Colofon

Dit is weblog De Contrabas. Begonnen op 21 augustus 2005 door Ton van ’t Hof en Chrétien Breukers. Laatste bericht zal worden geplaatst op 21 augustus 2015, of ergens rond die datum. De weblog zal blijven bestaan, om de rijke archieven niet aan de digitale vergetelheid prijs te hoeven geven.

De redactie was in handen van Chrétien Breukers. De reactiemogelijkheid is gesloten, omdat de website niet ten prooi wil vallen aan eindeloze reeksen spam of aan reacties van notoire internettrollen. Mailen over de website kan aan decontrabas[at]hotmail.com

De boeken van Uitgeverij De Contrabas worden geleverd via Liverse, via CB of direct via Liverse. Eind augustus gaat de nieuwe website van uitgeverij De Contrabas, met bestelinformatie, online.

augustus 2015

ma di wo do vr za zo
          1 2
3 4 5 6 7 8 9
10 11 12 13 14 15 16
17 18 19 20 21 22 23
24 25 26 27 28 29 30
31            

« Pzr still going strong | Hoofdmenu | Komrij herziet oordeel over Hermans (Toon) »

28 juni 2010

Het eerste gedicht (19): Jane Leusink

Er is weinig aan de lente veranderd; zo heet de in 2008 verschenen bundel van Jane Leusink. Het eerste gedicht heet 'Nu [vandaag is onverbiddelijk stil]':

Vandaag is onverbiddelijk stil het grijze strand
een dag waarop het landerig verstand bevallig
aan boord springt atletisch meelift en focust
    al weer geen schaar van krabbenscheer, geen kreeftenpoot
    geen rafel en geen moeilijk hoekje te bekennen

op warme beelden en geuren (kindertijd) het ademt
in een rustig tempo uit en in waardoor
er ergens diep in je een en ander aan
het schuiven gaat en als romige melk een stromen
langs je ranke wervelstaat beginnen kan
zo ken je de gedachten van slapende kinderen
herderinnenharten en late voorbijgangers
leg je rozen op stille plekken waar geliefden
rusten leg je je toe op blijdschap, vandaag loopt
het verstand niet achter feiten aan
en werkelijk alles mag je dragen en eten
als je met een schuin oog omkijkt ziet je geluchte
geheugen de tijd niet ook al was het gauw om
dit duurde lang hier

Leusink schrijft gebeurende poëzie, om een term van Ruben van Gogh onder het stof vandaan te halen. Ik weet alleen niet, of ik de term gebruik zoals hij dat deed. Ik bedoel ermee: ze schrijft iets op, schijnbaar terwijl het gebeurt. Het dichten over de gebeurtenis valt samen met de gebeurtenissen, waarover wordt gedicht.

In zekere zin verzet dit gedicht zich dan ook tegen analyse, tegen een "slimme" ontrafeling van klankeffecten (de a's die door het hele gedicht heen hun werk als a-klank doen, et cetera) en tegen een terloopse ontsluiering van de grafscène (waar al dat geschrijf bijna een beschermende hand omheen lijkt te leggen). Om over ander retorische geweld maar te zwijgen.

Piet Gerbrandy, de criticus die er behagen in schept om het woord "overbodig" te gebruiken, een woord dat hij dan weer gek genoeg niet weet te koppelen aan zijn eigen werk, en vooral niet aan zijn eigen kritieken, die kletslappen vol gymnasiumborrelpraat. Maar waar had ik het over? Oh ja. Dit gedicht hoef je niet zozeer te analyseren, je kunt het, regel voor regel, lezen. 

Gaandeweg ontvouwt de gebeurtenis (de "anekdotische laag") zich, en krijg je zicht op hoe het gedicht werkt, wat het wil zeggen. Bij middelmatige gedichten (zoals die van Piet Gerbrandy) is het werk daarna af, bij Leusink kun je het gedicht keer op keer lezen. Zij vergemakkelijkt de lezing door gebruikmaking van een niet gering arsenaal aan vaktechnische middelen, maar toch blijft het gedicht zich onttrekken aan een "klassieke" interpretatie.

Vanmiddag moest ik aan het gedicht denken, toen ik, door omstandigheden daartoe uitgenodigd, niet naar het Nederlands elftal zat te kijken, maar mij wel in het centrum van Utrecht bevond. Ik zag ineens wat ik anders nooit zie: mensen die zich, vaak gekleed in oranje lappen, accessoires en Bavariajurkjes (die als t-shirt worden gedragen, en niet als jurkje) in een bepaalde richting spoeden. 

Gek genoeg kijken die mensen daarbij niet heel blij. Integendeel. Ze kijken zelfs vrij somber, alsof het idee dat ze zich aan massavermaak gaan overgeven neerdrukkend is. Het maakte bij mij "warme beelden en geuren (kindertijd) het ademt" vrij, "in een rustig tempo uit en in waardoor / er ergens diep in je een en ander aan / het schuiven gaat en als romige melk een stromen / langs je ranke wervelstaat beginnen kan".

