Vandaag in deze rubriek het eerste gedicht uit de nieuwe bundel van Mark Boog: Er moet sprake zijn van een misverstand. De bundel werd wisselend ontvangen, van juichend (door dwaallicht Piet Gerbrandy) tot niet zo juichend, zeg maar negatief ("Maar wie vóór in de bundel begint zal zich verbazen over onduidelijke beelden en de vele regels die indrukwekkend klinken zonder dit waar te maken.") door Peter Swanborn.
Mij, schaap
Mij, schaap, overkomt niets dan wat de herder wil,
wat het gras wil, de lucht,
wat de dam en de groene overkant.
en ik kijk vol overgave uit mijn
vochtige ogen. Ik ben gelukkig met wat ik heb.
De tijd verstrijkt als gras, door mij,
en elk verzet is hol. De bomen ruisen zinneloos.
In een reactie onder zijn bespreking van Terrein, de nieuwe bundel van Erik Lindner, schrijft Rutger Cornets de Groot: "Mijn probleem is niettemin dat de huidige tijd zo ‘versplinterd’ is zoals je zegt, zoveel facetten kent, zo van het een in het ander overloopt, zo tegelijk kubistisch en Baconiaans vloeibaar is dat ik voor een poëzie waarin – om welke gegronde particuliere redenen dan ook – een wereld wordt gepresenteerd die vanuit een centrum met pijn en moeite en vooral ook tevergeefs in bedwang wordt gehouden nauwelijks belangstelling meer kan opbrengen."
Op dit soort alinea's, die ik kan begrijpen, maar die ik nooit helemaal doorgrond, tuur ik mij graag blind. Proza, zoals RHCdG hier schrijft, is voer voor fijnproevers, helemaal geschikt om te verlimburgsevlaaien ("Mijn probleem is niettemin dat de huidige vlaai zo ‘versplinterd’ is zoals je zegt, zoveel latjes heeft gekregren, zo van het een in het ander overloopt, zo tegelijk Hollands en Bourgondisch vloeibaar [...] etc.), zo zacht-murmelend langs beekjes vol geleerdheid en eerder gegoten uit beton dan uit taal.
Nog even los van de vraag of het al dan niet "presenteren" van "een centrum" iets is waar je wel of geen belangstelling voor kunt hebben, lijkt RHCdG me hier voorzichtig-verfrissend bezig: hij laat bijna-unverfroren merken waar zijn voorkeur ligt, zonder daar al te veel omheen te theoretiseren; hoewel hij het kubisme en Bacon (ah, Bacon, oh!, Bacon) nog even van stal moet halen. Je zou desalniettemin, na lezing van bovenstaand citaat, kunnen gaan denken dat smaak als argument terug is in de Nederlandse poëziekritiek.
Een ontwikkeling die ik van hart toejuich.
In zijn gedicht 'Mij, schaap' beweegt Mark Boog in drie zinnen van een "centrum" (het schaap) naar de "buitenwereld" (herder, gras, lucht, dam, groene overkant). Het schaap hoeft dit centrum niet met "pijn en moeite" in stand te houden: "Ik ben gelukkig met wat ik heb."
Boog laat in de eerste strofe de a-klanken domineren (schaap, dan, gras, dam, overkant) en zijn tweede strofe de o-klanken (tors, wol, vol overgave, vochtige ogen). Die o-klank zet hij al in de verf in regel 1 (overkomt), waardoor de afwisseling a-o een mooie, een beetje koperachtige klank aan het geheel geeft.
Het gedicht is kalm; een paar observaties en wat overgave. Wellicht biedt strofe 3 uitkomst? Ik vrees van niet. "De tijd verstrijkt als gras, door mij," - het bijbelwoord "alle vlees is als gras" en het grazen van de evenhoevige hoofdpersoon worden hier aaneen gesmeed. Het schaap lijkt het "centrum", maar opnieuw: geen "pijn en moeite", maar herkauwen en verteren.
