Colofon

Dit is weblog De Contrabas. Begonnen op 21 augustus 2005 door Ton van ’t Hof en Chrétien Breukers. Laatste bericht zal worden geplaatst op 21 augustus 2015, of ergens rond die datum. De weblog zal blijven bestaan, om de rijke archieven niet aan de digitale vergetelheid prijs te hoeven geven.

De redactie was in handen van Chrétien Breukers. De reactiemogelijkheid is gesloten, omdat de website niet ten prooi wil vallen aan eindeloze reeksen spam of aan reacties van notoire internettrollen. Mailen over de website kan aan decontrabas[at]hotmail.com

De boeken van Uitgeverij De Contrabas worden geleverd via Liverse, via CB of direct via Liverse. Eind augustus gaat de nieuwe website van uitgeverij De Contrabas, met bestelinformatie, online.

augustus 2015

ma di wo do vr za zo
          1 2
3 4 5 6 7 8 9
10 11 12 13 14 15 16
17 18 19 20 21 22 23
24 25 26 27 28 29 30
31            

« LP en Papieren Boek | Hoofdmenu | De Pers geeft Philip Huff weg »

01 maart 2012

Studio Oudebildtzijl (20): Grote schoonmaak in festivalland

AbedevriesAbe de Vries over poëziefestivals: "Zo langzamerhand wordt het tijd voor een grote schoonmaak in festivalland. Niet om al die honderden podiumhongerige, nog net niet belauwerkranste dichters de toegang tot de eeuwige festivalvelden te ontzeggen. Nee, om te zorgen dat festivals gaan waarover ze zouden moeten gaan: over Poëzie." In een nieuwe aflevering van Studio Oudebildtzijl:

Of de poëzie nu uit de huiskamer wordt verbannen naar de rokerige cafézaal of de frisgroene doorgangen van het stadspark, feit blijft dat Erato en Terpsichore van die exodus koppijn krijgen. Dat deze muzen van hymne en lyriek zich niettemin willoos laten wegvoeren uit hun natuurlijk theater zal dan ook alles met hun onderhorigheid aan de egomanie van de tijdgeest te maken hebben. En niets met werkelijke belangstelling bij hun beider beulen voor poëzie.

Is toch leuk, een poëziefestival? Of je blijft bivakkeren  en potdicht beneveld raakt van alle lyriek die over je uitwaaiert, of dat je maar een paar uitgesproken dichtregels proeft als oude wijn en vervolgens, spiritueel verrijkt, afdruipt omdat je nog nasi-bamivlees moet halen  bij de Aldi, dat maakt eigenlijk niet uit. Je hebt je vermaakt!

Of je het mysterie achter de woorden kunt aanwijzen? Dat kun je niet. Want daar staat de volgende dichter alweer te oreren, al dan niet op de beat van iets dat lawaai bij de woorden maakt. Of je des dichters dwarsverbanden tussen woord zus van regel zo en woord zo van regel zus opmerkt, is to-taal on-be-lang-rijk. Het gaat er maar om dat je even een idee hebt gekregen van de dichter. Hoe lang zijn neus is en hoe rond haar gezichtje. Hetzelfde gaat op voor dichters, maar dan andersom.

Wie in de veronderstelling verkeert een handvol heuse gedichten te hebben geschreven, kan zelfs solliciteren. Naar een plek op het festivalpodium.

Solliciteren, veel gekker moet het niet worden. Bij Dichters in de Prinsentuin is het al sinds jaar en dag usance dat een kleine dichterselite voor een optreden wordt uitgenodigd, terwijl de grote massa eerst werk moet insturen. Waarvan een deskundige jury dan iets vindt. Duim omhoog betekent kom maar op, duim omlaag taai maar af. Bij Onbederflijk Vers, dat zich het “grootste gratis toegankelijke poëziefestival van Nederland” noemt, werkt het precies zo. En er zijn vast meer voorbeelden te vinden. Het sterft immers van de poëziefestivals. Er is een heuse poëziefestivalplaag in Nederland, van daarboven gezonden om ons op nog onontdekt talent te attenderen.

