Twitter

Facebook

Uitgeverij De Contrabas
Uitgeverij De Contrabas

Elders

« Het Nederlands Letterenfonds: een verkenning (2) | Hoofdmenu | Robbert Ammerlaan: sua realis praesentia »

03 juni 2010

Het Nederlands Letterenfonds: een verkenning (3)

In een reactie onder dit bericht zegt Gerrit Komrij: "Draagt het systeem zoals het nu voortmoddert niet bij tot de overproductie op de literaire boekenmarkt?" en "Laat het Fonds, door als een pseudobureau voor sociale zaken te functioneren, niet allerlei kansen liggen, omdat die niet in hun rituelen en hun bureaucratie te vangen zijn?", maar vooral: "Moet het Fonds bijdragen tot het prestige van de literatuur of tot de goeie bedoelingen van literatoren?"

Vraag 1 is vrij gemakkelijk te beantwoorden: "Ja." Omdat veel schrijvers afhankelijk zijn van een werkbeurs, en een werkbeurs op projectbasis wordt toegekend, zijn die schrijvers - willen ze een gemiddeld jaarsalaris bij elkaar kunnen schrapen - gedwongen om regelmatig met een nieuw boek te komen. Het gaat hier om auteurs als Piet Gerbrandy, Atte Jongstra en Herman Franke, allemaal mensen die voor, door en met het Fonds leven.

Vraag 2 vind ik moeilijk te beantwoorden. Het Fonds kent een ambtelijke structuur en is daarom in wezen surrealistisch van karakter. Daar wordt door veel schrijvers jammerlijk aan voorbij gegaan. Ook door mij. Ambtenaren vormen een schild tussen de overheid en de burger. Dat is goed, passend en precies zoals het hoort, maar wie een creatief beroep heeft, wordt horendol als hij tegen dat schild aanbotst. Om al te erge botsingen te voorkomen heeft het Fonds een juridische afdeling, wat het geheel tot een gekwadrateerd surrealisme bevordert.

Vraag 3 lijkt me gemakkelijk te beantwoorden. "Het Fonds moet bijdragen tot het prestige van de literatuur." Helaas is dit gemakkelijke antwoord onvermijdelijk de opmaat voor felle twisten. Wat is prestige? Wat is prestigieuze literatuur? Enzovoort, enzoverder. Voordat je het weet is er een commissie geformeerd (Huub Beurskens, Marja Pruis, Thomas Vaessens en Marc Reugebrink) die het belang van een prestigieuze literatuur in schetsmatige beleidslijnen probeert vast te leggen.

Het Nederlands Letterenfonds, in januari ontstaan uit een fusie, zal zich volgens mij in de eerste plaats dienen te ontdoen van de neerdrukkende claim die "literaire kwaliteit" heet. Het enige dat deze claim heeft opgeleverd, is een systeem waarin auteurs, journalisten en wetenschappers een oordeel geven over de kwaliteit die hun collega's al dan niet leveren. Dat schept, zoals Komrij op Facebook aanstipte, "een fijnvertakt[e] afhankelijkheidsysteem".

Dit afhankelijkheidssysteem belemmert de vrijheid van de schrijver. Literaire "kwaliteit", de sjibbolet die het Fonds naar de adviescommissies doorschuift, verschaft de commissieleden vuile handen en de ambtenaren een stok, om de hond mee te slaan.

Reacties

M.H.Benders


Wat een eigenaardige ideeen. Waarom zou het Fonds 'de prestige van de literatuur' moeten opkrikken? Het moet gewoon haar kerntaak goed uitvoeren: verstrekken van beurzen aan schrijvers. Opkrikken van het prestige van de literatuur is haar taak helemaal niet. Dat hefet vast weer een ambtenaar weten verzinnen.

De oplossing is doodeenvoudig: weg met de 'adviseurscultuur' en het geld direct ten behoeve aan schrijvers laten komen. Dan ben je ook nog eens eigentijds bezig, want de bemiddelende klasse wordt overal aan de kant gezet momenteel.

