Colofon

Dit is weblog De Contrabas. Begonnen op 21 augustus 2005 door Ton van ’t Hof en Chrétien Breukers. Laatste bericht zal worden geplaatst op 21 augustus 2015, of ergens rond die datum. De weblog zal blijven bestaan, om de rijke archieven niet aan de digitale vergetelheid prijs te hoeven geven.

De redactie was in handen van Chrétien Breukers. De reactiemogelijkheid is gesloten, omdat de website niet ten prooi wil vallen aan eindeloze reeksen spam of aan reacties van notoire internettrollen. Mailen over de website kan aan decontrabas[at]hotmail.com

De boeken van Uitgeverij De Contrabas worden geleverd via Liverse, via CB of direct via Liverse. Eind augustus gaat de nieuwe website van uitgeverij De Contrabas, met bestelinformatie, online.

augustus 2015

ma di wo do vr za zo
          1 2
3 4 5 6 7 8 9
10 11 12 13 14 15 16
17 18 19 20 21 22 23
24 25 26 27 28 29 30
31            

« A.F.Th. van der Heijden (en Grunberg) | Hoofdmenu | Nog even: Harry Mulisch en zijn kroonprins - Van der Heijden versus Zwagerman »

25 mei 2013

Verzonnen of gebeurd, dat doet er in de literatuur steeds minder toe, maar de tijd en bad continuity wel

Het drama is een list. Onder die titel staat deze week het essay dat Daan Stoffelsen als Waarschuwingen, ravijnen en ziekenhuisgebouwen inzond voor de Jan Hanlo Essayprijs Klein - een prijs die hij deze week won - in De Groene Amsterdammer. 

In dat essay gaat Daan Stoffelsen - en nu parafraseer ik zijn woorden, zoals uitgesproken tijdens een interview met Hans Smit op de avond van de uitreiking van de prijs - de literatuur te lijf via het fenomeen ‘het ongeluk’. Hij onderzoekt hoe schrijvers ongelukken - vaak maar niet altijd met dodelijk afloop - beschrijven en hoe zij het geduld van de lezer op de proef stellen door de tijd tussen de aankondiging van een ongeluk, het ongeluk zelf en het prijsgeven van de afloop - vandaar de oorspronkelijke titel - te rekken.

Het drama is een list, tot dat besef kwam Daan Stoffelsen dankzij dit onderwerp. Het had ook een ander, maar misschien niet elk willekeurig ander onderwerp kunnen zijn. Want uiteindelijk gaat zijn essay Het drama is een list / Waarschuwingen, ravijnen en ziekenhuisgebouwen over de ontoereikendheid van het waarheidsgetrouw beschrijven.

‘Maakt het uit of het avontuur is of de werkelijkheid? Of het waargebeurd is of slim ingepast? (…) Nee. Wel: het lef van een schrijver om schema’s [of Daan Stoffelsen met ‘schema’ grondplan van een verhaalsoort of de persoonlijke plattegrond die de schrijver tijdens het schrijven gebruikt bedoelt weet ik niet. Hij licht het begrip niet toe maar gebruikt het wel vaak, lw] om te gooien. Wel: de wil om de werkelijkheid en het fatsoen te offeren voor het hogere doel. Wel: de noodzaak tot meer­duidigheid. Wel: de intentie om van het vervlakte woord drama terug te keren naar de bron ervan: een veelheid van stemmen in een chaotisch verloop van gebeurtenissen.’

Maar alle ‘trucjes’, invallen en identificatie ten spijt, als de lezer geen tijd gegund wordt, werkt het niet. De lezer moet de tijd hebben om de (ernst van de) situatie tot zich door te laten dringen en daarop te reflecteren. Die tijd hoeft hij overigens niet per se van de schrijver te krijgen, ook de omstandigheden kunnen meewerken (denk aan de tijd tussen de ene en de andere aflevering in het geval van een feuilleton) - en, en dat teken ik hierbij aan - een lezer kan eventueel ook (on)eigen(lijke) cliffhangers creëren. 

Daan Stoffelsen komt op basis van - zo komt het althans op mij over - te hooi en te gras verzamelde voorbeelden tot de volgende conclusie. ‘Het gaat om de ruimte voor tegenstrijdige verwachtingen: emotioneel, esthetisch, moreel, vooral moreel. Het gaat om het ondanks of dankzij verleid worden door te lezen.’

Toen ik het essay gelezen had, vroeg ik mij af aan het antwoord op welke door de literatuur ingegeven vraag Het drama is een list /Waarschuwingen, ravijnen en ziekenhuisgebouwen bijdraagt. Want er klinken echo’s in door, alleen wist ik niet meteen welke. 

