Colofon

Dit is weblog De Contrabas. Begonnen op 21 augustus 2005 door Ton van ’t Hof en Chrétien Breukers. Laatste bericht zal worden geplaatst op 21 augustus 2015, of ergens rond die datum. De weblog zal blijven bestaan, om de rijke archieven niet aan de digitale vergetelheid prijs te hoeven geven.

De redactie was in handen van Chrétien Breukers. De reactiemogelijkheid is gesloten, omdat de website niet ten prooi wil vallen aan eindeloze reeksen spam of aan reacties van notoire internettrollen. Mailen over de website kan aan decontrabas[at]hotmail.com

De boeken van Uitgeverij De Contrabas worden geleverd via Liverse, via CB of direct via Liverse. Eind augustus gaat de nieuwe website van uitgeverij De Contrabas, met bestelinformatie, online.

augustus 2015

ma di wo do vr za zo
          1 2
3 4 5 6 7 8 9
10 11 12 13 14 15 16
17 18 19 20 21 22 23
24 25 26 27 28 29 30
31            

« Tweelingsterren - Peter Knipmeijer | Hoofdmenu | "There is a point of no return. This point has to be reached." »

07 februari 2010

Gedichtendag, leesbevordering, Lucebert en poëtische zelfhaat

"‘t Ligt niet in mijn aard om zuur te doen over initiatieven van goedwillende instanties, maar er is geen dag waarop ik me meer van de poëzie vervreemd voel dan Gedichtendag. Op die dag, alweer ruim een week geleden, treedt de poëzie naar buiten: ‘Kranten, tijdschriften, het internet, radio en televisie gonzen die dag iets poëtischer. Honderden scholen, bibliotheken, boekhandels, bedrijven en particulieren organiseren evenzoveel activiteiten: voordrachten, lezingen, tentoonstellingen, poëzie-wandelingen, schrijfwedstrijden…’" Over Gedichtendag, leesbevordering, Lucebert en over poëtische zelfhaat. Bij RHCdG >>

Reacties

annemieke steenbergen-spijkerman

poëzie onderwijs geven aan kinderen op al jonge leeftijd net als aan ouderen is prachtig.Ze leren observeren kijken met eigen kijkers , ze leren verbeelden en inleven, de gronden van taal leren doorschoffelen en hun gedachten aanharken. Het zit niet eens in het lesgeven in wat is poëzie alleen het zit in een ethousiastmerende leerkracht durven zijn, het kampvuurtje durven zijn dat genoeg in zich draagt om je als leerling aan te warmen.

Ze leren vragen stellen, ze leren waarom hout tegen verrotting bestand is en ze met name te betrekken bij het schone uit leven het bijzondere ook te durven zien van een doodgewone grasspriet met meer dan een tint waar je ook nog meer kunt schilderen omdat het sap in zich draagt.

Als je in leven het talen en de talen en al hun prachtige karakters op een rij zelf in zinnen hebt ervaren en enthousiast genoeg in leven staat bevorder je leerlingen tot leerkrachten.Tot leerkrachten van jezelf om van hun te leren hoe onbevangen zij nog kunnen kijken.
poëzie mag ongekunsteld zijn en blijven de kunst van leven weergeven zonder dat het een truckje of kunstje wordt dan voel je in de regels namelijk te veel het gezochte.

Er is al zoveel gezeik in leven, laten we de poëzie in ere houden om zo nu en dan even geraakt te kunnen worden te mogen tranen zonder te zeggen fischermansfriends door een enkele zin , geraakt te kunnen worden door een beeldwaarde.