Ook 'kwaliteitscontrole' is onzin daar dit al enerzijds door de uitgever wordt gedaan en anderzijds door de lezers. Mocht je dat waanidee toch willen handhaven verstrek dan gewoon alleen beurzen aan boeken die meer dan twee goede recensies wisten krijgen.

En gaarne geen bestuur met Balkenende norm salariering maar gewoon wat Melkertbanen. Enige dat die lui hoeven doen is aanvragen lezen, brieven sturen, en andere administratieve taken. Heb je echt geen topbestuurders voor nodig.

Vaste tarieven lijkt me ook een prima idee. Wat een onzin dat Jacques Hamelinck 60000 euro krijgt omdat hij 'langer op zijn bundel moet werken'. Ik geef je op een briefje dat er geen dichter in Nederland bestaat die niet 'langer op een bundel moet werken' als hij er 60000 euro voor krijgt.

der peter

personen en instanties zullen nooit vrijwillig afstand doen van hun zorgvuldig opgebouwde positie: zelfbehoud en - mogelijke - uitbreiding van invloedssfeer staan voorop. het subsidiecircuit stimuleert en versterkt dit alleen maar.

der peter

opportunistencultuur kweken.

Gerrit Komrij

Na de aanvragen van Nolens en Hamelink en meer van die tobbers had het Letterenfonds meteen een psychiater moeten inhuren om de behoeftige dichters op te zoeken en duidelijk te maken dat drie jaar willen werken aan een dichtbundel niet per se ongeneeslijk hoeft te zijn.

M.H.Benders

"personen en instanties zullen nooit vrijwillig afstand doen van hun zorgvuldig opgebouwde positie"

Klopt, maar van vrijwillig afstand doen is dan ook geen enkele sprake. Deze lui moeten (liefst hardhandig) van hun plek verwijderd worden voor ze de kans krijgen nog meer schade aan te richten met hun krankzinnige ideeen.

Sacha Blé

Mijn voorstel (voor Vlaanderen) : subsidieverstrekking uit handen nemen van het VFL.
Wie een boek kon laten publiceren, meldt zich, met het op stapel staande uitgeverscontract van het VAV voor het volgende boek, bij het VAV, mits dat contract voor dat volgende boek door een/de uitgever werd ondertekend. Hij/zij ontvangt zonder zogezegde "kwaliteits"beoordeling van het voorgaande boek zijn geldbedrag, ongeacht ook of hij nu dichter is, toneelschrijver, essayist, stripauteur, illustrator, vertaler, Nolens of Moeyaert of Sebastiaan Leenaert heet of...

Dat bedrag bedraagt dan voor iedere gecontracteerde evenveel, b.v. 750 euro per maand, belastingsvrij. Wie door verkoop of andere goed boert, haalt zijn aanvullende, broodnodige inkomen daaruit.

Op hoop van zonnezegen (om het met Mark van Tongele te zeggen).

M.H.Benders


Het Fonds is momenteel de perfecte afspiegeling van de bonuscultuur in het bedrijfsleven - grote bedragen worden toegekend aan lui op basis van hele schimmige - of nee, hele heldere criteria. Het toverwoord is namelijk 'krant'.
De krant is het hoogste instituut in de esthetiek van het Fonds, om die reden krijgen de krantenjongens (Gerbrandy, Pfeijffer, Schiferli, etc) of degenen die ze altijd positief bespreken (Hamelinck) de grote taartstukken.

Dat beeld is echter enorm 80'er jaren. Kranten hebben gewoon helemaal die invloed niet meer die het Fonds eraan toedicht. Dat even buiten het feit om dat het idee dat een krant het hoogste goed is krankzinnig is. Wat hier dus speelt is een totaal vertekende normering, die consistent grote bakken geld richting dichters loodst op basis van heel verouderde begrippen.