Overeenkomsten zag ik wel meteen. Ik moest tijdens het lezen van Het drama is een list / Waarschuwingen, ravijnen en ziekenhuisgebouwen onmiddellijk denken aan Tiemen Hiemstra, één van de genomineerden voor de VPRO Bagagedrager. De reis die hij gemaakt zou hebben als hij gewonnen had - want dat is de idee achter het stipendium dat de VPRO Bagagedrager is – zou Tiemen Hiemstra naar de Pyreneeën gevoerd hebben, waar hij op zoek wil naar sporen van zijn opa Frederik ‘Fake’ Hiemstra, die daar in 1973 verdween tijdens een wandeling.

Zelf is zijn opa nooit in de Pyreneeën geweest, laat staan dat hij daar tijdens een wandeling in een ravijn – hé ravijn, zal Daan Stoffelsen nu denken als hij dit leest - gestort is, maar dat doet er volgens Tiemen Hiemstra niet toe.

Niet of het echt gebeurd is telt, maar of een verhaal je raakt en verontrust, zegt hij in de minuut die hij heeft om zijn idee in een lift te pitchen. Dat klinkt als ‘Niet alleen omdat er iets ingrijpends gebeurt, maar omdat een schrijver het laat gebeuren. Niet omdat het gebeurt, maar om hoe het gebeurt’, een zin uit het essay van Daan Stoffelsen.

Voor het verhaal maakt het niet uit of het verzonnen of gebeurd is. Het zal het verhaal een zorg zijn.

(denk- en leespauze, een halve dag)

Alleen: waar het de auteur was die bij een sleutelroman of een autobiografisch verhaal bewust een link legde tussen gebeurd en verzonnen, is het tegenwoordig de lezer die bepaalt of - en vaker nog dat - dat verband er is. Ook als dat verband er niet is. En dat maakt wel uit.

Waar Daan Stoffelsen tot de ontdekking komt dat drama een list is - dankzij die list overheerst het werkelijke niet en kunnen lezers zich overgeven aan het verhaal - en het tot hem doordringt dat het realisme toeneemt naarmate een schrijver de kunst van het variëren op een thema beter beheerst - wat zijn leeservaring weer ten goede komt - doet dat - het vermogen om een verhaal boven het werkelijke dat er wellicht aan ten grondslag ligt uit te tillen - er voor heel veel lezers al lang niet meer toe.

Er zijn lezers die vooral een glimp, liefs meer, van het werkelijke op willen vangen.
Er zijn lezers die vergeten dat de kracht van een goed verhaal schuilt in het kunnen doen vergeten van het werkelijke.
Dat zijn lezers die om heel andere redenen romans lezen dan Daan Stoffelsen en ik.

Van die lezers mag je niet verwachten dat zij zich realiseren dat er ook schrijvers zijn die lezers bewust in de waan van het werkelijke laten. Die willens en wetens verwijzen naar het werkelijke terwijl de lezer na afloop van een boek werkelijk niets wijzer is geworden over het leven van de schrijver ook al komt die ook nog onder zijn eigen naam in zijn boek voor.

Het is nog te vroeg om deze ontwikkeling definitief te duiden en in een historisch en cultureel perspectief te plaatsen met het oog op een overzichtelijke literatuurgeschiedenis. Voorlopig volstaat het om te constateren dat het niet alleen de schuld van die lezers - en sommige schrijvers - is dat zij van het lezen van literatuur een spelletje hide-and-seek maken.
Het enige zinnige dat er nu al over te zeggen valt, is dat de scheidslijnen tussen gebeurd en verzonnen niet alleen in de literatuur steeds meer wegvallen. Kijk naar de televisie waar soaps, docusoaps, realitytelevisie en scripted reality voor vergelijkbare verwarring zorgen.

Ik denk dat ik me heb vergist. Het essay van Daan Stoffelsen draagt niet bij aan een antwoord op een door de literatuur ingegeven vraag. Ik werd door het lezen van Het drama is een list / Waarschuwingen, ravijnen en ziekenhuisgebouwen herinnerd aan een kwestie die mij al een hele tijd bezighoudt, maar die ik nog nooit in de vorm van vragen onder woorden gebracht heb. Vragen die te maken hebben met het de invloed van de tijd die verstrijkt als je niet in staat bent om een boek in een keer uit te lezen op de waardering van het gelezene.

Hoe komt het bijvoorbeeld dat ik als ik na een gedwongen onderbreking de draad van het verhaal oppak op de bladzijde waar ik was gebleven maar zelden weer net zo enthousiast word over een verhaal als ik daarvoor was? En: hoe komt het dat het inschatten van de kans dat ik een roman net niet uit zal krijgen (meestal scheelt het maar een, twee of drie bladzijden) - omdat ik voor dat einde op de plaats van bestemming zal aankomen of omdat ik echt iets anders moet gaan doen - invloed heeft op het lezen en op mijn perceptie van de laatste bladzijden direct voor en na die break, en daarmee dus op de receptie van het hele boek? 