Want "elk verzet is hol". Sterker nog: "De bomen ruisen zinneloos". Verteren, groeien - het gebeurt allemaal met een kalme slag, zonder verzet; zoveel berusting zag ik bijna nooit eerder, binnen een gedicht. Boog laat een schaap, vanuit de "centrumgedachte", filosoferen over de zinloosheid van het (herkauwende) bestaan. Meer hoeft dat soms niet te zijn.
Lenze L. Bouwers
Reine de Pelseneer
Jabik Veenbaas
Hans van Willigenburg
Peter Swanborn
Leo Herberghs
Ton van 't Hof
Ton van Reen
Joris Miedema
Peter Drehmanns
Lammert Voos
Frits Criens
Rik Andreae
Jabik Veenbaas
Sacha Blé
Bernhard Christiansen
Delphine Lecompte
André van der Veeke
Gert de Jager
Hans van Willigenburg
Peter Knipmeijer
Maarten Das
Nanne Nauta
Onder redactie van Heytze en Breukers
Peter M. van der Linden
Jabik Veenbaas
Diverse auteurs
ACG Vianen
Rob Molin
Bart FM Droog
Lies Van Gasse
David Pefko; Het voorseizoen
Een van de meest treffende zelfportretten die ik ooit in dichtvorm las.
Geplaatst door: M.H.Benders | 24-5-10 om 11:21
'zoveel berusting zag ik bijna nooit eerder, binnen een gedicht.'
misschien moet je eens wat meer andere poëzie gaan lezen, Breukers. of je perceptie een ander inzicht proberen mee te geven.
Geplaatst door: der peter | 24-5-10 om 12:24
Voor mij is dit weeral poëzie die op de vlakte blijft. Bange, brave poëzie. Het probleem is dat het wordt gepresenteerd als gedurfd en origineel. Anders zou je het als dichter niet wagen om met zoiets eenvoudigs voor de dag te komen. Er zitten natuurlijk weer een paar weerhaakjes in om het speciaal te maken.
Wat hebben we: een schaap, een willoos schaap dat vrede heeft met de wereld. Het schaap is gelukkig. Het ondergaat, misschien wel met verdriet, maar toch is het gelukkig. Of nee, het ondergaat vol overgave, dat moest er nog even bij.
Vervolgens lijkt het toch enige invloed te hebben, op de tijd misschien? 'door mij'
En als je een aangename regel schrijft "de tijd verstrijkt als gras" dan moet je niet op je lauweren gaan rusten, je moet iets doen met die regel. Voor hetzelfde geld stond er: "de tijd verstrijkt als glas", konden we daar ook weeral allerlei taarten mee bakken.
"elk verzet is hol", dat is een holle zin die daar maar staat te staan. En om het af te maken:"de bomen ruisen zinneloos". Ja, plak er nog een losse regel tegenaan.
Laat het mysterie gisten, laat de lezer het werk doen.
Er is een toon in het gedicht die me wel bevalt. Dat kunnen de meeste van deze knakkers wel: een mooi kader maken, smaakvolle penseelstreken plaatsen...
Maar uiteindelijk is het zwak. Er is zoveel mooiers.
Geplaatst door: woordzoeker | 24-5-10 om 13:09
Ik lees het 'centrum van pijn en moeite' dat Rutger beschrijft als : '[in Lindners poëzie vind je vrijwel] niets anders dan pijn en moeite. En bedreiging'.
Opdat een gedicht zou appeleren moet het volgens mij 1) een struggle, een kern van pijn en moeite 2) omarmen - ik ervaar dit zelfs als een conditio sine qua non. Ik bedoel hiermee dat naast die kern [van moeite en pijn] een relativerende noot moet worden geplaatst, in de vorm van esprit, scherts, context[gerelateerde factoren], perspectief of verwijding. ic. Boog, verweiding :)
Boog schetst de mens als willoos object in de handen van lot (god), omgevingsfactoren, tijd, tenmidden zinloosheden. Hij schetst la condition humaine via het beeld 'schaap', dat spreekwoordelijk refereert aan 'ach arm schaap', het domme kuddedier, maar ook aan iets zachtzinnigs. Men scheidt de bokken immers al te graag van de schapen. Daarnaast is het schaap, verwijzend naar de Bijbelse parabel in goede handen. Verzachtende connotaties rond een kern van pijn en moeite, die ik situeer in het torsen van de wol, het verlies en die vochtige ogen.