Het idee van Sacha is prima, zoiets heb ik ook voor ogen. Simpel, effectief, veel goedkoper, niet pedant.

Peter Abelsen

Martijn Benders heeft geen honderd maar tweehonderd procent gelijk. 'Kwaliteitstoetsing' door 'kenners' leidt, in welke opzet dan ook en bij welke kunstvorm dan ook, alleen maar tot kliekvorming. Hanteer daarom geen ander kriterium dan dat een uitgever een roman, essay, gedicht of vertaling de moeite waard heeft bevonden (niet omdat het oordeel van uitgevers per se deugt, maar omdat het oordeel van zogeheten deskundigen die het geil vinden om collega's te beoordelen niet per se beter is). En koppel daar een vast subsidiebedrag per uitgave aan, uit te keren door een neutrale instantie à la LIRA.
Dat vaste bedrag zou na opheffing van het Fonds nog weleens verassend hoog kunnen uitvallen - geen dure huisvesting en bureaucratie meer, en geen ridicule salarissen.

M.H.Benders


"niet omdat het oordeel van uitgevers per se deugt, maar omdat het oordeel van zogeheten deskundigen die het geil vinden om collega's te beoordelen niet per se beter is"

Het systeem wat het Fonds hanteert is gebaseerd op een geperverteerde vorm van 'Peer Review'. Het oospronkelijke idee achter Peer Review was dat wetenschappelijke publicaties die door collega's erkend worden om die reden publicabel geacht worden.

Wij hebben dit systeem, dat al gebrekkig genoeg op zichzelf is, omgedraaid: een auteur moet immers al bewijzen dat hij gepubliceerd gaat wordne voor hij voor de 'peer review' in aanmerking komt. Dat is volslagen absurd en hefet niets meer met 'peer review' te maken feitelijk, omdat dat juist in het leven werd geroepen om te voorkomen dat waardevolle inzichten niet gepubliceerd werden.

Het systeem dat het Fonds hanteert zorgt daar helemaal niet voor, daar het is toegespitst op het voorkomen van publicaties door:

1. De feitelijke kwaliteitscontrole al bij de uitgever te leggen
2. Daar nog eens bovenop een tweede laag peer review te gooien zodat voorkomen wordt dat een bepaald type literatuur het licht ziet.

Hoeveel waardevolle literatuur er niet gepubliceerd wordt zullen we nooit weten, want deze geperverteerde vorm van peer review is daarin simpelweg niet geinteresseerd.

Het uit de wetenschap afkomstige systeem van Peer Review is zo'n ander heilig huisje uit de vorige eeuw dat in de praktijk helemaal niet zo geweldig werkt. Ik citeer:

Richard Horton, editor of the British medical journal The Lancet:

"The mistake, of course, is to have thought that peer review was any more than a crude means of discovering the acceptability — not the validity — of a new finding. Editors and scientists alike insist on the pivotal importance of peer review. We portray peer review to the public as a quasi-sacred process that helps to make science our most objective truth teller. But we know that the system of peer review is biased, unjust, unaccountable, incomplete, easily fixed, often insulting, usually ignorant, occasionally foolish, and frequently wrong."

bernd ebbo visser

De belangrijkste functie van het fonds zou moeten zijn:

het mogelijk maken van literair werk, wat wel de moeite en het geld waard is, maar wat commercieel gezien onbegonnen werk is.

Waar zijn de schrijvers gebleven, die gewoon in een fabriek werken voor de kost?

En zou het niet zo moeten zijn, dat de uitgevers zelf maar met werkbeurzen/ leningen/ voorschotten/ etc. hun eigen paradepaardjes aan het werk zetten?

M.H.Benders

"De belangrijkste functie van het fonds zou moeten zijn:
het mogelijk maken van literair werk, wat wel de moeite en het geld waard is, maar wat commercieel gezien onbegonnen werk is."

Achterhaald. Elke vorm van literatuur is immers commercieel niet haalbaar inmiddels, op wat bestellers na.

