Onze Vader
Zoals de blagen spinnen,weggedoken in grove plooien huid!
Ik trek de haren uit mijn tenen.
Wij trekken de splinters uit mijn ziel.
Bij thuiskomst (maar in welk huis dan
nog, zou mijn moeder willen weten)
zet ik een hand in de petroleumramen,
draai mij fluks om naar de televisie,
stoot mijn kop tegen de steunbalk die
midden door de kamer valt. Zo ben
en leef ik in een bende. Een blauwe streep
loopt als een blinkend lot over mijn gezicht.
Al het zout komt recht uit de zon.
Alles wat brandt wordt ook weer donker.
Op mijn vloekpartijen volgt doorgaans
een lang en dapper volgehouden zwijgen.
Mijn vrouw is en blijft een breekbaar gegeven,
geslagen uit mijn onderkoelde rotspartijen chocola.
© Eelke van Es
Delphine Lecompte
André van der Veeke
Lammert Voos
Daan Doesborgh
Quirien van Haelen
Menno van der Beek
Mart van der Hiele
Peter Knipmeijer
Maarten Das
Nanne Nauta
Peter M. van der Linden
Gert de Jager
Het Utrechts Dichtersgilde
Jabik Veenbaas
Hans van Willigenburg
Chrétien Breukers
Onno Kosters/Dick Groot
Diverse auteurs
ACG Vianen
Rob Molin
Bart FM Droog
Erik Nieuwenhuis
Annemarie Estor
Wouter Godijn
Reacties