scheltema –powered by ECI misschien? Maar het is allemaal nog vrij vers. Hoe het verder gaat weten wij  niet. De curator onderzoekt momenteel de mogelijkheden tot verkoop en wij hebben ons gemeld als geïnteresseerde.’

ECI is afgelopen week verhuisd naar Houten, naar een vleugel in het pand aan de Papiermolen, waar ook uitgeverij Unieboek|Het Spectrum is gevestigd. In dat pand was ruimte door de reorganisatie bij Unieboek | Het Spectrum ruimte vrijgekomen.  Sinds 3 februari bekend werd dat Novamedia, eigenaar van onder andere het Postcode Loterij-format, ECI overgenomen heeft, gaat het allemaal als een razende, vertelt ECI-directeur Hubert de Koning. ‘Op 6 februari  waren alle e-boeken weer leverbaar en op 5 februari alle 80.000 titels. Die worden nu geleverd via CB. ‘We zijn de afgelopen weken overgestapt op nieuwe systemen’, aldus De Koning, ‘de Klantenservice wordt nu gedaan bij SNT in Amsterdam. Die zijn van 9-21 uur bereikbaar en ook op zaterdag. En nu is de eerste uitdaging om snel weer muziek en film geleverd te krijgen. Dinsdag liggen de eerste gidsen weer bij de leden op de mat.’

Op de vraag hoe de nieuwe ECI-eigenaar Novamedia bevalt barst De Koning uit in grote loftuitingen. ‘Novamedia is een super bedrijf, echt fantastisch. Twee weken geleden was ik op het Goed Geld Gala. Het is werkelijk een warm bad wat je daar meemaakt. Hun idee is dat we op aarde zijn om de wereld beter te maken. Boudewijn Poelmann was ooit bij Novib verantwoordelijk voor de fondsen en ledenwerving. Na die tijd heeft hij bedacht dat ze door middel van een loterij inkomstenstromen konden genereren waarmee je structureel goede dingen kunt doen. Daaruit is onder andere de het Postcode Loterij-format voortgekomen. Die loterij steunt inmiddels 90 goede doelenorganisaties met meer dan 300 miljoen euro per jaar.’

(...)

Voorpublicatie ‘Een zoon van Limburg’: Carnaval

Omslag Zoon van LimburgOp 27 maart verschijnt Een zoon van Limburg, verhalen uit mijn diaspora, bij Uitgeverij Marmer. Omdat het bijna carnaval is, een toepasselijke voorpublicatie. Het hoofdstuk:

Carnaval

De carnavalsgroet (rechterhand als in een gekruist saluut niet naar de rechterslaap maar, in een diagonaal voor het hoofd langs, naar de linkerslaap gebracht), driemaal achter elkaar voltrokken onder het roepen van het woord ‘alaaf’, vormt een mysterie dat mij al meer dan dertig jaar bezighoudt. Waarom doen volwassen mensen dat, tijdens carnaval?

Het is het negatief van het saluut dat soldaten uitbrengen, en daarom ludiek, maar er gaat tegelijkertijd een dreiging van uit: ‘Lach of ik schiet.’ Volwassen mensen die drie dagen lang, of langer, in deze handbeweging volharden, zijn humoristisch en eng tegelijk.

Als er één raadsel is dat me mijn hele jeugd heeft beziggehouden, dan is het wel dat merkwaardige feest, en die merkwaardige groet. Volwassen mensen, die door het jaar heen normaal doen, veranderen drie dagen van het jaar in, ja, in wat? In mensen die ánders doen.

Lees meer "Voorpublicatie ‘Een zoon van Limburg’: Carnaval" »

27 februari 2014

Gelezen boeken: Aristide von Bienefeldt

Tzum-reeks-12_135x210De avonturen van mijn rode flesje is het eerste boek dat ik van Aristide von Bienefeldt lees. Ik denk dat ik mezelf daarmee tekort heb gedaan, want mijn lectuur was een hele belevenis. Von Bienefeldt schrijft in dit eerste deel uit de Tzum-reeks, net als Erik Nieuwenhuis in deel 2, een roman die vele malen interessanter is dan de gemiddelde roman die verschijnt; dat is zo omdat de ‘losse vorm’ van de kronieken, net als de columns van Nieuwenhuis, heel goed werkt in een ‘groter geheel’. Juist het onnadrukkelijke schept een geheel dat beter is dan eh... nou ja. Die losse stukken werken samen heel goed.