"Waar zijn de schrijvers gebleven, die gewoon in een fabriek werken voor de kost?"

Pleidooi om van het Fonds een uitkeringsinstantie te maken voor schrijvers die werkeloos zijn - waarom dan niet gewoon een bijstandsuitkering?

"En zou het niet zo moeten zijn, dat de uitgevers zelf maar met werkbeurzen/ leningen/ voorschotten/ etc. hun eigen paradepaardjes aan het werk zetten?"

Commercieel niet haalbaar. Enige daadwerkelijk keuze is: volledig afschaffen, of als een soort basisregeling voor alle auteurs vereenvoudigen. De huidige bonuscultuur is onhoudbaar op lange termijn.

Peter Abelsen

Ik word een beetje wee van mezelf, maar ik moet Benders weer van harte bijvallen.
Ja, het Fonds is inderdaad ooit opgezet om de 'kansloze' literatuur in stand te helpen houden, Bernd Visser, en volgens mij heeft men ook heus wel de intentie om het allemaal zo eerlijk en objectief mogelijk te houden. Maar het probleem is dat beoordeling door collega's niet werkt. Nooit werkt. Nergens.
In de tijd toen het Fonds nog aanvullende honoraria hanteerde (subsidie achteraf dus, na geleverde prestatie) had je ook al vriendjespolitiek, naijver, stiekeme wraakneming en andere onfrisse toestanden. Kan ook haast niet anders, want je krijgt nu eenmaal nooit genoeg échte deskundigen bijeen om een volwaardig korps van beoordelaars te vormen. Goeie mensen, wier oordeel werkelijk de moeite waard is en die zelf voldoende succesvol zijn om onbevangen naar anderen te kijken, hebben het als regel te druk en weten wel leukere dingen te doen dan stapels boeken te lezen die ze zelf nooit zouden hebben gekocht. Dus wordt het merendeel altijd gevormd door strebers, net-nietjes en frustraten.
Moet je niet willen als overheid, vind ik.
Door genoegen te nemen met het oordeel van uitgevers en die peer review los te laten, en dan een neutraal systeem van toeslagen te creëren en de poen pas (ruimschoots) achteraf toe te kennen, wat mij betreft alleen voor projecten die niet voorbij het commerciële break-even point zijn gekomen, krijg je mijns inziens een situatie die misschien wel niet ideaal is, maar ook geen Kafka-eske wantoestanden meer oplevert.
Slimmere mensen dan ik zouden ongetwijfeld een via de uitgevers lopend voorschottensysteem kunnen uitdenken om auteurs in de tussentijd voor de hongerdood te behoeden.

der peter

en ná het literaire wereldje de rest van de moreel corrupte kunst- en cultuursector:

vrouwlief runt een professioneel bureautje dat voor een percentage bij alle overheden en fondsen geld lospeutert. ze heeft zelfs mensen in dienst (geweldig toch! lekker een paar keer modaal leven van gemeenschapsgeld!)

manlief is wethouder en zet zich in voor de cultuur in de stad. een drammerige popiejopie type die groen uitslaat als hij zijn zin niet krijgt.

vrouwlief vult vakkundig de formulieren in voor een lokaal gehypte zuiplap uit manliefs vriendenkring: hij wil een cd uitbrengen. manlief zet enkele dagen nadien op kantoor zijn handtekening eronder.

dezelfde werkwijze geldt trouwens ook bij de benoeming van stadsdichters, die in feite helemaal geen stadsdichters zijn. literaire klupjes die uit niet meer bestaan dan één verschraald ego en ook alleen daarom zijn opgericht: om op een goedkope manier uit de grote fuik van gemeenschapsgeld mee te vreten.