Dit moeten stoppen op plaatsen in het verhaal die dat eigenlijk niet toestaan - daarin verschillen ze van de goed getimede onderbreking die we kennen onder de naam cliffhanger - lijkt bij mij iets te bewerkstelligen dat te vergelijken is met het effect van wat ze in de film ‘bad continuity’ noemen.

(denk- en leespauze, twee uur)

Door de hinderlijke beeldsprongen - laat ik ‘bad continuity’ maar even zo omschrijven - verslapt mijn aandacht en raak ik de grip op het verhaal kwijt. Tegen de tijd dat ik mezelf weer een beetje bij elkaar geraapt heb, is het verhaal zo ver gevorderd dat ik de aansluiting definitief gemist heb.

Preciezer kan ik het niet formuleren. Als ik het lezen vlak voor het einde van een verhaal moet onderbreken, slaag ik er daarna niet meer in om het verband tussen alles wat er aan vooraf ging en de ontknoping/afronding als een vloeiend geheel te ervaren. Ik weet dat je terug kunt bladeren en ergens anders, desnoods ver voor het punt waarop je gestopt bent, opnieuw kunt beginnen, maar dat helpt niet. Het enige dat helpt is ruim op tijd stoppen en niet koste wat kost proberen een roman toch nog uit te lezen, zodat er nog genoeg te lezen over blijft om dat opgejaagde gevoel dat volgens mij verantwoordelijk is voor die dissociatie kwijt te raken.

Maar daarmee is de vraag hoe het komt dat ik na een leesonderbreking - meer specifiek na de eerste onderbreking - nooit meer het aanvankelijke enthousiasme voor een boek kan opbrengen (zo voelt het) nog niet beantwoord. Zelf vermoed ik dat dat iets te maken heeft met het verstoren van het evenwicht tussen de spanningsboog van het verhaal en mijn concentratieboog. Was het niet Ian McEwan die zei een voorkeur te hebben voor relatief dunne romans omdat je die in een keer uit kunt lezen? En zou zijn voorkeur voor dunne boeken iets te maken kunnen hebben met mijn vraag?

(pauze: College Tour kijken, gast: A.F.Th. van der Heijden)

Daan Stoffelsen heeft het over de listen die schrijvers verzinnen om de lezer te overtuigen en bij de les te houden. Om het werkelijke levensecht te laten zijn.

Maar de schrijver krijgt concurrentie van de omstandigheden waaronder de lezer leest. De kans bestaat dat zijn vakmanschap het aflegt tegen treinen die op tijd rijden, terwijl vertraging in zijn voordeel werkt. Dat klinkt banaal, maar het is waar. 

Tegenover het professionele op de proef stellen van het geduld van de lezer door de tijd te rekken en de spanning er in te houden, staat het buitenliteraire treuzelen en haasten - en alles wat daar tussen zit - dat minstens zoveel invloed heeft op de manier waarop een lezer een verhaal ervaart. Daar hoor je (bijna) nooit iemand over.

Zo, en dan nu het filmpje waarin Tiemen Hiemstra zijn idee pitcht. Nu pas, want ik wilde ten koste van alles voorkomen dat er tijdens het lezen van dit stuk gezapt werd.
Zappen… even dacht ik dat die term iets te maken had met mijn onvermogen de draad na een onderbreking weer op te pakken, maar nee: zappen gaat bij mij niet ten koste van de concentratie. Vandaar dat ik uiteindelijk op ‘bad continuity’ uitkwam. 

  

Reacties

RHCdG

Mooi stuk!

Daan Stoffelsen

Dank, Liliane, mooi stuk! Goede overwegingen, die ik niet bedoelde aan te snijden in het essay, maar die ik zonder meer herken. Lezen gebeurt niet in een vacuüm, dat is wat ik met het voorbeeld van Kuifje (in eerste instantie als feuilleton gepubliceerd, voor wie mijn stuk nog niet heeft kunnen lezen) wilde zeggen. Echt goede literatuur kan die omstandigheden compenseren, denk ik. Hoe Peter Terrin de ziektegeschiedenis van zijn dochtertje inleidt, is daar een goed voorbeeld van. Maar hoe dat werkt, en wanneer dan wel, is inderdaad, weer een heel ander verhaal, en eentje dat meer dan 2500 woorden nodig heeft. In 2015 is er weer een nieuwe ronde.

Laat een reactie achter

Reacties worden gemodereerd en zullen niet verschijnen op deze weblog voordat de auteur ze heeft goedgekeurd.

Cookies

De Contrabas maakt gebruik van cookies. Voor meer informatie Zie hier
.

Laatste reacties

Pageviews


Sinds 21 augustus 2005

Categorieën

Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...