Colofon

Dit is weblog De Contrabas. Begonnen op 21 augustus 2005 door Ton van ’t Hof en Chrétien Breukers. Laatste bericht zal worden geplaatst op 21 augustus 2015, of ergens rond die datum. De weblog zal blijven bestaan, om de rijke archieven niet aan de digitale vergetelheid prijs te hoeven geven.

De redactie was in handen van Chrétien Breukers. De reactiemogelijkheid is gesloten, omdat de website niet ten prooi wil vallen aan eindeloze reeksen spam of aan reacties van notoire internettrollen. Mailen over de website kan aan decontrabas[at]hotmail.com

De boeken van Uitgeverij De Contrabas worden geleverd via Liverse, via CB of direct via Liverse. Eind augustus gaat de nieuwe website van uitgeverij De Contrabas, met bestelinformatie, online.

augustus 2015

ma di wo do vr za zo
          1 2
3 4 5 6 7 8 9
10 11 12 13 14 15 16
17 18 19 20 21 22 23
24 25 26 27 28 29 30
31            

« Wat nu? - En waarom? | Hoofdmenu | De Gids eert Anton Korteweg, voormalig directeur van Letterkundig Museum »

03 maart 2010

Het eerste gedicht (11): Robert Anker

Vandaag deel 1 van een nieuwe, 30-delige reeks: Het Eerste Gedicht. 30 keer (2 per week, op zaterdag en woensdag, te verschijnen) schrijf ik een stukje over evenzoveel openingsgedichten van min of meer recente dichtbundels. Schreef ik op 25 april 2009. Maar bij aflevering 10 bleef ik steken. Een hernieuwde poging. Het eerste gedicht van de week komt uit gemraad slasser d.d.t. van Robert Anker. Zoals voorheen: ik bespreek alleen de tekst van het gedicht, en maak geen gebruik van informatie uit de rest van de bundel of uit andere bronnen.

1
gemraad slasser pukt een kogel
onverweerd
als was het maar een toekomstweetje
opent hij zijn borstvlees met muziek
met bidde handen
hij trekt zich voren over de veren
gemraad wordt een schuddend oog
met breek-graag in zijn vocabulaire
de kapstok in de vestiaire
hangt vol met zijn vreugde
blijde te vermijden
wat hem achterop schoot
onstuimig is zijn stelling
slasser
zijn eigen moeder

Veel houvast krijg je niet, van Robert Anker; gemraad, is dat een persoon, of is dat een, eh, iets? Ik vermoed: een persoon. Die een kogel pukt, als was het maar een toekomstweetje; een persoon, dus, die iets wéét, iets waar hij op kan vooruitlopen.

Messiaanse trekken heeft hij ook, met die geopende borstkas en die bidde handen: hij lijkt een beetje op de grote muurschildering achter het altaar van de kerk in Leveroy, voorstellende Jezus, waar ik in mijn jeugd elke zondag naar heb zitten kijken.

We hebben dus van doen met een (moderne) messias, gemraad geheten. Iemand met een goed oog voor wat er in de toekomst gebeurt, de gave om kogels te ontwijken of af te wenden en bidde(nde) handen.

Een beetje ijdel is gemraad ook. De regel 'hij trekt zich voren over de veren' roept associaties op rond het personage The Fonz, uit de serie Happy Days. Die mooie banen in zijn haar kamde, waarna hij zichzelf bewonderde in de spiegel.

Een ijdele messias, met een goed oog voor wat er in de toekomst gebeurt, de gave om kogels te ontwijken of af te wenden en bidde(nde) handen. Dit is het beeld dat Anker ons schenkt, in dit gedicht. Maar dan:

gemraad wordt een schuddend oog
met breek-graag in zijn vocabulaire

Wat gebeurt hier? Het personage gemraad wordt een schuddend oog. Omdat hij het hoofd woest beweegt, waardoor zijn ogen in zijn kop lijken te bewegen? Het kan. Helemaal ontspannen is hij niet, denk ik; breek-graag in zijn vocabulaire; hij lijkt wel een lid van de PVV, of een kraker die ergens voor zijn rechten opkomt. Een boze burger. Een demonstrant.

de kapstok in de vestiaire
hangt vol met zijn vreugde

Maar een boze burger of een demonstrant komen niet zo vaak in een vestiaire. Die ook nog eens vol lijkt te hangen met diens vreugde. (Met een grote jas? Met een reeks jassen van gelijkgestemden?) Is gemraad geen boze burger of een demonstrant maar lid van een debatingclub, of de VVD, danwel PVV? Een beetje een rechtse roeptoeter?