Coen Peppelenbos

Er is te weinig geld voor teveel mensen. Dan kun je twee dingen doen: iedereen evenveel geven of enkele criteria opstellen waaraan iemand moet voldoen die een toelage wil hebben.
De tweede oplossing heeft mijn voorkeur.
Wie moeten die aanvragen beoordelen? Collega's, recensenten, wetenschappers. Ja, dat oordeel is altijd subjectief en ja, iedereen legt andere kwaliteitsnormen aan.
Toch heb ik gezien (de keren dat ik in zo'n commissie zat) dat de leden, die onderling totaal andere visies hadden op literatuur, wel degelijk een grof onderscheid konden maken in kwaliteit. Dat kan iedereen die een paar honderd boeken gelezen heeft. Glipt er wel iets tussendoor wat eigenlijk geen kwaliteit heeft. Ja, dat kan, zoals 'Kleine dagen' ook opeens een grote prijs kan winnen. Dat is niet zo erg, dat hoort bij het spel.
Is er sprake van vriendjespolitiek. Jazeker, ook dat heb ik meegemaakt (het werd er zelf letterlijk bij gezegd door het commissielid) en ja, dat is niet zo prettig, maar ook dat hoort er bij. Niets menselijks is een vriend vreemd.
Ik denk dat de uitkomsten van de vergaderingen van de commissies niet wezenlijk zou verschillen als je de samenstelling van de leden wisselt. Door commissies te gebruiken, maak je je oordeel objectiveerbaar (niet objectief).
Ik heb ook meegemaakt dat een auteur bezwaar aantekende tegen de uitspraak van de commissie en later in het gelijk werd gesteld en alsnog een aanvullend honorarium kreeg.
Je kunt vraagtekens zetten bij de hoogte van bepaalde bedragen, maar over het algemeen vind ik het systeem wel verdedigbaar.
(NB: ik zat alweer jaren geleden in zo'n commissie en heb nooit zelf een verzoek ingediend bij het Fonds)

M.H.Benders

"Er is te weinig geld voor teveel mensen."

Het Fonds krijgt elk jaar 6 miljoen euro en daarvan krijgen ongeveer 125 mensen een beurs.

"Dan kun je twee dingen doen: iedereen evenveel geven of enkele criteria opstellen waaraan iemand moet voldoen die een toelage wil hebben. De tweede oplossing heeft mijn voorkeur."

Er zijn helemaal geen criteria waaraan iemand moet voldoen om een toelage te krijgen. Het oordeel van twee willekeurige lezers kun je moeilijk een 'criterium' noemen. Verder is het een raadsel waarom deze vorm van Peer Review achteraf in plaats van vooraf moet worden toegepast - dat is totaal de omgekeerde wereld.

bernd ebbo visser

@ Benders

Het is absoluut niet als pleidooi bedoeld. Ik meen het serieus. Ik ben opgegroeid met de gedachte dat er met schrijven geen droog brood te verdienen valt. Desalniettemin bleven mensen maar voor het schrijverschap kiezen. Gewoon, omdat het moest, omdat het van nature schrijvers waren. Simpelweg omdat ze het zo "voelden". Het droge brood werd elders verdiend met kutbaantjes. Vergeet al die nachtwakers niet. Misschien strookt dit beeld niet met de werkelijkheid, maar juist dit devote afzien lijkt me de literatuur ten goede zijn gekomen. Een soort natuurlijke selectie.

Dat is de ene kant. Waarom moeilijk doe als het makkelijk kan?

Volgens mij zouden we een stuk sneller klaar zijn als de recensenten de rol van arbitrage voor het Fonds op zich zouden nemen.

bernd ebbo visser

ballotage bedoel ik natuurlijk. (De vodkajustjes in de zon en Joran van de Dood doen hun werk.)

M.H.Benders

Het is primair natuurlijk dik in orde om een baan te hebben en daarnaast te schrijven. Dat doe ik zelf immers ook, hoewel ik wel eigen baas ben.

