Marc van Oostendorp schrijft in zijn column op de weblog Neder-L: "Deze maand bestaat het clubblad van de poëzie, Awater, tien jaar. Ik ben al tien jaar lid, maar het moet er maar eens uit. Het jubileumnummer is mat en slecht geschreven, en vertoont tekenen van grote haast. De recensies zijn soms zo vlak dat je er treurig van wordt ('Ingmar Heytze schrijft in een opvallend herkenbare stijl. Toch is zijn poëzie in de loop der jaren ook veranderd'). En het interview met Gerrit Komrij waarmee het blad opent, lijkt in even weinig tijd geschreven als een column in Neder-L. Hebben ze daar bij Awater geen eindredacteur? Of zat die net even op Facebook?"
Van Oostendorp geeft in zijn column overigens een paar fraaie definities: "Een Nederlandse dichter is iemand die Facebook-vrienden is met een andere Nederlandse dichter. Een Nederlandse poëzierecensent is iemand die op Facebook ontvriend is door een Nederlandse dichter. Facebook is een website waar alle dichters van Nederland mekaar uitschelden. Een Nederlandse poëzielezer is iemand die geen idee heeft van Facebook, maar lid is van de door Gerrit Komrij opgerichte Poëzieclub en braaf leest wat die club een paar keer per jaar per post opstuurt."
Ik ben in deze definitie een Nederlandse dichter én een Nederlandse poëzierecensent, en in die laatste hoedanigheid heb ik ook een paar Nederlanders (via ontvriending) tot recensent omgetoverd.
Gisteren schreef ik ook al over Awater, althans, over een artikel dat Herman Stevens bijdroeg aan het blad.
Lenze L. Bouwers
Reine de Pelseneer
Jabik Veenbaas
Hans van Willigenburg
Peter Swanborn
Leo Herberghs
Ton van 't Hof
Ton van Reen
Joris Miedema
Peter Drehmanns
Frits Criens
Rik Andreae
Jabik Veenbaas
Sacha Blé
Bernhard Christiansen
Delphine Lecompte
André van der Veeke
Reacties