blijde te vermijden
wat hem achterop schoot

Ja, maar wat? Is hij blijde dat hij iets kan vermijden, iets wat hem achterop schoot - en is dat iets, iets dat hem achterna kwam of dat hem, onderweg naar de vestiaire, te binnen schoot?

onstuimig is zijn stelling
slasser
zijn eigen moeder

Ik denk dat we inderdaad te maken hebben met iemand die in een wat conservatieve setting een mening verkondigt. Een dergelijke mening is vaak onstuimig. Afkomstig uit een man met een messias-complex. Type Fortuyn. Of Wilders. Die weliswaar een slasser is (een slasher), maar toch graag en niet zonder emotie terugdenkt aan zijn moeder.

Zo verenigt dit gedicht allerlei poëtische trends uit de laatste 20 jaar, van Maximaal tot Ik ben een bijl op vaardige wijze. Helaas heft het zich ondertussen op. Maar de rest van de bundel kan daarin natuurlijk verandering brengen.

Reacties

Willem Thies

'Ik heb het nergens over Oedipus, op geen enkele manier.'

Nee, dat is weer waar, dat heb ik kennelijk van jouw masturbatielezing in combinatie met de slotregel van het gedicht gemaakt. Want ik probeer nog altijd die slotregel te plaatsen.

(Net zoals ik het nergens over cocaine had, heb jij het niet over een oedipuscomplex.)

maar inderdaad, laat duizend bloemen bloeien! het is toch wel aardig, dat brainstormen, associeren, zo kom je nog eens nergens :) :) :)

Gert de Jager

Heerlijk, die zuivere associatievreugde. Wat mij desondanks opvalt is dat er weinig gebeurt met het neologisme ‘pukt’ in de eerste regel, dat zowel Thies als CdG moeite blijven houden met de slotregel en dat in tegenstelling tot zijn achternaam Slassers voornaam onbesproken blijft.

De slotregel kan volgens mij heel goed samen met de regel die eraan voorafgaat een hoofdzin vormen - ‘is’ in ‘onstuimig is zijn stelling’ wordt dan samengetrokken. Dat Slasser denkt dat hij zijn eigen moeder is past in meerdere contexten die werden aangevoerd – messiasfiguren worden veel eens vaker merkwaardig geconcipieerd; de moderne mensch heeft soms overdreven denkbeelden aangaande zijn eigen autonomie. De laatste interpretatie lijkt me een conclusie van het voorafgaande en daarmee het meest te passen binnen het gedicht als geheel.

En dan ‘pukt’ meteen in de eerste regel – bijna meteen: na de curieuze eigennaam ‘gemraad slasser’. Als de dichter zich laat leiden door de taal, meer dan door een idee, zoals Rutger schrijft, dan betekent dat niet dat de ideeën de taal niet volgen. Zijn eigen associaties zijn er het bewijs van. Het feit dat juist een neologisme zo weinig teweegbrengt eveneens. Toch heeft in ieder geval het zelfstandig naamwoord ‘puk’ in het Nederlands gewoon een betekenis – volgens Van Dale die van een ‘klein, zwak en onaanzienlijk persoon’. Wat Gemraad, een man vol toekomstweetjes, ook met die kogel uitspookt – erg heroïsch zal het niet zijn. Na een inzet van drie semantisch nogal onbestemde woorden zal de rest van het gedicht en de cyclus ons wellicht leren wat kenmerkend is voor onze moderne Elckerlijc, dat sieraad voor de mensheid, en wat zijn raadselachtige gepuk zou kunnen inhouden.

RHCdG

Gert,
'Zuivere associatievreugde' zou ik het niet willen noemen wat ik tot dusverre gezegd heb, want die associaties hebben me tot een op zichzelf coherente interpretatie van het gedicht gebracht. Ze zijn daarmee niet langer vrij, omdat ze zowel binnen het gedicht passen als binnen de interpretatie die ik ervan geef. Dat kan dan nog altijd hineininterpretierung worden genoemd, maar niemand - ook de dichter niet - beschikt over het gezag om daarover beslissend te oordelen; zijn eigen gedicht valt daar evengoed onder.