Zouden sociale dienst en UWV zo’n sollicitatie accepteren als een poging tot het vinden van werk?  Wordt het schrijven van festivalgedichten wellicht vermeld in de werkmap en voorzien van een goedkeurende krul van de werkcoach? Hoeft zo’n dichter dan wellicht geen wortels van plastic siergras te kortwieken? Ik hoop het maar. Dan zijn de gekalligrafeerde, ingestuurde en door een ballotagecommissie beoordeelde maar helaas te licht bevonden gedichten in ieder geval niet voor niets geschreven. U hebt talent, probeert u het volgend jaar vooral weer.

Waarom gebeurt zoiets? Waarom laten would-be dichters zich zulke vernederingen welgevallen? Nou ja, dat is bekend, alles voor drie minuten roem. Maar waar halen de organisatoren van zulke festivals eigenlijk de gore moed vandaan om minnaars van de poëzie te degraderen tot colporteurs van het woord?

Twee redenen. Subsidieverstrekkers stellen als voorwaarde dat een poëziefestival, hoewel uit de aard der zaak een elitair samenzijn, gedragen dient te worden door een zo breed mogelijke groep optredenden. Om te laten zien dat ze ons geld niet verbrassen aan maar weer een gevalletje ons-kent-ons. En natuurlijk om de cultuurproductie in brede zin te bevorderen. Tweede reden is de drukke agenda en het (altijd) beperkte budget van de organisatoren. Die ontdekken liever nieuw talent dat per toeval in hun brievenbus ploft dan dat ze zelf tijdrovend verkenningswerk doen.   

Zo langzamerhand wordt het tijd voor een grote schoonmaak in festivalland. Niet om al die honderden podiumhongerige, nog net niet belauwerkranste dichters de toegang tot de eeuwige festivalvelden te ontzeggen. Nee, om te zorgen dat festivals gaan waarover ze zouden moeten gaan: over Poëzie.

Ik stel mij de ideale wereld als volgt voor. Er wordt geen gedicht meer voorgelezen zonder dat de tekst te volgen is op een groot scherm. Er wordt geen dichter meer het podium opgesleurd zonder dat het publiek een idee is meegeven over thematiek en strekking van diens werk. De sollicitatieplicht wordt afgeschaft; een dichter treedt slechts op uitnodiging op. Deelnemende dichters dienen minimaal een half uur te vullen met poëzie. Deelnemende dichters rekenen daar minimaal het tarief voor dat wordt gehanteerd door de Stichting Schrijvers School Samenleving. En krijgen dat ook uitbetaald.

Zo. Erato en Terpsichore knikken. Alsof ze willen zeggen: dank dat je ons wilt redden van het lollytaartmaken en het hondenkussenvullingknippen.

© Abe de Vries, 1 maart 2012

 

Reacties

Chrétien Breukers

Veel festivals zijn prettig, omdat je er 1) nog eens uitkomt en 2) af en toe een boek kunt verkopen, na afloop.

Je schetst een ideale situatie (een beetje een lezing, zoals er lezingen in Duitsland zijn), die misschien hier en daar bereikt wordt.

Maar toch ben ik het grotendeels eens met je analyse, want het gezamenlijk punniken en het zelfkazen zijn op veel festivals in de meerderheid, helaas.

Bart FM Droog

"Deelnemende dichters dienen minimaal een half uur te vullen met poëzie."

Hét recept om het publiek te verjagen. Het is maar weinig dichters gegeven om een publiek 30 minuten te kunnen boeien. Je kan daarom beter de voordrachten beperken tot 1 à 3 gedichten per dichter, omdat dan elk gedicht impact kan hebben.

Het is mijn ervaring dat toehoorders na meer dan drie gedichten van één dichter 'vol' zitten - meer is niet altijd beter.

Chrétien Breukers

De situatie in Duitsland is waarlijk zo, dat het publiek zwaar teleurgesteld is als een dichter zich er met een Jantje van Leiden maakt, nu ja, als hij "maar" tien of twintig minuten voorleest. Dus dat is overal anders.

Bart FM Droog

Sterker nog: ik heb in Duitland meegemaakt dat een Russisch auteur drie kwartier in het Rusisch voordroeg. Dit nadat zijn vertaalster gevraagd had hoeveel van de circa driehonderd mensen in de zaal Russisch verstonden. Dat waren er twee.