Ik dacht, via allerlei omwegen, aan Pinkpop, vroeger, waar ik wel eens heen ging en dezelfde vreugdeloosheid waarnam. Met het gedicht heeft het niets te maken, en toch wel. Ik dacht aan "de gedachten van slapende kinderen / herderinnenharten en late voorbijgangers" - en zie, daar kwamen al twee toekomstige voorbijgangers, een man en een vrouw. 

Zij was rank en Faverey heeft aan haar gedacht toen hij schreef "hoe onmooi is haar schoonheid". Hij had een mij bekend voorkomende gedrongenheid, waar geen dichtregel aan blijft haken. Ze waren allebei niet in het oranje gekleed, en ze praatten aan een stuk door. In het begin hoorde ik alleen geluid, maar toen ze dichterbij kwamen ving ik een flard op. Zij: "Er valt veel te vragen" Hij: "Dat is pas vragen stellen."

Verder liepen ze weer, ogenschijnlijk gelukkig, en helemaal niet met het hoofd bij het voetbal, dat ik gaandeweg, net zoals die twee, aan het vergeten was. Misschien legt een van hen ooit rozen op het graf van de ander, iets dat zal voelen als een ritueel waarin afscheid en verbondenheid heel lang, en toch heel snel, samenvallen. Meteen toen ik die sentimentele gedachte dacht, verstoorde een concert van de vuvuzela's haar. Nederland had gescoord. 

Reacties

M.H.Benders


http://listen.grooveshark.com/#/s/Panic/2oGplr

Chrétien Breukers

?

M.H.Benders


'It says nothing to me about my life....haaaaanggggggg the blessed DJ....Hopes may rise on the Grasmere. But Honey Pie, you're not safe here..

Joop Leibbrand

Correct citeren, Chrétien:

leg je rozen op stille plekken waar geliefden
rusten leg je je toe op blijdschap, vandaag loopt

Chrétien Breukers

Done. Dank.

Hans Smit

Jane Leusink slaagt erin in één klein oeuvre alles samen te brengen wat het gros van de Nederlandse poëzie zo erg maakt. Het is geforceerd. Het swingt niet. Het staat stijf van de lukraak gekozen enjambementen. Het staat functieloos te stamelen tussen de schuifdeuren van het wit. Het leutert. Cees Buddingh' draaide zich om in zijn graf toen deze dichteres de debuutprijs met zijn naam ontving. En dit is dan nog een van haar betere gedichten.

Mooie analyse overigens - ik ga a.s. vrijdag Faverey maar eens herlezen, tijdens onze afgang tegen Brazilië.

Paul van de Wiel

Cees Buddingh zal zich erg stil houden, na al die prijzen die hij ten onrechte kreeg. Zelfs de Blauwbilgorgel, zijn beroemdste gedicht(!), was een bewerking van een Engels voorbeeld.
Paul

Hans Smit

Nou nou, ál die prijzen... http://boeken.vpro.nl/personen/22543811/

Chrétien Breukers

@Hans, ik vind het wel mooi, zo'n struikelgedicht, al moet ik eerlijk zeggen dat ik gisteren vooral na het lezen van mijn eigen stukje ademloos van bewondering was. Een heel persoonlijke invalshoek, maar voor één keer mag dat best.

M.H.Benders


Het idee dat een 'bewerking' minderwaardig is ten opzichte van een 'origineel' vind ik zo achterhaald. Ik doe beide en een goede bewerking maken is vaak moeilijker dan een goed origineel schrijven.

Gert de Jager

@ Hans. Wat jij als lukrake enjambementen ervaart is begonnen met de Mei van Gorter. Twintig procent van de regels bevatten een enjambement, als ik het me goed herinner. Het doorbreekt de dreun en de geliktheid en getuigt van een tegendraadse muzikaliteit die ik prachtig vind. Een inhoudelijke motivatie is er meestal niet voor al die enjambementen – het doet aan het muzikale effect niets af. Zonder Leusink of welke tijdgenoot dan ook direct met Gorter te willen vergelijken – je oordeel is erg makkelijk.

M.H.Benders


Is niet alles per definitie 'tegendraads muzikaal'? Dat lijkt me een simpel eufemisme voor onmuzikaal. En dat je er Gorter bij durft te slepen, wat heeft dit gedicht nou helemaal met Gorter, de grootste lyricus uit de Nederlandse poezie, van doen?

Hans Smit

@ Gert: Gorter swingt, itt Leusink, wél. Wie dat niet hoort bij het lezen, is muzikaal noch tegendraads muzikaal.

Gert de Jager

Leusink niet, het gros van de Nederlandse poëzie niet, Gorter wel. Dat is dan een hele geruststelling. Toch: dit soort sweeping statements - ik heb er niet zo op.

M.H.Benders


Ik heb het juist niet zo op mensen die de stellingen van anderen 'sweeping statements' noemen terwijl ze juist zelf vergelijkingen maken die enorm kort door de bocht zijn (het 'sweeping statement' heeft schijnbaar een wit voetje tov deze bekende uitdrukking)

De reacties op dit bericht zijn afgesloten.

Uitgeverij De Contrabas

Cookies

De Contrabas maakt gebruik van cookies. Voor meer informatie Zie hier
.

Laatste reacties

Pageviews


Sinds 21 augustus 2005

Categorieën

Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...