Wat niet in orde is is het Fonds ombouwen tot een soort sociale dienst voor schrijvers. Dat is niet eerlijk, omdat je dan mensen begunstigd die geen baan hebben en tegen de mensen die wel een baan hebben zegt dat ze niks kunnen krijgen en het zelf maar uit moeten zoeken. Het voorstel van Wouter Godijn lijkt me dus primair nogal oneerlijk. Sterker nog, ik vind helemaal niet dat er een inkomensgrens moet bestaan: Het Fonds der Letteren moet totaal niet de ambitie hebben sociale dienst te spelen.

Dat een subsidiesysteem vooral middelmatige kunst oplevert is een vrij algemeen bekend feit - zelfs de directeur van het fonds voor beeldende kunst beweert dit.

Ook is het aantoonbaar niet zo dat in landen zonder zo'n systeem slechtere kunst gemaakt wordt. Er wordt daar doorgaans (maar ook niet altijd) wel minder kunst gemaakt.

De reden dat ik wel voorstander van een soortement van financieringssyteem ben voor schrijvers is dat ik geloof in klassieke rangorde. Het beeld van de zeer getalenteerde schrijver die in een fabriek zijn tijd zit te verzwoegen spreekt mij niet aan, omdat het primair een egalistisch/nihilistisch wereldbeeld oplevert. Voor de literatuur zou het geen verschil maken of wellicht zelfs beter zijn, want gezapigheid is bepaald geen goede vriend van de creativiteit.

Ik denk dat de mensheid de literatuur en de daadwerkelijke intelligentia hard nodig heeft, vooral nu het allemaal spaak dreigt te lopen. Feitelijk is investeren in literatuur helemaal zo gek nog niet - je hoort altijd wel allerlei argumenten waarom het koningshuis bijvoorbeeld meer oplevert dan het kost, maar het lijkt wel of de literatuur wat dit betreft maar van 1 kant belicht mag worden. Willen we echt in een wereld leven waar de mensen geen nieuwe verhalen meer vertellen? Als je de doorsnee films van tegenwoordig bekijkt begint het er wel op te lijken. Dus geef mij maar een Ludwig die wel kapitaal steekt in kunst, zelfs al levert dat luie kunstenaars en niet perse betere kunst op. Ik heb namelijk geen vertrouwen in de zelfregulatie van onze samenleving - mijn indruk is dat we te maken hebben met een type genetische erosie die veel erger is dan welke klimaatverandering ook.

M.H.Benders


Het vergeten meesterwerkje van de Manuela's 'Lijden voor de Kunst' zou eigenlijk verplicht elke avond voor het slapen gaan gedraaid moeten worden door al die godvergeten formuliermensen!

http://listen.grooveshark.com/#/s/Lijden+voor+de+kunst/2qFTQD

eddy warmerdam

een interessante indruk die je aan die lijst van gesubsidieerde auteurs opdoet is dat het lijkt of we in een taalgebied leven zo groot als de verenigde staten
ik zie ten minste allerlei namen die je nooit ergens ziet of nooit van gehoord hebt
ik trof er zelfs two long lost friends aan, die geen weblog hebben, niet op facebook zitten en zelfs geen hyvesaccount hebben
wel kregen ze allebei twintigduizend en meer - eentje kreeg er nog een reisbeurs bovenop
ik weet zeker dat die geen enkele notie hebben van alle klachten die hier geformuleerd zijn
die hebben een weekend gedubd op hun aanvraag en ziedaar..

