Gisteren was, meteorologisch gezien, de mooiste dag van het jaar. Het sneeuwde. Het hagelde en onweerde en er waren windvlagen; bij tijd en wijle trok de lucht open, om zich van de mooiste & meest blauwe kant te laten zien. Op de koop toe was het zondag en dus heel rustig. Maar niet heus.
Wij wonen namelijk in een hele... leuke buurt, waar allerlei mensen de hele dag bezig zijn met het organiseren van... leuke dingen, dingen die buurt-bevorderend werken, richting cohesie en leukheid. En gisteren omvatte die leukheid een aantal optredens van amateurbandjes op het net achter ons gelegen Bankaplein.
De héle middag schalde allerlei lichte muziek door de buurt, terwijl het weer zich ongeveer gedroeg als in het gedicht van Roland Holst: 'De wind viel stil; al dichter vlokken / daalden doodzacht naar het smal pad.' Ondertussen stond iemand met een terminale keelkwaal 'Hij was maar een clown' te blèren.
Langzaam maar zeker begon ik me op te winden over die optredens. Ik overwoog dat het beter zou zijn om alle mensen die bij buurtcohesie betrokken zijn het stemrecht af te nemen. Dat hebben ze toch nergens voor nodig. En toen een duo het liedje 'Wereld zonder jou' van Trijntje Oosterhuis en Marco Borsato begon te vertolken, was de maat vol.
Ik pakte een willekeurige bundel uit de kast en liep naar het Bankaplein. Daar aangekomen baande ik me een weg door het publiek dat in de feesttent, ook al zo'n woord, bij elkaar was gekomen. Ik maande de band tot stilte en sprak:
Hoor eens ik haat je,ik schreef dat je lief was en licht -
en nog wat onzin over je gezicht
maar nu haat ik je, god wat haat ik je.
Die neus, dat hoofd, die paardenbek,
die ogen en die gierennek
dat kraagje en dat bloemkooloor
met al je slierten haar er voor.
Hoor eens ik wou graag zijn
jou, maar het kon niet zijn,
het licht is uit, ik zie je alsnog
zoals je werkelijk bent.
O ja, ik haat je,
ik haat je zo vreselijk,
ik wou het helemaal niet zeggen -
maar ik moest het even kwijt.
Daarna moest ik behoorlijk hard rennen om de boze meute voor te blijven. Maar het luchtte wel op.
gedicht: Ingmar Heytze.
Delphine Lecompte
André van der Veeke
Lammert Voos
Daan Doesborgh
Quirien van Haelen
Menno van der Beek
Mart van der Hiele
Peter Knipmeijer
Maarten Das
Nanne Nauta
Peter M. van der Linden
Gert de Jager
Het Utrechts Dichtersgilde
Jabik Veenbaas
Hans van Willigenburg
Chrétien Breukers
Onno Kosters/Dick Groot
Diverse auteurs
ACG Vianen
Rob Molin
Bart FM Droog
Erik Nieuwenhuis
Annemarie Estor
Wouter Godijn
:)
Geplaatst door: annemieke steenbergen-spijkerman | 21-12-09 om 18:44
Vier illustraties van hoe een een nieuw idee een mens die daarop niet is voorbereid van zijn stuk brengt
I
SCHRIJVER: Ik ben schrijver
LEZER: Volgens mij ben je een kloo...k.
(De schrijver blijft een paar minuten geschokt door dit nieuwe idee staan en valt dan dood neer. Hij wordt weggedragen)
II
SCHILDER: Ik ben schilder
ARBEIDER: Volgens mij ben je een kl...zak.
(De scholder wordt bleek als een doek, schommelt als riet heen en weer en sterft eensklaps. Hij wordt weggedragen.)
III
COMPONIST: Ik ben componist.
VANJA ROEBLJOV: Volgens mij ben je een kl...zak!
(De componist zakt zwaar ademend in elkaar. Hij wordt eensklaps weggedragen.)
IV
CHEMICUS: Ik ben chemicus
FYSICUS: Volgens mij ben je een kl...zak!
(De chemicus zegt geen woord meer en stort met een zware klap op de vloer neer.)
Daniil Charms 13 april 1933
Geplaatst door: jan Pollet | 21-12-09 om 19:43