Dat Slasser zijn eigen moeder 'is' staat inderdaad met zoveel woorden in het gedicht. De vraag is dan wat de status van het onuitgesproken woord "is" is. Mijn idee is dat hij zich nog niet van zijn moederbinding heeft bevrijd. Hij is nog geen zelfstandige man die de zorgen van anderen op zich kan nemen (zoals een messias) maar een moederskindje - wat niet wegneemt dat hij veel onheil kan aanrichten.

Over 'pukt' heb ik gezegd dat het een samentrekking is van 'pulkt' en 'plukt'; ik voeg er nu nog aan toe dat kennelijk de 'l' uit beide woorden is gepulkt/geplukt.

De betekenis 'klein, zwak en onaanzienlijk' persoon bevestigt intussen mijn idee dat gemraad nog geen zelfstandig onafhankelijk denkend en handelend mens is. Hij heeft toekomstweetjes en zijn vervolmaking is vooralsnog toekomstmuziek.

Wat de naam 'gemraad' betreft: daarvoor zou ik de rest van de bundel moeten lezen; op basis van dit gedicht durf ik er niets definitiefs over te zeggen. Dat zou ook niet terecht zijn, want die naam draagt de hele bundel.

eddy warmerdam

jij hebt af en toe beschouwingen rutger die zelf een gedicht zijn, die je niet eens meer nieuwsgierig maken naar het gedicht waarover je het hebt omdat je al voldoende poezie beleeft aan wat je beschrijft (zoals het prachtig geplaatste 'onheil' hierboven) binnen een vertrouwenswekkende gestrengheid van denken waarmee je je stukje opent

dit overigens geheel terzijde

Gert de Jager

@ Rutger. Mooie oplossing, dat met die 'l'. Als ik de Annemieke in mijzelf toelaat zie ik in 'gemraad' een sieraad.

Martijn Benders


Volgevreten, zelfgenoegzame gieren, pikkend in een rottend karkas, elk botje als trofee de lucht in houdend. Kijk eens, de letter 'l' mist uit het woord 'pukt'. Deze triomfantelijke ontdekking is al afdoende om hier voor intellectueel te kunnen doorgaan, tussen de andere gieren, mollen, ratten en ander ongeletterd gespuis.

RHCdG

"... tot wie ik maar geen toegang krijg."

Martijn Benders

Ja, want 1 heeft nooit een boek uitgegeven, en de ander een belabberd bundeltje bij de CB wat geen recensie kreeg. Inderdaad lui waar je 'toegang tot wilt krijgen'...

Beatrijs

Er zijn abstracte schilderijen waar je niks van verstaat; er mogen dus ook abstracte gedichten zijn waar je niks van verstaat. Het voordeel voor de dichter: je moet niet kunnen schrijven, je moet geen zinnen kunnen vormen, je moet geen ideeën hebben, je moet geen woordenschat hebben, je moet de juiste schrijfwijze van woorden niet kennen, je moet ook de zinstekens niet juist kunnen plaatsen. Je kan dan wel in je vuistje lachen als "slimmeriken" er heel wat weten in te ontdekken.

Gert de Jager

Ach, mevrouw Beatrijs. Robert Anker heeft niet alleen acht gedichtenbundels geschreven, maar ook een handvol romans, voorts verhalenbundels en essaybundels. Een van die romans heeft de Librisprijs gewonnen, de ander werd een regelrecht verkoopsucces. 'Hajar en Daan' wordt door middelbare scholieren, dat notoir kritische volk, graag op de literatuurlijst gezet.

Het is best hoor, als u alles wat u niet direct snapt wegzet als een samenzwering van oplichters en ‘slimmeriken’. Mij lijkt het interessanter om te proberen te ontdekken wat iemand als Anker, met zijn staat van dienst, nastreeft met deze koerswijziging in zijn poëzie. Achteroverleunen en iets niet de moeite waard vinden kan altijd nog.

Als Anker in al zijn werk trouwens van één ding blijkt geeft, dan is dat van een bijna barokke woordenschat.


Alsa Remmer

Ach, Gert: Reve, Wolkers, Giphart hebben ook een heleboel romans geschreven, waarvan er vele door scholieren op de lijst gezet worden. Dat maakt ze toch echt geen goede schrijvers.

Gert de Jager

Nee, misschien niet, maar dan gaat het om totaal andere criteria dan in het lijstje van Beatrijs.

De reacties op dit bericht zijn afgesloten.

Uitgeverij De Contrabas

Cookies

De Contrabas maakt gebruik van cookies. Voor meer informatie Zie hier
.

Laatste reacties

Pageviews


Sinds 21 augustus 2005

Categorieën

Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...