"Dutch people prefer to eagerly reach out for the other side of the Atlantic Ocean, rather than being interested in the books, records or films from the Baltic, the Balcans, or the Iberic peninsula. In Belgium, the situation is even more awkward. Even open minded writers from the French speaking part of the country admit never having read their compatriot Nobel prize candidate Hugo Claus (Flemish writer, of the same generation and grandeur as Harry Mulisch or Cees Nooteboom). And on the other side of the spectre the situation is not much better, it seems. Many of my Flemish friends can only mention dead French writing compatriots (Michaux, De Coster, Maeterlinck). Gifted and successful authors like Amélie Nothomb and the poet William Cliff were being easily mistaken by some as being either French or English writers." n.a.v het tweede Ierse referendum over het Verdrag van Lissabon herneemt deBuren dit essay van Serge van Duijnhoven uit 2001 (de Nederlandse tekst staat onder de reactieknop) Ook DS laat vandaag David Van Reybrouck en Peter Vermeersch aan het woord ivm De Europese Grondwet in Verzen. (zie ook dit eerdere bericht)
In de reacties plaatst Van Duijnhoven het Nederlandse origineel van zijn stuk, dat u hier als pdf nog eens rustig kunt nalezen. Dank aan Van Duijnhoven voor het zenden van zijn beschouwing.
Lenze L. Bouwers
Reine de Pelseneer
Jabik Veenbaas
Hans van Willigenburg
Peter Swanborn
Leo Herberghs
Ton van 't Hof
Ton van Reen
Joris Miedema
Peter Drehmanns
Lammert Voos
Frits Criens
Rik Andreae
Jabik Veenbaas
Sacha Blé
Bernhard Christiansen
Delphine Lecompte
André van der Veeke
Gert de Jager
Hans van Willigenburg
Peter Knipmeijer
Maarten Das
Nanne Nauta
Onder redactie van Heytze en Breukers
Peter M. van der Linden
Jabik Veenbaas
Diverse auteurs
ACG Vianen
Rob Molin
Bart FM Droog
Lies Van Gasse
David Pefko; Het voorseizoen
‘What kind of beer is that Erdbeer?’
In de negentiende eeuw, ontsproten nationale culturen uit de verbeelding van de schrijvers, geleerden en historici. In de 21ste eeuw, staan we voor de uitdaging om Europa van top tot teen gestalte te geven. Hopelijk geschiedt dat niet alleen op institutioneel of administratief niveau. Het grondleggen van de veelvormige Europese cultuur, zal iets zijn waar de jongste en komende generaties zich mee bezig zullen houden. Ook de kunstenaars, schrijvers, filmmakers – en dus niet alleen de politici en zakenlieden - kunnen er niet omheen de vraag te stellen wat Europa voor hen betekent.
een opiniestuk door Serge van Duijnhoven
In de talloze extra bijlagen die de afgelopen weken aan de uitbreiding van de Europese Unie, kwamen tal van aspecten aan de orde: economie, demografie, immigratie, politiek, militair. Over cultuur werd met geen woord gerept. Een pijnlijke omissie van de redactie, of een teken aan de wand? Als het om de voortschrijdende eenwording van Europa gaat voeren merkantilistische -, economische en veiligheidsbeginselen de boventoon. De cultuur, meestal toch de grondslag voor iedere cohesie tussen volkeren, hobbelt er op z’n gunstigst een beetje achteraan. Of wordt, zoals in De Morgen, helemaal buiten beschouwing gelaten. ‘Erst kommt das Fressen, dan kommt die Moral’, schreef Bertold Brecht al.
Toch is dat wel eens anders geweest.
György Konrad, president van de Akademie van de Kunsten in Berlijn, sprak vorig jaar een rede uit in Berlijn, voor een gehoor van honderd Europese schrijvers uit 43 landen die gegrondvest zijn op het Europese erfgoed, van Armenie tot Spanje. ‘Als de EU u menens is, moet u ook bereid zijn af en toe in de huid van andere Europeanen te kruipen’, hield Konrad zijn publiek voor. ‘Bijvoorbeeld door middel van literaire boeken, die vertaald en verspreid moeten worden in heel Europa. Europa is een continent van woorden.’
Konrad zei dit op de Bebelplatz, voor de Von Humboldtuniversiteit, de plek waar de Nazi’s op 10 mei 1933 boeken van joodse schrijvers en entartete intellectuelen hebben verbrand. En waar de Israelische beeldhouwer Misha Ullman een ondergronds boekendepot heeft gemaakt met witte, lege boekenplanken, die zichtbaar zijn via een glazen plaat tussen de kasseien waarop een macabere voorspelling uit 1810 van Heinrich Heine te lezen staat: waar boeken worden verbrand, zullen ook eens mensen worden verbrand.
In de negentiende eeuw, ontsproten nationale culturen uit de verbeelding van de schrijvers, geleerden en historici. In de 21ste eeuw, staan we voor de uitdaging om Europa van top tot teen gestalte te geven. Hopelijk geschiedt dat niet alleen op institutioneel of administratief niveau. Het grondleggen van de Europese cultuur zal iets zijn waar de jongste en komende generaties zich mee bezig zullen houden. Ook de kunstenaars, schrijvers, filmmakers – en dus niet alleen de politici en zakenlieden - kunnen er niet omheen de vraag te stellen wat Europa voor hen betekent. ‘Voor mij betekent het, onder meer’, vertelde Konrad in Berlijn, ‘dat niemand er als enige over kan heersen. Velen hebben het geprobeerd, maar niemand is erin geslaagd. Geen van hen kon op tegen de Europese individuen.’