Kortom Boogs 'Mij, schaap' omvat naar mijn aanvoelen zowel een centrum van pijn en moeite als noten, die zingen. En dat maakt verschil.
Dominique stoffelen,
ook een schaap.
Geplaatst door: jevski | 24-5-10 om 13:38
Opnieuw helemaal eens met woordzoeker, waarvoor dank.
Geplaatst door: Sacha Blé | 24-5-10 om 13:47
Van elke zin valt uiteraard een Limburgse vlaai te maken. Een zin bestaat zoals je weet, of behoort te weten, immers uit paradigmatische posities die op een syntagmatisch raster zijn uitgezet, dus het enige wat je met dat vervlaaien doet is grappen uithalen met de formele eigenschappen van een uitspraak. Het zegt zo goed als nagenoeg niets over de vraag of dat woord op die plaats daar goed staat of niet.
Verder haal ik het kubisme en Bacon, Francis er niet bij om ingewikkeld te doen, maar integendeel omdat het twee beeldende associaties zijn voor iets dat ik anders veel onbeholpener in woorden zou moeten uitdrukken. Zelf zeg je hierboven trouwens over die a-o klanken dat ze 'koperachtig' zijn. Ik had natuurlijk ook kunnen zeggen: "Dat boek is zo goud en zo wit, ja van een zwaar gouden witheid. En ik, nu ik 't in mij heb, zie ik me als staand in een hitte van goudwitten schijn." Maar dat deed Van Deyssel al eens.
Overigens zeg ik niet dat Lindner een centrum presenteert, maar een wereld die vanuit een centrum in bedwang wordt gehouden, met zeer wisselend succes. Op grond van dit gedicht geloof ik niet dat Mark Boog dat ook probeert. Zijn schaap is misschien wel een centrum, maar geen centrum dat de boel in bedwang probeert te houden. Integendeel.
Zijn schaap is hol, pleegt geen verzet, alles gaat door hem heen ('door hem' dus niet als oorzakelijkheid zoals woordzoeker meent, maar als bepaling van plaats): de tijd, het gras, de lucht. (Vergelijk ook de regels 'langs haar dijen golft het/ door me heen' in het gedicht "Panta Rhei of Herakleitos' slavin" van Hans Kloos, dat zich in een vergelijkbare sfeer afspeelt, naar het zich laat aanzien).
De titel 'Mij, schaap' lijkt een ellips voor 'de dingen die mij, schaap, geworden'. Het dier gaat op in de krachten van de natuur en het leven, is daarvan niet uitgesloten, doet wat het krachtens zijn aard moet doen (wol torsen en afgeven) en doet dat even zinneloos als de bomen die ruisen. Er zit geen groot plan achter, er is geen doel, hooguit een verlangen naar het schapenparadijs (de groene overkant). Het dier is gelukkig met wat het heeft.
En nu, ter verdere duiding van 'elk verzet is hol': Deleuze nog over het lichaam zonder organen (Body without Organs, BwO):
'In "A Thousand Plateaus", Deleuze and Guattari eventually differentiate between three kinds of BwO: cancerous, empty, and full. (...) The empty BwO is described as "catatonic" because it is completely de-organ-ized; all flows pass through it freely, with no stopping, and no directing. Even though any form of desire can be produced on it, the empty BwO is non-productive. The full BwO is the healthy BwO; it is productive, but not petrified in its organ-ization. The cancerous BwO is caught in a pattern of endless reproduction of the self-same pattern.'
