Colofon

Dit is weblog De Contrabas. Begonnen op 21 augustus 2005 door Ton van ’t Hof en Chrétien Breukers. Laatste bericht zal worden geplaatst op 21 augustus 2015, of ergens rond die datum. De weblog zal blijven bestaan, om de rijke archieven niet aan de digitale vergetelheid prijs te hoeven geven.

De redactie was in handen van Chrétien Breukers. De reactiemogelijkheid is gesloten, omdat de website niet ten prooi wil vallen aan eindeloze reeksen spam of aan reacties van notoire internettrollen. Mailen over de website kan aan decontrabas[at]hotmail.com

De boeken van Uitgeverij De Contrabas worden geleverd via Liverse, via CB of direct via Liverse. Eind augustus gaat de nieuwe website van uitgeverij De Contrabas, met bestelinformatie, online.

augustus 2015

ma di wo do vr za zo
          1 2
3 4 5 6 7 8 9
10 11 12 13 14 15 16
17 18 19 20 21 22 23
24 25 26 27 28 29 30
31            

« Nieuw gedicht Wim Brands | Hoofdmenu | Goeiesmorgens! Koffie-vacature »

15 maart 2011

Het eerste gedicht (36): Jules Deelder

Julesdeelder Vandaag het eerste gedicht uit een nieuwe bundel van een "performer": Jules Deelder. De auteur is inmiddels een Bekende Nederlander, met een eigen dichtimperium, optredens her en der, een enkele reclamefilm zo nu en dan, et cetera. Deelder is bovendien een sterk merk: de snel pratende, zeer geestige man in strak pak. Het eerste gedicht uit zijn nieuwe bundel Ruisch heet 'Alfabetisch':

Alfabetisch gezien
staat alles voor niets
Adam voor Eva en
auto voor fiets

Hel komt voor hemel
Duivel voor god
Haat staat voor liefde
Sleutel voor slot

Dood komt voor leven
Donker voor licht
Zes staat voor zeven
Maan komt voor zon

Dicht staat voor open
Ledig voor vol
Beneden voor boven
en tegen voor voor

Het werk van Jules Deelder komt, nu hij al 42 jaar dichter is, vertrouwd over. Het is altijd die cocktail van oorlog, jazz en jaren vijftig, aangelengd met flink wat Rotterdam. Soms schiet Deelder mis, vaak schiet hij raak; wat een ongelijk, maar zeker niet slecht of oninteressant oeuvre heeft opgeleverd.

Hij schreef klassiekers, zoals het gedicht over zijn dochter Ari, of het door hem en Herman Brood gezingzegde 'Kutgedicht'. En elke keer als ik in Maassluis kom, denk ik "hoekie om / trappie af // gekkenhuis". Geen slechte score, voor iemand die het vooral van zijn publieke bekendheid moet hebben, of lijkt te moeten hebben.

Dit gedicht is, zoals veel Deeldergedichten, een opsomming. Hij kan daar soms heel erg goed in zijn, zeker als de opsomming nergens toe leidt, zoals in het eveneens klassieke, of bijna-klassieke, of verdiend-klassieke 'Made in Lapland':

Als in Lapland 
de lupine 
weer gaat bloeien 

en de scheepvaart 
rond Gibraltar 
ligt gestremd 

zal in Lapland 
de lupine 
weer gaan bloeien 

en de scheepvaart 
rond Gibraltar 
zijn gestremd 

Hier is het effect minder spectaculair. Hij verschuift eerder hier en daar wat woorden, zonder dat er echt iets spectaculairs gebeurt, zoals in het Lapland-gedicht. Hoewel het aan elkaar rijgen van de woorden die Deelder een om een tegenover elkaar zet wel iets fraais oplevert.

Als je alle woorden die als in de tegenstellingen als eerste worden genoemd in alle versregels achter elkaar zet, krijg je: Adam, auto, hel, duivel, haat, sleutel, dood, donker, zes, maan, dicht, ledig, beneden, tegen. Het achter elkaar zetten van de woorden die als tweede voorkomen in de tegenstellingen maakt deze reeks: Eva, fiets, hemel, god, liefde, slot, leven, licht, zeven, zon, open, vol, boven, voor.

Deze reeksen worden voorgegaan door deze tegenstelling: "Alfabetisch gezien / staat alles voor niets." 

Misschien heeft de dichter dit per ongeluk zo opgeschreven, maar het is wel fraai: Adam (alles) kan met de auto naar de hel rijden en bij de duivel op bezoek gaan; Eva (niets) moet met de fiets, en dan komt ze in de hemel bij god. Hier kun je, desgewenst, een hele trits religieuze of bijna-religieuze termen aan vastplakken.

Wat mij het meest opvalt, is de tegenstelling "sleutel/slot": je zou de sleutel eerder bij Eva verwachten, en het slot bij Adam, al was het maar omdat die bij Eva veiliger lijkt. Maar nee, Adam hééft al alles, en dan ook nog de sleutel. Eva moet maar afwachten hoe dat afloopt, met het slot. 