Na die drie kwartier Russisch volgde de vertaling in het Duits. Ook drie kwartier. Het publiek bleef die anderhalf uur muisstil zitten, terwijl ze zeker van de eerste helft niets meekregen - want de auteur in kwestie sprak zonder al te veel intonatie. Laat het gedrag van het Duits publiek dus in godsnaam geen maatstaf zijn.

Gert de Jager

Voor boze Russen moet je uitkijken, natuurlijk. Verder heeft zo'n exces helemaal niets te maken met wat Abe de Vries als ideale wereld voor zich ziet en die behoorlijk overeenkomt met de mijne.

Als ik trouwens iets afstompend vind, dan is dat een parade van dichters die elk één tot drie gedichten mogen voordragen. Het enige wat je nog waarneemt, zijn uiterlijkheden. Aapjes kijken - dat is het.

Bart FM Droog

Wel, ik heb liever één of twee goed voorgedragen gedichten, als het even kan van een luchtige inleiding voorzien (omdat zoiets de opname van waar het om draait vergemakkelijkt), die bezit nemen m'n brein, dan een stroom van tien tot twintig gedichten die het in ene oor in en het andere oor uitgaan.

Overdaad... schaadt. Ben zelf ook geen voorstander van een parade van dichters. Nee, liever een handvol vakkundige dichters, die elk meerdere beknopte blokjes doen, afgewisseld met de nodige pauzes, opdat toch een avondvullend, boeiend, pakkend en toch goed consumeerbaar programma ontstaat.

Edwin de Groot

Abe hat wol in punt. Ik stie okkerdeis yn it tsjerkje fan Terband en wie yn ‘e gelegenheid it ien en oar ta te ljochtsjen. Dan is it paad foar it gedicht al wat effene, no. En komt it sa faaks better oer. Mei in minútsje as trije rêdst it dan net op.
Oan ‘e oare kant, in healoere per dichter is, tinkt my, wat al te al te. Al wurd ik der mei de jierren al knapper op.
Hawar, ik haw ek sollisitearre by de Dichters in de Prinsentuin, want dat yn de Loofgangen stean befoel my wol yn 2010. Dan is ’t kontakt mei de “foarbygonger”wol hiel yntiem, as je teminsten net fuortblaasd wurde troch de sjonger fan de Dijk (in bandsje út A’dam, mien ik), dat wie doe myn buorman, dêre tusken de buxushagen.
Mar in bytsje in raar gefoel krije je wol; fan dat gesollisitear.
As ik oannommen wurd, sil ik wer ris wat roppe yn ‘t Hollânsk ûnder it motto: Eenmaal uitgesproken vliegt het woord onherstelbaar.

Gert de Jager

Ook tien gedichten kunnen goed worden voorgedragen. En geprojecteerd. En op een luchtige/indringende/boeiende etc. manier worden ingeleid, doorgeleid en uitgeleid.

Het is doodzonde dat we in Nederland geen traditie hebben zoals die blijkbaar in Duitsland wel bestaat. Poëziefestivals en poëzieavonden lijken in Nederland georganiseerd te worden door één groot evenementenbureau. Beknopte blokjes, consumeerbaar – wat u zegt.

Jurgen Eissink

Dat moet natuurlijk Edwin de Groot zijn, Bart.
Ik krijg langzaam wel zin om een mooi poëziefestival mee te maken.

Bart FM Droog, dienstdoend redacteur

Ja, een mooi en boeiend poëziefestival, met een handvol uitstekend voordragende dichters met krachtige verzen, zónder projecties (die leiden aleen maar af), met veel pauzes ter bezinking van de gedichten en ter inname van alcoholica en koffie (niet noodzakelijkerwijs in die volgorde), daar wordt het weer eens tijd voor.

De reacties op dit bericht zijn afgesloten.

Uitgeverij De Contrabas

Cookies

De Contrabas maakt gebruik van cookies. Voor meer informatie Zie hier
.

Laatste reacties

Pageviews


Sinds 21 augustus 2005

Categorieën

Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...