Men wordt in leven van van alles ontslagen behalve van een last die leven en pompen heet een hart moet pompen die heeft nood om te pompen om adem en een kloppende kracht die het hart hebben in leven om te leven ook ontroering in en uit taal te genereren

annemieke steenbergen-spijkerman

meer=mee kunt schilderen

wijnand steemers

Bijvoorbeeld, Eddy

Hij zit in de schaatuuw
he, hij ziet een aandere ekorn
zou, hij er heen gaan
hee wat zie hij daar
hij zie een boom met tamenkastangjes

anoniem gedichtje van een jongen van ca. 8 jaar

Hiervan kan ik genieten, net een 50-er.

eddy warmerdam

ja zeker leuk dat ding

en met achtjarigen valt nog wel wat te beginnen lijkt me
maar ik zie al dat je een klas vol puberende turken, marokanen, somaliers, antillianen en wat blanke nederlanders kouwenaar voorschotelt om ze voor te bereiden op de complexe werkelijkheid..

ze vormen zelf al een complexe werkelijkheid waar de leraar nog heel veel kouwenaar voor moet lezen om daar op voorbereid te zijn ;-)
en ze nog iets bij te brengen dat zo'n klas als nuttig beschouwt

wijnand steemers

Moge de leerkrachten lyrische leerkrachten bezitten voor de overdracht, waarvan de diverse resultaten gelukkig onberekenbare rendementen opleveren. En niet alleen tot competitie aansporen.

wijnand steemers

Als je jouw klas een leuke prijs (een vrij uurtje, bijvoorbeeld) in het vooruitzicht stelt voor een gedicht dat je ze opdraagt te schrijven op een thema dat jij aandraagt of dat ze zelf mogen kiezen en hen eventueel hun eigen gedichten laat jureren met jou als juryvoorzitter met een extra stem, dan heb je zo een uur vol met resultaat. Tijdens de baltst krijsen de lyrische bacillen om gehoord te worden. Hun schaamtegevoel om iets dichterlijks te schrijven zal het moeilijkst te overwinnen zijn, maar daar ben jij een goede leraar voor, Eddy.

RHCdG

Poëzie brengt 'een verhoogde mate van zijn' tot uitdrukking? In hoeverre is dat minder bespottelijk dan mijn 'complexe werkelijkheid'? Mij dunkt: in geen enkel opzicht. Als ik nl. een gedicht lees van zo'n even ernstige als speelse dichter als Lucebert - maar waarom een en ander inderdaad zo op hem toegespits? - dan laat de complexiteit van zijn taal mij die werkelijkheid als zodanig *ervaren*. Dat heeft werkelijk niets met een idee of een opvatting te maken - hoezeer ik ook, in vergelijking met jou, besef zo'n poëziemandarijn te zijn die nooit eens aan het leven heeft deelgenomen. Al was het ook maar, omdat die ervaring, zeker bij Lucebert, begint met een voor iedereen - dus ook voor kinderen - navoelbaar ritme en dito klank; lees een gedicht als 'horror' maar eens hardop voor.

Maar ja, jij bent een man van de praktijk, zo hebben we je inmiddels leren kennen de afgelopen tijd. Iemand, die naast zijn baan in de aandelenhandel ook nog voor de klas heeft gestaan, en daarnaast óók nog tijd overhield om zich met poëzie en filosofie in te laten. Vind je 't gek dat je, als je zo tot je nek toe vol ervaring zit, je realisme eens voor een 'verhoogde mate van zijn' zou willen prijsgeven? Dat is nauwelijks te onderscheiden van die behoefte van die Toon Hermans-gangers, die ook wel eens een avondje wilden lachen. Maar misschien zijn andere middelen daarvoor dan toch beter geschikt, Eddy, bv. die van de plaatselijke drugsleverancier, of anders een rondje met de hond. Intussen hou ik de naïeve droom van volwassen poëzie-onderwijs aan kinderen dan toch maar levend, ipv het cynische alternatief dat jij lijkt te suggereren: infantiele versjes voor infantiele mensen op een infantiele dag.

annemieke steenbergen-spijkerman


Eddy je zult wel vroeger moeten beginnen met taal en het enthousiastmeren van leerlingen. Een huis bouw je ook niet zonder goed fundament en een boom plant je ook niet zonder ruime aandacht aan een plantgat te geven noch de aarde op structuur te controleren alvorens je de boom plant .Dit omdat op veen niet alle bomen evengoed tot hun recht komen en anderen op klei weer niet groeien , daarom heet het vak ook doceren je begint al vroeg bij doceren om de beginselen aan te leren net als bij muziek begin je bij do.