http://en.wikipedia.org/wiki/Body_without_organs
Geplaatst door: RHCdG | 24-5-10 om 15:55
er waren tijden op dichttalent (een openbare poeziesite van enige faam) waar dit gedicht zou zijn weggehoond als wat dommige zegzinnen hoewel met enige waardering voor de laatste strofe, of precieser: alleen de voorlaatste zin: de tijd verstrijkt als gras, door mij
meer dan die aandacht lijkt me dit gedicht heel eerlijk gezegd niet waard
Geplaatst door: eddy warmerdam | 24-5-10 om 18:34
Tja, wat verlangen en wat mazzel naast elkaar zetten en eindigen met -zinneloos-. Pats? Nergens raak.
Geplaatst door: Jaco Wouters | 24-5-10 om 20:00
Ja Eddy, dat zijn we dus niet eens. Maar ik kom er langzamerhand wel achter dat ik weinig heb gemist daar op Dichttalent.
Geplaatst door: RHCdG | 24-5-10 om 21:00
nee daar heb je niks gemist rutger, als dat je zo duidelijk wordt in plaats van dat ik dat moet uitleggen is me dat evenzo goed;-)
maar dat heb ik hier evenmin
zie het als een rizomatisch geheel van onzin waar eenieder tijdelijk het idee van zin aan ontleent en wat toevallige normen en waarden wat poezie betreft aan opdoet
die staan nu hier tegenover elkaar
in een patpositie - zoals het hoort
of je moet willen betogen dat er toch een hierarchie vigeert waarin het een beter is dan het andere
in dat geval wil ik er wel wat nader op ingaan
Geplaatst door: eddy warmerdam | 24-5-10 om 21:09
Ik weet niet of ik je goed volg Eddy. Ik vind dit een mooi gedicht, jij vindt er weinig aan, toch? Welke hiërarchie zou ik moeten verdedigen?
Geplaatst door: RHCdG | 24-5-10 om 21:22
ik dacht dat het ging om de aandacht die een gedicht als dit verdiende en een kwestie die ik al langer voel sluimeren: of al dat geduid zin heeft of dat een onderbuikbeoordeling niet evenzo rechtmatig is of zelfs wel beter omdat duiden iets heel merkwaardigs blijft en..ik ga het daar toch eens op laten aankomen: een fremdkörper in de poezie
eerlijk gezegd kan ik dit gedicht af en toe wel mooi vinden, maar ik weet niet waaraan dat ligt - binnen mijn termen hou ik het maar op 'een zwak'
Geplaatst door: eddy warmerdam | 24-5-10 om 21:31
Over welk onderdeel van wiens onderbuik heb je het, Eddy ?
Geplaatst door: jevski | 24-5-10 om 22:18
de dantian jevski, de derde chakra..
maar ik geef het verkort weer jevski, ik gebruik de term onderbuik omdat ik um niet uit de weg wil gaan, meer als geuzennaam
mijn idee van poezie is dat je er doorheen moet wandelen als door een mooi landschap
zoiets was het ook wel altijd denk ik
maar in de vorige eeuw is er iets fout gegaan met de poezie en die moet sindsdien geduid worden
we hebben duiders nodig voor de geschiedenis, voor de politiek en het multiculturele heden
maar voor de poezie..ik heb er ernstige bedenkingen bij
Geplaatst door: eddy warmerdam | 24-5-10 om 22:31
overigens, is dat een opvatting in wording waar ik mezelf ook nog van moet overtuigen
maar de vanzelfsprekendheid waarmee hier poezie geduid wordt deel ik maar deels
Geplaatst door: eddy warmerdam | 24-5-10 om 22:36
Niets afwetend van chakra's, moet ik googlen en lees ik dat dantian geassocieerd wordt met seksualiteit én het gebied van de elixir genoemd wordt. Dat benevelt, nee ?
