Twitter

Facebook

Uitgeverij De Contrabas
Man zoekt bal van Sander de Vaan -- de voetbalbundel voor dit WK

Elders

« Berichten: 7-7-2011 | Hoofdmenu | Koenraad Goudeseune: Interview »

08 juli 2011

Jori Stam: de literaire tijdschriften

Vanaf vandaag zal Jori Stam wekelijks (of in tijden van literaire droogte: tweewekelijks) een actueel onderwerp in de letteren behandelen. Wij verwelkomen Jori hierbij als vaste medewerker. Hij liep eerder stage bij De Wereld Draait Door, dus maakt met zijn overgang naar De Contrabas een gevoelige carrièresprong. 

Toen staatssecretaris Halbe Zijlstra vorige maand aankondigde om de subsidies voor literaire tijdschriften af te schaffen waren de reacties uit de literaire wereld gemengd. Een grote groep schrijvers ondertekende een open brief aan Zijlstra waarin gepoogd werd hem te overtuigen dat het literaire tijdschrift nog steeds een belangrijke rol en functie heeft. Een aantal mensen zocht echter de discussie op, en vroeg zich af of het literaire tijdschrift wel een toekomst heeft.

Zo schreef Bart FM Droog eerder op deze site het afschaffen van de subsidie volkomen terecht is: ‘wie de oplagecijfers en publieksbereik van de gesubsidieerde papieren tijdschriften bestudeert zal leren dat beide angstwekkend laag zijn. Waarbij het rare feit zich voordoet dat het subsidiegeld grotendeels in de zakken van vormgevers, drukkers en postbedrijven verdwijnt.’

Bart Temme schreef kort daarna in zijn essay op Tzum dat literaire tijdschriften haar ‘belangrijkste functies [zijn] kwijtgeraakt. De tijdschriften fungeren niet meer als een kweekvijver voor nieuwe talent en het literaire debat vindt er geen podium meer. […] De debutant zoekt nu naar andere mogelijkheden: de literair agent, schrijfwedstrijd, websites als TenPages.com en pulpfictie.nl.’ Volgens Temme hebben literaire tijdschriften al lang geen verbindende rol meer, maar eerder een marginale. 

Gerrit Komrij kwam op zijn NRC-weblog tot dezelfde conclusie, maar stelde wel dat volgens hem ook voor het literaire tijdschrift de oplossing ligt in het internet: ‘Op internet kan het literaire tijdschrift weer bloeien als nooit tevoren. Ik ben dol op papier, maar papieren tijdschriften zijn een sta-in-de-weg. […]  De antiquariaten bieden ze aan voor oud-papierprijzen. De bibliotheken verpulpen ze.’

Temme sluit hier naadloos op aan en schrijf dat ‘de afgelopen jaren de literaire tijdschriften de overstap [konden] maken naar het internet. Ze deden het niet of zijn niet zichtbaar genoeg. Daardoor zijn ze lezers kwijtgeraakt. Literaire tijdschriften hebben hiermee hun eigen ondergang bewerkstelligd.’

Er zijn door de bezuinigingsplannen twee kampen ontstaan. Aan de ene kant staan zij die proberen de plannen van Zijlstra om zeep te helpen door hem er te van overtuigen dat literaire tijdschriften een zeer belangrijke functie hebben in het literaire veld én in de maatschappij. Aan de andere kant zijn daar de mensen die menen dat de subsidiestop een signaal is dat literaire tijdschriften in hun huidige papieren vorm hun beste tijd hebben gehad, en dat deze zonder (digitale) innovatie hun belangrijkste functies hebben verloren. Omdat veel literaire tijdschriften de stap naar het internet niet maken, lijken ze daarmee gedoodverfd om ten onder te gaan.

Maar wat vinden de redacties van literaire tijdschriften zelf?  Volgens Jozef Deleu van Het Liegend Konijn speelt zijn blad ‘een rol van belang voor jonge en gevestigde dichters. In ieder geval is […] de belangstelling bij de poëten zelf groot. Of je hier van macht mag spreken is wel de vraag. Wel van enige bescheiden invloed, misschien.’

Volgens Esther Wils van de Gids moet de functie of het bestaansrecht van het literaire tijdschrift ‘met ieder nummer bewezen worden, door de kwaliteit en de prikkelende inhoud ervan. […] We bieden een podium, uitgeverijen letten goed op wat er gebeurt in de tijdschriften, ze halen er regelmatig de betere debutanten vandaan en/of sturen debuterende schrijver op ons af om eerst een verhaal te publiceren, bij wijze van aantrekkelijke introductie in de literaire wereld.’

Gustaaf Peek van de Revisor gelooft dat het literaire tijdschrift nog steeds een belangrijke functie heeft: ‘Die functie is de functie van alle kunst, en alle literaire vormen: onderhouden, bewondering opwekken, vermaken, ontroeren, in één woord raken. Een tijdschrift onder goede redactionele leiding kan bovendien kwaliteit garanderen, auteurs begeleiden in hun ontwikkeling en talent een kans geven. En daar is altijd een publiek voor.’

Interessant is dat Peek ook zegt dat een literair tijdschrift niet per definitie gebonden is aan een bepaald medium. ‘Hadden we tweeduizend jaar geleden geleefd, dan hadden we verzen verzameld op perkament of leisteen.’ Volgens Temme is De Revisor dan ook het tijdschrift dat het meeste aandacht heeft geschonken aan de oproep van het Nederlands Letterenfonds om het lezerspubliek te vergroten door over te stappen naar internet. Jammer genoeg gebeurde dit niet met geheel positieve gevolgen: ‘Er gebeurt soms weken niets op de website van De Revisor. Dat is verdomde jammer, want juist door frequent bijdragen te publiceren vergroot je het publiekbereik. Ook is er geen sprake van literair debat op de site – dat is teleurstellend.’