Do om de eerste noot of nood als eerste te laten klinken in de toonladder die poëzie ook kent. Dan begin je ook bij de grond plezier ervaren in taal en verbeelden en cultuur en je begint niet halverwege ergens lukraak.
Al kan ook dat wel , dit omdat er altijd groepen blijven die er niet mee vertrouwd mee zijn opgegroeid van huis uit of van school uit op elk moment op je pad kunnen komen in leven en ook die kun je als voorbij komers als mensen enthousiasmeren voor gedichten en poëzie.


Zelfs de meest puberende klas is voor poëzie te enthousiastmeren bij de juiste aansprekendheid daar ben ik compleet van overtuigd als je elke persoon apart uitnodigend aandacht geeft op hun aandachtspunt om ze te betrekken bij ook hun achtergrond en hun taal om het talende te ervaren poëzie is net als cultuur geen eenheidsworst en moet het ook niet worden.

Vroeg beginnen bij peuters en dan opbouwen dan leren ook pubers die er mee vergroeid zijn genieten van meer dan een genre dichters want in vele dingen ligt iets moois om op te leren oprapen juist uit verschillende culturen om zo het mondiale voor het voetlicht te brengen.

De werkelijkheid is niet zo complex of er is in een complex wel ruimte om uitleg en een uitweg te vinden als je in het juiste gebouw de juiste regels en beelden kunt ontdekken de juiste enthousiaste leerkrachten plaatst
zonder dat de drempels te hoog zijn en taal te elitair is of wordt.

Bij het vinden van de juiste regels de juiste snaren de juiste karakters om iets op te bouwen met al die verschillende karakters binnen bestaan ligt ongetwijfeld de juiste zin in taal voor op de tong op het juiste moment om deze te vinden om ze uit te nodigen mee te doen. Voel. Ervaar en doet.

Wie ben je in het samengaan
Ben je deel van de scheidende. Hart en wereld het huisje in de duinen
Het hopen, het voorbij zijn. Of domweg deel van die puntige kin
Een prachtige keuze of een goedlopende zin.
Ben je een van de machteloos geboeiden, een herder terug kerend naar het dal,
iets suizelend in een onsterfelijke dood of korst aan het pas gebakken brood?
Het bloeiende boven het woekerende juinen of het groeiende in wind of lege kruinen Kun je zelfstandig zinvol ook blijven staan. Wie ben je in het samengaan.

eddy warmerdam

ik heb niets tegen jouw 'complexe werkelijkheid' rutger maar tegen het idee dat je de jeugd daarop middels poezie wilt voorbereiden
het zou net zo debiel zijn als wannneer ik zou zeggen dat we de jeugd middels kunst in contact wil laten komen met verhoogde mates van zijn
hoewel..nee dat vind ik niet eens zo'n slecht idee (tis trouwens heideggeriaans jargon zoals je al vermoedde)

en begrijp me goed, ik vind je streven om de droom van volwassen poezie-onderwijs aan kinderen levend te houden zeker edel te noemen
maar als je het tegenwoordig onderwijs - dus ook de middelbare schooljeugd - kent dan krijg ik het idee dat je een theoretisch opvatting wilt opdringen aan een werkelijkheid die dat niet verdraagt
misschien is dit maar de geborneerde opvatting van iemand die, vóor hij de aandelenwereld binnenstapte, tien jaar les heeft gegeven (overigens filosofie, geschiedenis en maatschappijleer - dat ik graag mocht larderen met literatuur), dat zou heel goed kunnen
maar er zijn teveel dingen die ik er daarnaast op tegen heb
alsof de vijftigerspoezie onze nationale schat is
nog niet ontdekt door de leerlingen en daar moet wat aan veranderd worden
het is maar een kleine cercle met een venijnige lobby die dat vindt
ook de meeste neerlandici verlaten de universiteit met als lievelingsdichter kopland of arends of levi weemoedt
- ik ken er zelfs eentje die met de grootste leesplezier boeketromannetjes leest -
en als ze van kouwenaar of lucebert houden dan is het omdat ze er een keer een scriptie over geschreven hebben en zich dan kennelijk deelachtig voelen aan een 'complexe werkelijkheid'