internet is op geen enkele wijze ook maar een afspiegeling van het geheel aan literatuur dat leeft
dat staat in geen enkele verhouding tot elkaar
de paar mensen die hier zo luidruchtig hun onvrede kenbaar maken vormen een niche met een geluidswal erom heen waar de meesten in de literatuur niks van horen
daarom leiden deze posts ook nergens toe
de enige topdog die hier komt en wel eens in contact staat met een plasterk weet de aandacht van die absolute topambtenaar niet te vangen (die reageert op hem als een opgezette geit met twee glazen ogen - zie elders)

het belangrijkste dat je hieruit kunt ontlenen is dat de klachten over het subsidiestelstel vooralsnog alleen geformuleerd worden door mensen die geen subsidie krijgen of zelfs afgewezen zijn én die op internet komen

zo er iets ter ore zal komen bij de mensen die er iets aan kunnen veranderen dan zullen ze er in eerste instantie ook zo over denken - denk ik, want zo zou ik er ook over denken

maar zover komt het niet eens want de mensen met klachten kunnen niet slijmen, niet lobbyen en niet netwerken
hun klachten worden niet gehoord

der peter

klopt eddy: al deze mooi geformuleerde en zelfs goed onderbouwde argumenten - beter dan de mijne - zullen denk ik geen enkel effect hebben. maar laat ik één reden bij die van jou voegen: het interessert de zittende mandarijnen ook gewoonweg niet.

'het belangrijkste dat je hieruit kunt ontlenen is dat de klachten over het subsidiestelstel vooralsnog alleen geformuleerd worden door mensen die geen subsidie krijgen of zelfs afgewezen zijn én die op internet komen'

het is misschien moeilijk voor te stellen, maar er zijn nog steeds mensen die subsidie aanvragen 'not done' vinden als het niet nodig is. put your own money where your mouth is.

zo, nu maar weer eens een tijd wegblijven hier. zelfde laken een pak.

M.H.Benders

"het belangrijkste dat je hieruit kunt ontlenen is dat de klachten over de oorlog in afghanistan vooralsnog alleen geformuleerd worden door mensen die daar wonen of anderzins met de oorlog in afghanistan te maken hebben."

"het belangrijkste dat je hieruit kunt ontlenen is dat de klachten over martelen in gevangenissen vooralsnog alleen geformuleerd worden door mensen die daarin vast gezeten hebben en toegang tot het internet hebben"

Omroep Eddie is nog steeds niet mijn favoriete omroep.

M.H.Benders

"het is misschien moeilijk voor te stellen, maar er zijn nog steeds mensen die subsidie aanvragen 'not done' vinden als het niet nodig is."

Maar dit is precies wat de 'Sociale Dienst Fonds der Letteren' met hun beleid bereikt hebben: een aanvraag daar doen staat nu gelijk aan je handje ophouden. De mechanismes zijn ook precies hetzelfde: je persoonlijke papieren laten inzien, allerlei pedant gedoe tolereren (dat je gepubliceerd wordt is niet goed genoeg) en als klap op de vuurpijl tolereren dat een elite van mislukte journalisten er met de grote buit vandoor gaan.

Ik vind dat je ofwel als overheid een regeling maakt die op alle schrijvers van toepassing is, ofwel je moet het gewoon afschaffen. Zodra 'nodig zijn' een argument wordt krijg je per definitie hele rare toestanden, want dan ga je het Fonds als een alternatief voor de Soos zien. En dat is ook precies wat ze er nu al min of meer van gemaakt hebben, een hele amateuristische Soos met een toelatingsbeleid zonder criteria, behalve dan dat 'collega's je goed moeten keuren'. Hoe potsierlijk is dat precies, om eerst te roepen dat je zo'n werkbeurs 'wel nodig moet hebben' en dan vervolgens die 'nood' door een keuringscommissie van zogenaamde collega's heen laat gaan?

Een sociale dienst die het toekennen van uitkeringen uitbesteed aan collega werkelozen? Met dan nog de schaamteloosheid dat als 'peer review' te proberen verkopen?