Von Bienefeldt betoont zich in dit boek van alles, en nog wat. Een beetje vals is hij, soms, of ongehoord opgewekt, of heel precies in zijn manier van zeggen; allerlei stemmingen en toonhoogten passeren de revue. Het rode flesje, de hoofdpersoon in deze kronieken, die samenvalt met Von Bienefeldt zelf, want flesje en schrijver zijn, net als de Heilige Geest, één en ondeelbaar, zij het wel Twee Personen, is een goede, ik zou bijna zeggen: gouden greep. Aan dit flesje is werkelijk alles op te hangen, dit flesje is dan eens gevuld met vitriool, dan weer met fijne drank, en een derde keer met... water.

Nu ja. 

Wat is De avonturen van mijn rode flesje eigenlijk voor een boek? In de eerste plaats: een bundeling van de ‘kronieken’ die Von Bienefeldt schreef voor Tzum. Daarnaast is het dus een roman, net als die van Nieuwenhuis, een roman in kronieken. Voorts is het een bundeling pamfletten; tegen de onteigening van een familiehuis, tegen homofobie, tegen wansmaak. Los van de vraag of het, bijvoorbeeld, zin heeft om homofobie strafbaar te stellen, waarvoor Von Bienefeldt pleit, is het een hartverwarmende verzameling teksten, - met een inzet geschreven die (maar nu wordt mijn plaat een beetje grijs) al te zeldzaaam is.

Dat dit boek verschijnt in een reeks die bij een website hoort, een website die net als De Contrabas nagenoeg ongesubsidieerd moet voortbestaan, zegt genoeg. Het initiatief komt niet van andere literaire sites, en komt zeker niet uit de koker van luchtfietsers die het literaire esthablishment onder handen denken te nemen. De literatuur lijkt met dit soort initiatieven definitief een niche te zijn geworden, een markt die intern wezenlijk anders is georganiseerd dan, zeg, twintig jaar geleden.

Maar daar wilde ik het niet per se over hebben. Ik wilde spreken over dit fraaie boek, van Aristide von Bienefeldt. Een boek dat elke literatuurliefhebber nu moet kopen. Of lenen. Of aan iemand ontfutselen. 

26 februari 2014

Waardenvrije wetenschap met De Arbeiderspers

WillieVandaag kreeg ik een herinneringsmail van Maritza Smit. Of ik de enquête al had ingevuld. Enquête? Graafwerk in mijn mailbox leverde dit op:

Geachte recensent,

Bij deze wil ik u vriendelijk vragen om mee te werken aan een enquête over het belang van literair imago bij uitgeverijen, in het bijzonder De Arbeiderspers.

De enquête bestaat uit tien vragen en zal een minuut of vijf in beslag nemen. Het onderzoek zal worden gebruikt voor mijn masterscriptie en is uiteraard geheel anoniem.

De vragen zijn in samenwerking met De Arbeiderspers (Nathalie Doruijter, hoofd marketing) en de Universiteit van Amsterdam (Lisa Kuitert, hoogleraar Boekwetenschap) opgesteld.

Naast dat u mij helpt aan interessante onderzoeksdata, geeft u literaire uitgeverijen een duidelijk beeld over hoe zij hun fonds in deze huidige, moeilijke tijd kunnen blijven optimaliseren. Ik hoop daarom van harte dat u de tijd wilt nemen om via de volgende link de vragen te beantwoorden. Bij voorbaat heel veel dank voor uw moeite! 

Met vriendelijke groet,

Maritza Smits
Masterstudent Cultureel ondernemen in het Boekenvak, UvA.

Deze masterstudent werkt (en mailt) met een mailadres van De Arbeiderspers, maar studeert aan de UvA. Ze bedrijft dus geheel waardenvrije wetenschap. En wordt door De Arbeiderspers geëxploiteerd ingezet voor marketingdoeleinden. Een win-win-situatie. Of het allemaal iets oplevert? Ik weet het niet, maar de vragen die Maritza Smits stelde, zijn niet bemoedigend.

Eerst was ik van plan om de vragen per mail te beantwoorden, lekker uitgebreid en sarcastisch; maar dat is helemaal niet nodig. Die vragen zijn hun eigen sarcasme. Dus als mijn lezers ze willen invullen, in mijn plaats, nogmaals: ga uw gang. Ze staan hier. Ik heb wel een idee hoe De Arbeiderspers haar imago als literaire uitgeverij kan verbeteren: door af en toe eens een leuk literair boek uit te geven. Gratis advies! Graag gedaan.