Geplaatst door: jevski | 24-5-10 om 22:43
Misschien:
Men is steeds minder op gaan kijken tegen poëzie. Een dichter is meer en meer gewoon een beetje raar ipv 'groots'. En het is mens-eigen om alles wat niet volgens afspraak vrij van kritische vragen is (religie bijvoorbeeld voor velen. Zie nu ook in het klein hoe Balkenende zich van zijn achterban niet hoeft te verantwoorden) een naam te willen geven.
Geplaatst door: Burns | 24-5-10 om 22:46
Burns, ik snap je niet. -niet- volgens afspraak?
Geplaatst door: Jaco Wouters | 24-5-10 om 22:54
Ik heb ook een gedicht over gras. Het is wel met koeien in plaats van schapen. Koeien zijn veel diepzinniger, vind ik.
http://www.youtube.com/watch?v=zenOhixMl_E
Geplaatst door: woordzoeker | 24-5-10 om 23:06
Nou, heel goed als je 't ergens op aan laat komen, want dan hebben we wat.
Er is natuurlijk niets op tegen om in je waardering van een gedicht op je gevoel af te gaan, op het 'reine denken diep in de buik' zoals Lucebert het eens noemde (dit met permissie als antwoord aan jevski). Sterker nog, als dat ontbreekt, kan het van begrip niet eens komen. Zulke intuïtie - want dat is het - is bovendien ook veel betrouwbaarder dan een op denkcategorieën gebaseerde interpretatie.
Maar als je je alleen op die ervaringen verlaat, dan vallen er een heleboel gedichten weg die hun geheimen pas in tweede of derde instantie prijsgeven. Een criticus die zo te werk gaat hoeft bovendien zijn vooronderstellingen en criteria niet te expliciteren. Het klotst of het klotst niet - wat maakt het uit?
Ten derde neigt poëtische taal naar concentratie en isolatie: er is veel betekenis binnen een afgeperkt gebied. Daar kun je als lezer op mediteren. En je kunt het er bij laten. Maar die concentratie en isolatie, die samengebalde energie neigt op haar beurt weer naar ontlading en uitbreiding in de ruimte. In sommige essays en beschouwingen ontploft een gedicht, zoals je in technische beschrijvingen van een apparaat of instrument wel in een zogenaamde 'exploded view' ziet (snel gezocht voorbeeld: http://www.mr-d-n-t.co.uk/Graphics%20Resources/DRAWING/exploded-view/COMPLETE-EXPLODED-VIEW.gif ).
Ik vind dat het aan zulk elementair onderzoek vaak ontbreekt, zowel hier in de reacties op de 1e-gedichtreeks, als op Versspreken waar ik om die reden na de eerste paar afleveringen van ben afgehaakt. Men duidt er op basis van particuliere associaties maar wat op los, en er is eigenlijk geen verschil met het klotscriterium.
Het decadente, waar ik het eerder over had, zit hem intussen in de onderliggende vraag, nl: wat doet het gedicht voor mij? Men stelt die vraag voordat men is nagegaan hoe het gedicht is opgebouwd, wat de lijnen zijn die er tussen de verschillende elementen lopen, welke conclusies er uit rijm enz. kunnen worden getrokken.
Er lopen hier veel dichters rond, maar er zijn maar heel weinig die kunnen lezen, ook al leest men zich te barsten.
Geplaatst door: RHCdG | 24-5-10 om 23:18
Beste RHCdG, je te barsten lezen, daarmee vat je je betoog mooi samen, je bedoelt dat velen kunnen lezen en het weinigen is gegeven zoals jij te lezen, so what als ik me op mijn manier te barsten lees?
Geplaatst door: Jaco Wouters | 24-5-10 om 23:43
Helemaal goed Jaco, ik heb er geen problemen mee. Er is mij verder niets gegeven, integendeel, ik moet moeite doen voor een gedicht.
Geplaatst door: RHCdG | 24-5-10 om 23:53
RHCdG, heerlijk om van je te lezen.
Geplaatst door: Jaco Wouters | 24-5-10 om 23:56
Wat is dat, Rutger, 'het reine denken diep in de buik' ?