Maar het lijkt er sowieso niet op dat de dichter veel moet hebben van de hemel, of van al dat zonnige dat Eva met zich mee lijkt te slepen. Hij kiest blijkbaar eerder voor het jachtige, misschien zondige, in elk geval heel fysieke alles van Adam. Daar is de dood, daar is het ledig, maar toch leeft het er, en is er altijd wat te doen.

Deelder, of nee, de dichter kiest voor het sterfelijke leven, eerder dan voor het leven in de hemel, of de semi-hemel die ons wordt voorgespiegeld. Die zit op slot. De dichter kiest voor ledig, eerder dan voor vol. Voor ruis, liever dan voor de stilte die bij Eva heerst. Hij kiest alles, omdat het (hemelse) niets hem niet lijkt aan te trekken.

Het mooie is dat Deelder hier een anti-mystiek gedicht lijkt te hebben gemaakt, bijna per ongeluk, door wat woorden alfabetisch in oppositie met elkaar te plaatsen. En ineens blijkt hij een levenshouding te hebben geformuleerd.

De verleiding om dan met een citaat uit het Johannes-evangelie te komen is net iets te groot: "In den beginne was het Woord, en het Woord was bij God, en het Woord was God." Deelder zegt iets dergelijks, alleen is het woord bij hem iets anders dan in het evangelie: Deelder gaat met dat woord op de loop, het overweldigt hem.

Net als in het scheppingsverhaal uit Genesis (we zijn niet voor niets een eerste gedicht aan het lezen) maakt de dichter hier zijn eigen universum, door 15 woorden tegenover 15 andere te zetten. Tussen "alles" en "niets" en "tegen" en "voor" rommelt hij het heelal op eigen, baldadige wijze om, maar wel in de taal, net zoals de god uit het Oude Testament.

Dat hij daarbij ook nog gebruik maakt van fraaie, wat ouderwetse poëtische materialen (beginhoofdletter, behalve als er geen nieuwe zin begint; sterk ritme; gedragen taal, herhaling, klankrijm), maakt het geheel nog beter, want Deelder laat zien dat hij, behalve een goede performer, die op maat gesneden teksten moet brengen, ook een vakman is die op maat gesneden teksten brengt.

Reacties

Fra&z.

Jules Deelder is een held!

Harry J.M. Kleinhoven

Haha, sterk, hè, die slotregels. ;-) Goed stuk. IJzersterk gedicht. Schijnbaar simpel, maar o zo doordacht.

Het taaltrucje van 'Made in Lapland' komt, dacht ik, oorspronkelijk van Hans Faverey:

'De chrysanten,
die in de vaas op de tafel
bij het raam staan: dat

zijn niet de chrysanten
die bij het raam
op de tafel
in de vaas staan.'

(Uit: 'Chrysanten, roeiers', 1977; fragment)

Gert de Jager

Mooie interpretatie, maar volgens mij ontdek je er iets te veel systeem – de twee reeksen – en daarmee iets te veel expliciete levenshouding in. ‘Alles voor niets’ uit de eerste strofe komt in de laatste strofe omgekeerd terug: ‘ledig voor vol’. Als ik het goed begrijp vat je ‘alles’ heel aards op en ‘vol’ nogal hemels. De gevoelswaarde van de begrippenparen uit de laatste strofe wijst inderdaad in die richting, maar in eerdere strofen ligt het anders.

Deelder heeft vast niet heel veel tegen een vol Kasteel. Of tegen een vol glas whisky. Ik zou zeggen dat het gedicht een lofzang is op de willekeur van het alfabet en daarmee juist tegen het systematische ingaat. Als de dichter zich ergens bewust van toont, dan is dat van de willekeur van menselijke ordeningen.

Dat daar een levenshouding uit voortvloeit, is ongetwijfeld waar. Het personage ‘Deelder’ – zwart pak, zwarte zonnebril, leip accent – bestaat uit een en al bewuste stilering. Het negatief daarvan – wit pak, roze bril, ander leip accent - is even goed denkbaar. Deelder als een soort Elton John, een Pink Panther van het Leidseplein - alles is mogelijk, toch? Of gehoorzamen we aan een of ander alfabet?

RHCdG

Mooi gedicht, hele interessante analyse. Vooral die tegenoverelkaarplaatsing van die twee reeksen, waarbij mij opvalt dat de eerste overwegend negatief geladen is, de tweede positief. Maar dan waardeert Deelder ook het niets boven het alles, hij geeft ahw de wereld prijs. Of is het niet zo makkelijk en moet die eerste regel wat letterlijker worden gelezen? Dan staat alles voor niets (nergens voor).

Als ik aan opsommingen in de poëzie denk, denk ik aan Duinker. Zo zijn de gedichten van Deelder niet m.i., maar wel hebben ze iets tautologisch gemeen: de opsomming leidt niet naar een oplossing, ze worden geen volzin, het gaat maar door. Dat is natuurlijk gunstig als je een bundel vol moet krijgen, en zowel Duinker als Deelder kunnen nog wel eens uitpakken. Maar het betekent vooral dat het geen idealisten zijn. Daarom is ook 'alles' geen antwoord.