Het meest verhelderende woord in deze discussie komt misschien wel van Wim Brands, die via de telefoon liet weten de ‘hele discussie alleen maar strontvervelend te vinden.’ Volgens Brands speelt er zich een gevecht af dat lijkt alsof het zich op een schoolplein afspeelt terwijl de bel al lang geklonken heeft: ‘We zouden moeten kijken wat we met elkaar gemeen hebben: een warm hart voor de literatuur. Laten we deze energie steken in het oprichten van iets dat wel aan de verwachtingen en wensen van iedereen voldoet.’ Wat dat is? Zegt u het maar.

© Jori Stam 

Reacties

Bart FM Droog

Ik vrees dat Wim Brands' wens onmogelijk te vervullen is. En ergens ook bezijden datgeen valt waar het m.i. werkelijk om draait.

Namelijk: wil je (als staat/overheid/burgers) initiatieven ondersteunen die kansrijk zijn en op termijn mogelijk op eigen benen kunnen staan of wil je terminale patiënten zo lang mogelijk in leven houden?

Chrétien Breukers

Ik wil nog iets toevoegen.

Wim zegt: "We zouden moeten kijken wat we met elkaar gemeen hebben: een warm hart voor de literatuur. Laten we deze energie steken in het oprichten van iets dat wel aan de verwachtingen en wensen van iedereen voldoet."

Dat is een goed idee, maar hij ziet twee dingen over het hoofd:

1) Uit "officiële" hoek is de samenwerkingsbereidheid helaas niet groot.

2) Als er iets te bedenken was geweest, wat iedereen leuk vond, was het er al. Maar het is er nog niet...

Coen Peppelenbos

Wim Brands heeft gelijk: volgens mij is alles nu wel gezegd. De discussie is voorbij en heeft weinig opgeleverd.

Jori Stam

Is Wim Brands gelijk geven en de discussie als voorbij bestempelen in één opmerking niet erg tegenstrijdig?

Chrétien Breukers

Maar dan moet hij dat zeggen! Nu wijst hij op de noodzaak van samenwerking, een deur die door menig gesubsidieerd vehikel is dichtgeknald.

Bart FM Droog

Nou, Coen, nee. Wim Brands heeft geen gelijk - maar dit terzijde. Veel belangrijker is dat deze discussie wel degelijk iets heeft opgeleverd, namelijk duidelijkheid. Dát is het grote winstpunt van de recente discussie.

Waarbij ik net als jij en - volgens jou - Wim Brands - van oordeel ben dat alles nu wel gezegd is.

wim brands

Wat ik probeer te zeggen is het volgende:
er zal altijd behoefte zijn aan zoiets
als een literair tijdschrift.
We zullen alleen moeten nadenken over nieuwe
vormen.
De 21 ste eeuw is begonnen heren.

RHCdG

't Probleem is niet dat er een nieuwe eeuw is waar nieuwe vormen voor moeten worden verzonnen, want die zijn er al: Alphaville, de Reactor, allerhande blogs, terwijl een groot deel van de praktijk op Facebook wordt voortgezet en straks allicht op Google+. Dus dat is allemaal het probleem niet, lijkt me.
Het probleem is eerder dat de oude eeuw nog doorzeurt en daar maar niet mee ophoudt.

Samuel Vriezen

Jori Stam heeft mij via de mail benaderd met vijf vragen voor dit artikel. De vijf antwoorden die ik hem terugstuurde hebben hem wellicht niet bereikt, want ik heb geen ontvangstbevestiging gezien, en ik zie dat ze ook niet in dit artikel verwerkt zijn. Daarom heb ik ter aanvulling de vragen van Stam en mijn antwoorden op mijn eigen blog gepubliceerd:

http://blogger.xs4all.nl/sqv/archive/2011/07/08/665357.aspx

Bart FM Droog

Maar Wim,

"er zal altijd behoefte zijn aan zoiets
als een literair tijdschrift.
We zullen alleen moeten nadenken over nieuwe vormen. De 21 ste eeuw is begonnen heren."

Dat is nu precies wat we hier al een paar week aan de orde stellen. Laat duizend bloemen bloeien. Leve het literair of welk soortig tijdschrift dan ook. Maar... ga wél met de tijd mee, als schrift zijnde.

Laat een reactie achter

Als u reeds een TypePad of TypeKey account heeft, gelieve u dan aan te melden.

Uitgeverij De Contrabas
Das Haus am Salzhof. Pension in Brandenburg a/d Havel, dichtbij Berlijn. Vanaf 10 augustus 2013.

Cookies

De Contrabas maakt gebruik van cookies. Voor meer informatie Zie hier
.

oktober 2014

ma di wo do vr za zo
    1 2 3 4 5
6 7 8 9 10 11 12
13 14 15 16 17 18 19
20 21 22 23 24 25 26
27 28 29 30 31    

Colofon

Redactie: Chrétien Breukers. Reacties onder eigen naam of dichters- pseudoniem zijn zeer welkom. Anonieme of niet ter zake doende reacties worden verwijderd.

Pageviews


Sinds 21 augustus 2005

Categorieën

Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...