En hoe definieer je 'intuïtie' ? Ook hier : wat is dat ?
Geplaatst door: jevski | 25-5-10 om 0:02
'Exploded view.' Wow. Dat is echt mooi gevonden in dit verband. Dank.
Geplaatst door: Hans Smit | 25-5-10 om 0:22
Enerzijds vind ik dit gedicht wat magertjes, anderzijds zit hem juist daarin de kracht. Als ik er maar lang genoeg naar kijk, hoor ik in de verte iets ruisen. Hoe dan ook, het is geen gedicht dat me bij zal blijven.
Ik vraag mij af, al lezend en denkend, of ik, had ik het geschreven, het überhaupt op D.T. had geplaatst.
Geplaatst door: Lilian caessens | 25-5-10 om 0:26
Definiëren doe ik liever niet, Dominique, iets moet ook kunnen zijn wat het niet is (ja, het spijt me vreselijk). Maar een eerste indruk van een gedicht komt vaak via intuïtie tot stand, en die bevindt zich diep in de buik. Er is geen reden om daar niet op te vertrouwen, vandaar allicht 'rein'.
Maar ik geef je hieronder graag wat bijeengeraapte citaten van iemand die graag intuïtief te werk ging, en die niet toevallig dezelfde achternaam heeft als ik. Sterker nog, het is mijn vader. Men moet het mij maar vergeven, maar dit is nu één keer een voor de hand liggende, ik zou haast zeggen intuïtieve referentie voor mij (en als ik Deleuze citeer is het óók niet goed):
"Wat ik wil is een impulsieve omgang met poëzie, en dat betekent een intelligente omgang: want intelligentie is immers zelf een impuls, en als het goed is, de sterkste impuls. Rationaliteit en impuls hebben sterk de neiging om tot soortgelijke en niet tot tegengestelde conclusies te komen. Het niet-rationele is vaak prorationeel. Intuïtie heet dat."
"Het is waar dat ik me wel eens beroepen heb op de zogenaamde 'intuïtie': op het vermogen om verschillende aspecten in en rondom het literaire werk te onderscheiden en met elkaar in verband te brengen - een weg die niet op elk vraagstuk van toepassing is, omdat hij niet aanleerbaar is, en dus ook niet herhaalbaar, zoals van een fatsoenlijke methode kan worden geëist. Ter verdediging beroep ik mij op een uitspraak van Ernst Robert Curtius:
'Ueber das Schülerhafte hinaus gibt es in den Geisteswissenschaften keine Methoden. Oder doch nur eine, die nicht lehrbar ist: das Zusammenarbeiten von Instinkt und Intelligenz'."
"(Ik kan) me maar niet voorstellen dat een echte denker, een echte wetenschapsman - Eureka! Aha! - die zich bezig houdt met het object van zijn interesse, geen waarde hechten zou aan zijn emoties, en deze bron van alle intuïtie bij voorbaat uit schakelen zou. Men doet dit laatste al niet op het stuk van het dagelijkse leven, waar alleen nog maar het 'gezonde' verstand zou moeten heersen - hoe kan men dan juist die intuïtie missen daarbuiten? Wat is 'objectief' zijn anders dan de omvorming van irrationele motieven tot een stelsel van normen? Geen sterveling is 'objectief'."
Geplaatst door: RHCdG | 25-5-10 om 0:40
héee curtius...
weet je wel over wie je het hebt!
Geplaatst door: eddy warmerdam | 25-5-10 om 0:58
Nou? (Ik dacht al, een Duitser: dat zal Eddy wel leuk vinden...)
Geplaatst door: RHCdG | 25-5-10 om 1:00
RHCdG: "Ik vind dat het aan zulk elementair onderzoek vaak ontbreekt, zowel hier in de reacties op de 1e-gedichtreeks, als op Versspreken waar ik om die reden na de eerste paar afleveringen van ben afgehaakt. Men duidt er op basis van particuliere associaties maar wat op los, en er is eigenlijk geen verschil met het klotscriterium."