Je idee dat er iets oudtestamentisch in dit gedicht aan de hand is lijkt me heel goed trouwens: de aan de wereld ten grondslag liggende structuur is alfabetisch. Wie zo'n goddelijke orde afwijst spelt de analfabetische naam; wie hem aanvaardt kan zijn gang gaan, van oulipou tot alchemie.

Alleen over je sleutel/slot-impressie maak ik me wat zorgen: iets wat je ergens insteekt is gemeenlijk mannelijk; iets waar iets ingestoken wordt vrouwelijk.

RHCdG

@Harry: ik moest ook aan die chrysanten van Faverey denken, maar dat is duidelijk een volzin; opsommingen hebben eerder tautologisch karakter.

@Gert: grappig dat je interpretatie van het gedicht nagenoeg tegengesteld is aan die van mij.

Delphine Lecompte

dorst voor honger
vuur voor water
moeder voor vader
laat voor vroeg
kip voor koe
kelk voor vaas
baas voor slaaf
geld voor roem
gangster voor held
bos voor zee
schelp voor strand
monopoly voor scrabble
talent voor wedstrijd
lust voor zaligheid

Delphine voor Lecompte

Chrétien Breukers

Goed zo Delphine, bij rekto:verso zullen ze weer trots op je zijn!

Arjan Keene

Mooi stuk. Ik zou wel benieuwd zijn naar Deelders eigen visie op deze 'lifting'.

PS Dat 'sterk ritme; gedragen taal, herhaling, klankrijm' behoren tot de categorie 'ouderwetse poëtische materialen' is wel een zeer ernstige constatering inderdaad.

Josse Kok

Toch heb ik bij Deelder het idee dat hij, als hij een analyse van zijn gedicht leest, ergens op een achterkamertje al scrollend in z'n broek pist van het lachen. En daarom is het een held.

Harry J.M. Kleinhoven

De magie zit in het gebruik van het woordje 'voor'. Het betekent enerzijds: voorafgaand aan (qua volgorde); anderzijds: bestemd voor (qua 'nuttigheid', a.h.w.). En juist lezing met die laatste betekenis geeft een mij zeer aansprekende en ironiserende tekstverdieping...

Jacques Santegu

"Alfabetisch gezien/staat alles voor niets"
Als je woorden van hun betekenis stript, worden ze allen betekenisloos. Alsof er geen verklarende woordenboeken zouden zijn doch enkel Groene Boekjes of dergelijke. Voor een lezer is het echter zowat onmogelijk om woorden an sich te beschouwen, zonder referent. Vooral als ze als antoniemen of begrippenparen worden voorgeschoteld. Net daarmee speelt de dichter hier volgens mij, met de kennis die we van de wereld reeds hebben opgevat.
Ik denk dat ik snap wat Harry bedoelt. Of ik het gedicht snap, blijft een vraagteken. Een vraagteken dat ik weliswaar als uitermate aangenaam ervaar. Ook de andere analyses (met raakpunten) vind ik overigens heel fijn ("In den beginne was het Woord, enzovoort"). En dan de chaos...

Kees Borgdorff

Dit gedicht, dat eigenlijk een spelletje is, streept zichzelf vanzelf weg.

RebeccaDM

Ik heb dit gedicht vorig jaar opgedragen (was toen 13) in voordracht. Het gedicht sprak me aan omdat het iets is waar je lang over moet nadenken en dan toch maar geen conclussie kan trekken met wat de dichter bedoelde. Ik had het nooit langs de religieuze kant bekeken maar die verklaring lijkt ook wel logisch. Het inspirerendst is dat er zo veel verschillende meningen zijn. Bedoelde Deelder het wel langs die religieuze kant? Of had hij gewoon simpele maar betekenisvolle woorden uitgekozen die elkaar tegen spreken?
De zin "staat alles voor niets" is denk ik wel de belangrijkste zin van heel het gedicht. Als je aan deze zin geen betekenis kunt geven, dan begrijp het gedocht gewoon niet.
Toen ik het gedicht voordroeg deed ik het letterlijk: hel komt inderdaad alfabetisch gezien voor hemel. En zo voerde ik het stuk ook op, zonder er bij stil te staan dat er misschien wel een verhaal achter zit. Wat ik in mijn achterhoofd hield bij het opvoeren was dat ik duidelijk moest zijn met hoe ik het gedicht zag. Andere mensen die het gedicht gewoon gelezen zouden hebben zouden een heel ander inzicht hebben dan nog andere.
Slim bedacht van Deelder. Mooi en goed gedicht om over na te denken in discussie over te gaan.

Nu ben ik wel heel nieuwsgierig geworden naar hoe Deelder het gedicht interpreteerd en hoe hij het in gedachten had.

De reacties op dit bericht zijn afgesloten.

Uitgeverij De Contrabas

Cookies

De Contrabas maakt gebruik van cookies. Voor meer informatie Zie hier
.

Laatste reacties

Pageviews


Sinds 21 augustus 2005

Categorieën

Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...