Wouter Godijn

Literatuur is altijd geproduceerd door excentriekelingen, warhoofden, buitenstaanders, kortom: hulpbehoevenden. Dat zal ook altijd zo blijven en daar moet rekening mee worden gehouden.
In het ontstaan van literatuur spelen vriendschapsbanden een essentiele rol. Wie de vriendschap uit de literatuur wil bannen, beschadigt de literatuur zelf. Het is alleen zinvol excessen te bestrijden.
Literatuur kan niet bestaan zonder het idee van kwaliteitsverschil. Er moet kunnen worden gefaald, er moeten overwinningen zijn. Behaalt iedereen dezelfde overwinning dan daalt onverschilligheid neer.
Ik heb me in het voorafgaande mogelijk te veel laten meeslepen door mijn neiging tot ascetisme. Hoe het ook zij, wat ik voorstel is geen sociale uitkering. Als je het maximumbedrag dat een literator mag verdienen om in aamerking te komen voor een werkbeurs verlaagt naar 25000 is dat bedrag nog altijd meer dan twee keer zo hoog. Bovendien mag je een huis en kapitaal bezitten en je mag samenwonen met iemand die ook verdient. Dat alles mag met een uitkering niet.
De werkbeurs van Nolens is niet zo hoog. Je moet het bedrag uitspreiden over drie jaar en de belasting ervan aftrekken. Verdient de man verder niet veel dan wordt hij gedwongen tot een sober bestaan.

Chrétien Breukers

In de eerste plaats: vriendschap uitbannen? Natuurlijk niet. Nepotisme, dat wel.

Nolens hoeft in Vlaanderen geen belasting te betalen over zijn werkbeurs. Dat is daar goed geregeld. Veel wordt het nog niet, maar die 19200, daar moet een gemiddelde werknemer toch nog aardig wat voor doen, op jaarbasis.

Wouter Godijn

Precies: veel wordt het nog niet. En het zou me niet verbazen als Nolens er zelf wel voor zorgt dat hij een zwaar leven lijdt. Is volgens mij niet iemand die jodelend zijn zegeningen telt.

Chrétien Breukers

Hij neemt ons lijden op Zich. Daar kunnen wij Hem alleen voor danken.

der peter

@ Martijn

'Zodra 'nodig zijn' een argument wordt krijg je per definitie hele rare toestanden, want dan ga je het Fonds als een alternatief voor de Soos zien.

secuurder geformuleerd dan: alle subsidies afschaffen wat mij betreft. vindt een baan of ga de bijstand in. ruk je het financieel niet met je gewoordspeel of wil je meer, dan kun je sponsors of een uitgever zoeken. er zijn tal van andere mogelijkheden buiten het verbrassen van gemeenschapsgeld.

bernd ebbo visser

Ik heb er een nachtje over gesluimerd , maar nu denk ik het zeker te weten. Het fonds moet bijdragen tot de goede bedoelingen van literatoren. Hoe zouden we daar überhaupt zonder kunnen? En prestige leidt per definitie tot niets positiefs.

M.H.Benders


"alle subsidies afschaffen wat mij betreft"

Kan. Maar dan moet je wel voortaan de nieuwe meesterwerken van Hamelinck, Gerbrandy, Nolens en Schiferli missen.

Ik ben zelf voorstander van afschaffen van het Fonds en oprichten van een Fonds der Kritiek, welke hetzelfde geld krijgt maar dit jaarlijks aan slechts vijf mensen uitkeert.

Laat een reactie achter

Als u reeds een TypePad of TypeKey account heeft, gelieve u dan aan te melden.

Uitgeverij De Contrabas
Das Haus am Salzhof. Pension in Brandenburg a/d Havel, dichtbij Berlijn. Vanaf 10 augustus 2013. Interessant voor schrijvers en dichters.

Cookies

De Contrabas maakt gebruik van cookies. Voor meer informatie Zie hier
.

april 2014

ma di wo do vr za zo
  1 2 3 4 5 6
7 8 9 10 11 12 13
14 15 16 17 18 19 20
21 22 23 24 25 26 27
28 29 30        

Colofon

Redactie: Chrétien Breukers. Reacties onder eigen naam of dichters- pseudoniem zijn zeer welkom. Anonieme of niet ter zake doende reacties worden verwijderd.

Pageviews


Sinds 21 augustus 2005

Categorieën

Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...