Je verlangt dan iets oneigenlijks van Versspreken geloof ik. Versspreken is een *gesprek* over een gedicht, niet een elementair onderzoek. De dichters die over het gedicht spreken hebben het gedicht in kwestie gelezen, en daarbij dat elementaire onderzoek al lang en breed verricht. In het gesprek komen de resultaten van de diverse elementaire onderzoeken met elkaar in aanraking. En gesprekken hebben een eigen logica.
Geplaatst door: Samuel Vriezen | 25-5-10 om 1:10
Ja, ok.
Geplaatst door: RHCdG | 25-5-10 om 1:18
@ Rutger,
"Iets moet kunnen zijn wat het niet is", dat versta ik niet. Dat lijkt me de omgekeerde wereld. Of iets van de quantum-mechanica, die de levende kat dood verklaart. Het ruikt alleszins naar hokus-pokus of boskabouters.
Ik meen dat 'intuïtie' iets te maken heeft met/voortvloeit uit gekleurde woorden van het taalbad vooraleer men - als baby of pre-peuter - de betekenis van woorden verstond. Lalangue (detaal) noemt Lacan dat. Zéér particulier dus, bezwaard met de interfererende factor van stem of blik (van de ouderlijke grootmacht).
Hoe dan een gedicht, met een rein denken vanuit de buik, aanvoelen ? Hoe anders dan particulier ?
Geplaatst door: jevski | 25-5-10 om 4:04
Ik vind dat het verplicht (ben niet rechtlijnig of zo) moet worden gesteld, bij 'het eerste gedicht', dat de desbetreffende dichter, zelf uitleg komt geven. Want wtf betekent de laatste regel???
Geplaatst door: bernd ebbo visser | 25-5-10 om 9:00
Dit gedicht is ooit in een interview uitgebreid besproken met de auteur. Ik dacht in De Avonden. Het moet in ieder geval in of vóór 2007 geweest zijn want hij droeg het gedicht al voor bij Onbederflijk Vers in datzelfde jaar. Het lukt me niet om het terug te vinden aangezien ik niet over de juiste plug ins op mijn pc beschik. Wellicht kan een ander het interview wel beluisteren.
Geplaatst door: Saskia van den Heuvel | 25-5-10 om 11:32
Het maakt toch wat los hé, die gedichten. Leuk(?) Een mens zou er weer van gaan nagelbijten.
Geplaatst door: woordzoeker | 25-5-10 om 12:20
Wat betreft de door jou aangehaalde citaten, Rutger.
Het meesterdiscours, wat zouden we zijn zonder. Maar toch wil ik graag begrijpen. Ik ben niet geneigd zomaar alles aan te nemen, omdat de meester het heeft gezegd.
- In het eerste citaat wordt impuls, intelligentie en intuïtie op één lijn gesteld. Gelijkgesteld zelfs. Ik kan daar – zolang die termen niet gespecificeerd worden – met mijn verstand niet bij. Wat is dat : impuls, intelligentie ?
- In het tweede citaat worden instinct en intellect dan weer gelijkgesteld. Wat is dat instinct ?
Instinct schrijf ik oa toe aan het onvolprezen stekelbaarsje. Het mannetje krijgt in het voorjaar, nu dus, zijn paartooi en maakt een nestje op de vijverbodem. Wanneer hij een ander mannetje in het vizier krijgt, gaat hij prompt ten aanval. Rond een wijfje daarentegen zal hij liefdevol dansen, zodat er uiteindelijk gepaard wordt. Het geheel straalt een idyllisch karakter uit. Het wordt minder idyllisch wanneer we vaststellen dat het stekelbaarsje niet alleen zijn mannelijke concurrenten aanvalt, maar alles wat rood en torpedovormig is. Meer zelfs, dat hij niet alleen rond het wijfje danst maar rond elk spoelvormig zilverkleurig object dat binnen zijn vizier komt, en daar zelfs wanhopig mee probeert te paren.