het enige dat je van het poezieonderwijs mag verwachten is dat het poogt leerlingen een liefde voor de poezie bij te brengen
en niets lijkt mij daartoe minder geschikt dan die vijftigerspoezie
waarom die toch zo gecanoniseerd is...ik denk dat het met belangen te maken heeft die buiten de poezie staan


Gert de Jager

‘Een venijnige lobby’, ‘als ze van Kouwenaar of Lucebert houden dan is het omdat ze er een keer een scriptie over geschreven hebben’, ‘ik denk dat het met belangen te maken heeft die buiten de poëzie staan’.

Waarin schuilt het venijn? Hoe weet je dat van die Kouwenaar- en Lucebertliefhebbers? Welke belangen zijn dat?

Zou het heel misschien mogelijk zijn, geachte optiebeursgoeroe/ filosoof/historicus/maatschappijleerleraar die zijn lessen met literatuur lardeerde, dat er mensen zijn die op een voor jou onnavolgbare wijze getroffen werden door Kouwenaar of Lucebert? Op een leeftijd misschien wel dat ze voor welk buitenliterair belang dan ook te naïef waren? En dat ze misschien vanuit een zeker enthousiasme over Lucebert of Kouwenaar spreken of schrijven?

Zou het heel misschien mogelijk zijn dat de wereld uit iets meer bestaat dan projecties van je eigen, kleinzielige geest, die niets anders ziet dan laaghartige motieven?


RHCdG

De laatste zin van mijn blogpost luidt: 'Maar Barnas of Lindner is ook goed'. Dus aan *mij* ligt het niet dat je het telkens maar over Lucebert en Vijftigers hebt. Alleen sluit ik hen niet uit van wat ik mogelijk acht op school, en ik zeg erbij dat me dat onderwijs in die poëzie me zinvoller lijkt dan kinderen met Toon Hermans c.s. in slaap te sussen, omdat de manier waarop die poëzie in elkaar steekt eenvoudiger is dan de wereld waarin wij leven, en waarin die kinderen na een paar jaar in terechtkomen. Het lijkt me dat het geen kwaad kan om kinderen via poëzie een ervaring op te laten doen van die werkelijkheid. Jij doet dat liever via proza en film - dat laatste, neem ik aan, zal dan wel weer geen Godard mogen zijn, want dat kunnen de lieverds niet aan?

Ik vind het van een slapjanussenmentaliteit getuigen wat je allemaal beweert, onder het voorwendsel van een realisme waar jij op basis van je ervaringen uit je veelzijdige praktijk de hand op meent te kunnen leggen, gesteund bovendien door allerhande filosofen waar je voortdurend mee schermt... Mijn intuïtie, beste Eddy, zegt me dat je zo'n teleurgestelde leerkracht bent, aan wie Lucebert nog eens zo'n fraai maar ongeschikt want onbegrijpelijk gedicht opdroeg:

hij trapte de zon onder tafel
terwijl hij zijn leerboek sloot
bij licht had hij leren geleerd
in duisternis ongeduld

Chrétien Breukers

heren. ik grijp in. jullie mogen dit soort discussies op jullie eigen logs voeren. de argumenten zijn gewisseld, de herhaling van zetten nadert. ophouden, dus.

De reacties op dit bericht zijn afgesloten.

Uitgeverij De Contrabas

Cookies

De Contrabas maakt gebruik van cookies. Voor meer informatie Zie hier
.

Laatste reacties

Pageviews


Sinds 21 augustus 2005

Categorieën

Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...