25 februari 2014

Mark Cloostermans over het Vlaams Nationalisme

Op zijn weblog zet Mark Cloostermans drie recente romans waarin het Vlaams Nationalisme een rol speelt, bij elkaar. Hij begon met Pjeroo Roobjee’s boek De zomer van de neusbloedingen. Die bespreking staat hier. Een citaat:

Het Vlaams-nationalisme heeft niet alleen in de werkelijkheid een fikse comeback gemaakt. Ook in de literatuur is het helemaal terug. In de nieuwe Pjeroo Roobjee is de hoofdpersoon in de ban van de Leider, ene Bernard Sioen, die droomt van ‘een van volksvreemd, oosters gebasaneerd gespuis ontluisd Vlaanderen mijn land’. En in de laatste roman van de betreurde Thomas Blondeau roept een West-Vlaams gehucht de onafhankelijkheid uit -- maar daarover morgen meer op deze blog. 

Inmiddels staat die bespreking ook online en wel hier. Het wachten is op het sluitstuk.

[26.2] Dat inmiddels is verschenen en gaat over Astronaut van Oranje van Andy Fierens en Michaël Brijs. ‘Geen afgeborstelde of intellectuele scifi, dus, maar avontuur met subversieve rafeltjes. Astronaut van Oranje is een volwassen windstoot door de Vlaamse literatuur en rukt en passant aan de vele luiken en oogkleppen van de Vlaamse culturele burgerij. Hi-fucking-larisch.’

24 februari 2014

Waarom ik het boek [Saboteur] van [Marte Kaan] niet recenseer

MartekaanVeel Nederlandstalig proza heeft iets weg van een uitgeschreven strafoefening. Veel proza in een andere taal ook, maar daar weet ik minder van. Om deze strafoefening draaglijk te houden, wordt er geschermd met woorden als ‘verwondering’, ‘ontluisterend’ of, en daar wilde ik in dit geval heen, ‘broeierigheid’. Saboteur van Marte Kaan wordt opgeluisterd met een aanbeveling van Arnon Grunberg, die meldt: ‘Wie licht vervreemdende broeierigheid zoekt - en wie zoekt dat niet? - leest Marte Kaan.’

Toegegeven, ‘licht vervreemdende broeierigheid’ is iets waar we als lezer soms naar zoeken, of naar snakken, of naar verlangen. Als opmaat, bijvoorbeeld, voor het echte werk. Voor de echte vervreemding. Of niet natuurlijk. Nou ja, het is een citaat van een beroemde schrijver, bedoeld om een boek een opkontje te geven. Helemaal serieus hoeven we die tekst niet te nemen. Grunberg heeft gewoon een aardig zinnetje geleverd, op verzoek. Dat is vriendelijk van hem.

Lees meer "Waarom ik het boek [Saboteur] van [Marte Kaan] niet recenseer" »

Maarten 't Hart voor de P.C. Hooft-prijs

Gisteren zag ik op de Facebookpagina van Ardjan Noorland, een van de grondleggers van het Nationaal Documentatiecentrum Maarten ’t Hart, leuke foto’s van een optreden van ’T Hart, samen met Onno Blom en Franca Treur. Een ervan staat hieronder; ik dank Noorland voor de toestemming tot overname.

Die foto’s deden mij denken aan het grote onrecht dat ’T Hart als auteur heeft getroffen: hij is bijna stelselmatig overgeslagen door jury’s. Op zich is dat, als je bekijkt door welke droogstoppels de gemiddelde jury wordt bevolkt, geen wonder, maar vreemd is het wel: een rijk oeuvre als dat van ’T Hart is met alleen de Multatuliprijs en de Gouden Strop karig bedeeld.

Het wordt tijd voor de P.C. Hooft-prijs. Als die kan gaan naar Bernlef of H.C. ten Berge, dan mag Maarten ’t Hart ook wel een keer!