Instinct schrijf ik toe aan niet-talige wezens. Spreekwezens worden (in mijn denkkader) dan weer gedreven door talig geknede drift. Gedreven taalwezens twijfelen, voelen zich schuldig, min- of meerderwaardig, vragen zich af : doe of deed ik het goed. Wat wil de ander van mij ?
- In het derde citaat kan ik me vinden wat betreft de onmogelijkheid om objectief te zijn. Dé waarheid bestaat niet. Maar of emoties en irrationele motieven de bron van intuïtie zijn weet ik niet. Daarvoor zou men eerst intuïtie moeten definiëren.
Mijn punt is dat we wel roomrijk kunnen communiceren, maar elkaar niet begrijpen en enkel wat naast elkaar tateren zolang we niet weten waarover we eigenlijk praten.
Of 'Mij, schaap' al dan niet appeleert, is uiteraard gedeeltelijk particulier. Op basis van voorliefde stelt men een top 10 op, een top 100, kiest men miss bloemkool. Daarnaast fungeert de gemeenschappelijk gedeelde taal en is de vraag : binnen welk denkkader bevindt u en u en u zich. Licht dat eens toe, asjeblief.
Geplaatst door: jevski | 25-5-10 om 12:56
jevski,
Ik ben geen Lacan-specialist, maar ik heb wel van hem begrepen dat betekenden verschuiven ten opzichte van betekenaars. Op grond daarvan moet het mogelijk zijn dat ook is wat het niet is (hoewel ik niet aan Lacan dacht toen ik dat schreef), maar laten we daar verder niet op doorgaan in dit bestek.
Met definities schieten we volgens mij niet veel op. 'Het spel der betekenaars': dat is toch ook van Lacan? Beter is het om dingen in het gebruik te leren kennen. In de aanvang zijn woorden leeg. Dat je dan niet weet waar je 't over hebt is niet zo erg, dat komt vanzelf wel, en 't is allicht beter dan een leerling-meesterdiscours waarin de meester al het werk mag opknappen. In de keuken, in bed en in de poëzie leer je door doen.
Overigens geloof ik niet dat intuïtie en instinct voorbehouden zijn aan niet-talige wezens.
Geplaatst door: RHCdG | 25-5-10 om 14:18
Poëzie, keuken, bed. Zoiets ? We put the book away and read no further ? Een keuken komt er niet in voor - hoewel de liefde van de man naar verluidt door de maag gaat - maar boek en (ingebeeld) bed wel.
"The bitterest
sorrow is not regret,
though that is part of what we suffer -
the bitterest sorrow lies in happiness rehearsed,
as when I speak of how
our fate took root.
It was a poem :
the ballad of Sir Lancelot
whom love enslaved - old fashioned stuff
pure nonsense really, so where was the danger if
from time to time our eyes met -
where was the harm ?
We read on
until we reached the line
about a kiss both looked-for and unbidden -
a kiss so long desired and yet so lightly taken -
that line was our undoing :
a sidelong
glance - another -
into each other's eyes, and we,
who since that day have never been apart,
we latecomers to everything within our hearts,
we put the book away
and read no further."
(The Damned from Inferno, canto V, translated from the Italian by Paul Batchelor)
Geplaatst door: jevski | 25-5-10 om 14:43
@ Jevski
Dat verklaart waarom juist de stekelbaars door de inmiddels verboden ROODwangsierschildpad met uitsterven wordt bedreigd. (Deze door de het helemaal zat zijnde wispelturige baasjes vrijgelaten schildpadden overleven inmiddels de Nederlandse winters.)
Geplaatst door: bernd ebbo visser | 26-5-10 om 0:22
Als ik het over een schaap heb doe ik altijd mijn best zeiknat aan de overkant te komen, dat begrijpt niemand.
Geplaatst door: Jaco Wouters | 26-5-10 om 19:20