Het welvaren van Europa is onlosmakelijk verbonden met pluralisme. Het boeket bloeit als de bloemen zich openen, zonder dat het geheel uiteenvalt. Het Europese humanisme, dat het menselijk bestaan ziet als een streven naar vrijheid, kan als bindende kracht fungeren binnen dit pluralisme. De samenbindende rol van de EU is nog altijd zo oppervlakkig, dat niet meer dan een duizendste van het budget besteed wordt aan cultuur (dat is twintig keer zo weinig als op het gebied van defensie). Europa moet de vertalingen van boeken en de publicatie van boeken in de diverse landen stimuleren. Dit is iets dat vanzelfsprekend moet worden, omdat het wederzijdse begrip tussen de naties erdoor versterkt. Het zou er een principe van moeten maken om ook films en muziek uit andere Europese landen onder de aandacht te brengen, via beschikbaar stellen van fondsen en het organiseren van festivals waar Europeanen dat ‘kijkje in elkaars ziel’ kunnen krijgen waarover Konrad sprak. Van een Europese literatuur was al sprake lang voor het idee ontstond voor een Europese Kolen en Staal Gemeenschap. De Europese literatuur en cultuur zijn gelukkig niet afhankelijk van de Europese Unie, maar wanneer het omgekeerde het geval is (als de EU zich niets gelegen laat liggen aan de cultuur en literatuur van haar lidstaten) zal een groeiende onverschilligheid ten aanzien van de medeburgers de cohesie van de EU uiteindelijk zeker parten spelen. Dan blijkt de eenwording niet meer dan een lege huls, en de minste of geringste crisis het geheel uit elkaar doen vallen.
‘What kind of beer is that Erdbeer?,’ vroeg de Armeense cineast en scenarioschrijver David Matevossian, me onlangs op het terrasje van een ijssalon in Dortmund. De spraakverwarring tussen Europeanen zal er ondanks de nakende eenwording voorlopig wel niet minder op worden. Ondanks dat blijft verbroedering mogelijk, mits we niet met de rug naar de andere Europeanen gekeerd zullen blijven. De huidige balans is wat dat betreft weinig hoopgevend. Nederlanders kijken liever reikhalzend naar de andere zijde van de Atlantische Oceaan, dan dat ze zich oprecht interesseren voor de boeken van schrijvers of cineasten uit Estland of Bulgarije. En in Belgie is het nog curieuzer. Zelfs de meest toonaangevende schrijvers in het franstalige gedeelte (Nicolas Ancion, William Cliff) geven toe nog nooit ook maar een boek gelezen te hebben van pakweg Hugo Claus (zelfs niet in vertaling). Andersom is het overigens niet veel beter gesteld, zo leert een vragenrondje onder mijn literaire vrienden in Brussel. Op mijn vraag welke hun favoriete franstalige belgische schrijvers zijn, weten ze in het gunstigste geval alleen enkele dode kanonnen te noemen (Michaud, De Maeterlinck, De Coster). Amelie Nothomb categoriseerden sommigen als ‘een franse schrijfster’.
‘Europa is een continent van woorden,’ zei György Konrad op de Bebelplatz. En hij vertelde daarbij de anekdote van de Boeddhistische monnik uit Japan die terugkeert na een bezoek aan Europa. ‘En, hoe zijn de Europeanen?’ willen zijn collega’s weten. Zijn antwoord luidt: ‘aardige mensen. Alleen praten ze teveel…’. De eenheid in Europa is nog ver te zoeken, maar misschien is dat maar goed ook. Verscheidenheid vormt juist de kracht en schoonheid van ons continent. Culturele eenheid is stilstand, verstarring en monotonie. Het uitzicht vanaf de toren van Babel is veel adembenemender dan dat vanaf de begane grond. Maar om die verscheidenheid niet tenonder te laten gaan in merkantilistische uniformering, zal de moraal van de Europese burgers ergens toch bereid moeten zijn om in het geweer te komen, en is een interesse in de andere Europeanen geen luxe maar noodzaak.
Serge van Duijnhoven
Geplaatst door: Serge van Duijnhoven | 30-9-09 om 13:58
Dank voor deze vertaling!
Geplaatst door: jan Pollet | 30-9-09 om 15:00
We zullen het (dank voor het opsturen) wel bijplaatsen.
Geplaatst door: Chrétien Breukers | 30-9-09 om 15:14
Hé, dit lijkt wel een lang en steekhoudend stuk van 1200-2000 woorden. Zou het scherpe oog van Willem The Dude Bongers het al hebben opgemerkt?
Geplaatst door: RHCdG | 30-9-09 om 17:33
Willem Bongers plaatste eigenhandig de Engelstalige versie van dit interessante stuk online op http://www.deburen.eu/nl/nieuws-opinie/detail/what-kind-of-beer-is-that-erdbeer.
Terzijde voor de blinden, slechtzienden, doven, hardhorenden: hoe goed ik dit stuk ook vind, het is geen steekhoudende en wat langere bespreking van een afzonderlijk literair werk. Je hebt me gisteren dus wederom niet gesnapt, Rutger.
Geplaatst door: Willem Bongers | 1-10-09 om 11:05