Maartenthart

23 februari 2014

Schrijvers lezen ook (18): J.M.A. Biesheuvel

In navolging van Ernest Hemingway laat Nick Muller op de website van HP/DeTijd een twintigtal schrijvers de komende tijd een lijst maken van boeken die we moeten lezen, als we ze nog niet gelezen hebben. Remco Campert was de eerste die aan bod kwam. Joost Zwagerman en Kees 't Hart volgden hem op, gevolgd door een van de twee Heerma van Vossen, A.L. Snijders en Hanna Bervoets. Bertram Koeleman en Christaan Weijts haakten aan en Jan Siebelink was ook een keer de knieler van dienst, net als Nelleke NoordervlietElvis Peeters en Oek de Jong. Joost de Vries leverde zijn lijstje nog eerst niet en toen wel in. Abdelkader Benali, de man die in Hans Teeuwen een Jihad-strijder ziet, kwam aan de beurt, net als Manon Uphoff die vurig vertelde over haar voorkeuren. Mooi is haar opmerking: ‘O, en Nabokov en Karel v/h Reve hebben ongelijk over Dostojevski.’ Inmiddels zijn Jan - Flipstand - Cremer en Ronald Giphart langsgekomen (hier en hier). Vandaag  is Maarten - J.M.A. - Biesheuvel de sjaak. Hij schrijft een mooie brief aan Muller:

De-handgeschreven-leeslijst-van-J.M.A.-Maarten-Biesheuvel-voor-Nick-Muller-HP-DE-Tijd-2014

Leo Vroman met cliché's gebombardeerd door Piet Gerbrandy

ClichePiet Gerbrandy is het oliemannetje van de Nederlandse poëzie. Altijd als er een cliché, over experimentele poëzie, over geëngageerde poëzie, over ‘overbodige poëzie’ (Piet is gek op het bijvoeglijk naamwoord overbodig, dat gebruikt hij voor alles wat hem niet bevalt), moet worden uitgezweet, komt Piet tevoorschijn, als een Zombie tijdens de ontknoping van een Zombiefilm.

Piet heeft ook een in memoriam voor Leo Vroman getypt. Deze wat zoete, soms geniale, meestal nogal woordspelerige dichter, is namelijk begonnen aan zijn grote tocht richting de eeuwigheid. Een eeuwigheid, waarin hij voornamelijk zal worden herdacht als de dichter van een of twee prachtige verzen, tegen een achtergrond van gerijmel. Ja, ik doe hem tekort, nu. Maar misschien had ik dan gewoon moeten zeggen: ik hou niet zo van Vromans werk (al vind ik het wel heel goed).

En wat Piet typt, is erger dan erg. Is meer cliché dan candle light of Toon Hermans samen. Lees maar, het staat online op de website van De Gids. Veel niet-beklijvend gemurmel over intimiteit, over de grote productie van de vereerde aflijvige... al moet hij aan het eind nog even katten. Want de houdbaarheid van Vroman is natuurlijk niet zo intens als die van Piets werk...

Nou ja. Wat een tijd. Een tijd waarin het oliemannetje een lichtgevende kaars het graf mag inpraten...

22 februari 2014

Een zoon van Limburg moet weten hoe de Korenwolfjes lopen

KorenwolfWie in Maastricht wil voorlezen, hoeft niet te rekenen op de steun van de zelfstandige boekhandel en zal altijd rekening moeten houden met Prins Wiel I. Professor Doctor Wiel Kusters is de spin in het web die alle leven uit het letterkundige leven in Limburg zuigt. De ‘zelfstandige’ boekhandel loopt met hem op. (Lees mijn wekelijkse kroniek op De Dagelijkse Standaard.)

Binnenkort verschijnt mijn prozadebuut, getiteld Een zoon van Limburg, bij uitgeverij Marmer. Het is merkwaardig dat je op je achtenveertigste nog kunt debuteren, maar het kan, zelfs als je al een jaar of twintig publiceert - je moet gewoon steeds een ander genre kiezen, dan debuteer je aan de lopende band. Omdat ik het boek een stralende toekomst gun, werkte ik, samen met mijn uitgever, aan een lijst optredens in Limburg, mijn achter- en thuisland.

Een van de steden waar ik zeker wilde voorlezen, is Maastricht. En wie Maastricht zegt, zegt Boekhandel De Tribune, de zelfstandige parel aan de boekenkroon, gevestigd aan de Kapoenstraat, iets terzijde van het Vrijthof. De eigenaar, Robert-Jan Wesley, stond in eerste instantie welwillend tegenover een lezing. Tot hij hoorde wie ik mee wilde nemen naar Maastricht: A.H.J. Dautzenberg. Provinciegenoot. Collega.

Lees meer "Een zoon van Limburg moet weten hoe de Korenwolfjes lopen" »

Uitgeverij De Contrabas

Cookies

De Contrabas maakt gebruik van cookies. Voor meer informatie Zie hier
.

Laatste reacties

Pageviews


Sinds 21 augustus 2005

Categorieën