"Eind jaren negentig manifesteerden Ingmar Heytze, Ruben van Gogh en Hagar Peeters zich als ambitieus dichttalent op podia en in een prikkelende bloemlezing. Is de belofte vervuld?"
"Van Gogh, Peeters en Heytze hebben het in zich goede, ongecodeerde poëzie te schrijven en die sprong naar de sterren echt te maken. Van hen is Ruben van Gogh het verst verwijderd van dat ideaal. In zijn laatste twee dichtbundels koos hij voor een visueel gewelddadige vormgeving."
"Hagar Peeters is net als Van Gogh een nieuwe weg ingeslagen. Haar Koffers Zeelucht (2003) toonde dat ze zich sterk had ontwikkeld na haar debuut. In plaats van nog een stap te zetten in dezelfde richting kreeg ze behoefte aan poëzie die meer sociaal-maatschappelijke betrokkenheid uitdrukte. Die wens resulteerde in het onlangs verschenen Loper van licht, waarin ze zichzelf opnieuw uitvindt. De toon is minder vlinderend, studieuzer. In het slotgedicht 'Hagars aspiraties', eerder verschenen als column in de Volkskrant, laat ze merken dat ze zich graag in de traditie ziet staan - die traditie van oude dichters. Misschien kan de verkiezing van de Dichter des Vaderlands daar een rol in spelen."
"Anders moet de sprong naar het grote publiek worden gemaakt door Ingmar Heytze, die steeds heeft vastgehouden aan zijn stijl. De tekenen waren gunstig. Populariteit is bijvoorbeeld ook, hoe je het ook wendt of keert: op tv komen. Welke dichter kon in 2008 zijn nieuwe bundel op tv onder de aandacht brengen? Heytze zat er, bij de De wereld draait door, en slaagde er zelfs in twee gedichten voor te dragen."
Uit 'Codekrakers. Heytze - Peeters - Van Gogh 10 jaar later', van Ron Rijghard verschenen op 9-1 in NRC Cultureel Supplement en in pdf-vorm te lezen op het blog van Ingmar Heytze.
Peter Knipmeijer
Peter Drehmanns
Nanne Nauta
Eelke van Es
Lenze L. Bouwers
Reine de Pelseneer
Jabik Veenbaas
Hans van Willigenburg
Peter Swanborn
Leo Herberghs
Ton van 't Hof
Ton van Reen
Joris Miedema
Peter Drehmanns
Frits Criens
Rik Andreae
Jabik Veenbaas
Sacha Blé
Bernhard Christiansen
Delphine Lecompte
André van der Veeke
Een hermetisch stuk van Rijghard, en niet echt een journalistiek hoogtepunt in zijn oeuvre. Heel... intrigerend vind ik deze zin:
"In het slotgedicht 'Hagars aspiraties', eerder verschenen als column in de Volkskrant, laat ze merken dat ze zich graag in de traditie ziet staan - die traditie van oude dichters. Misschien kan de verkiezing van de Dichter des Vaderlands daar een rol in spelen."
Hoe zou een verkiezing iemand in een traditie kunnen zetten?
Geplaatst door: Chrétien Breukers | 10-1-09 om 19:46
Ben ik de enige die de term 'ongecodeerde poëzie' niet kent? Wat is dat precies?
Geplaatst door: Cath Blaauwendraad | 10-1-09 om 19:54
Ik neem aan dat daarmee 'what you see is what you get' bedoeld wordt.
Geplaatst door: Maarten Das | 10-1-09 om 20:19
Ja, en meestal is dat niet het geval, waarmee het idee ('ongecodeerde poëzie') een fictie is, en een synoniem voor andere ficties als 'natuurlijk', 'verstaanbaar', 'toegankelijk', en dergelijke.
Geplaatst door: RHCdG | 10-1-09 om 21:59
"Gevaarlijk", "verontrustend", "experimenteel"...
Geplaatst door: Chrétien Breukers | 10-1-09 om 22:39
Dus de poëzie waar zij zich tegen afzetten is 'gecodeerde poëzie' - dat klinkt als iets ontcijferbaars, iets oplosbaars, een soort kryptogram.
Dichtbundels als puzzelboekjes - met de juiste sleutel net zo wysiwyg als wysiwyg-poëzie.
Kan me niet herinneren dat daar ooit sprake van is geweest, al zal het literatuuronderwijs op middelbare scholen dit misverstand in de hand gewerkt hebben.
Geplaatst door: Cath Blaauwendraad | 10-1-09 om 22:41
Ik kan me herinneren dat we in de vroege jaren tachtig op de middelbare school gedichten voorgeschoteld kregen als, inderdaad, een soort cryptogrammen waarvoor de enig juiste oplossing bij de leraar bekend was. Maar ja, toen werd er op school nog wel eens aandacht besteed aan poëzie, en dat is tegenwoordig zelden nog het geval.
Geplaatst door: Victor Schiferli | 11-1-09 om 0:02
Chrétien,
De voorbeelden die je geeft zijn clichés, en dat geldt voor de voorbeelden die ik gaf ook, maar waar ik op doelde is Rijghards suggestie dat er ervaringen zijn die zonder kleerscheuren in een gedicht kunnen worden overgebracht; zulke gedichten zijn dan 'natuurlijk', 'verstaanbaar', 'toegankelijk', etc. Dat kan uiteraard alleen wanneer de vorm van de tekst in kwestie (het gedicht) geen rol van betekenis speelt (of spelen mag). Maar zulke gedichten bestaan niet, omdat de vorm van het gedicht uiteraard wel degelijk een rol speelt, en wel de belangrijkste.
Geplaatst door: RHCdG | 11-1-09 om 0:34
Ja, het ging in één moeite door, eerst taalkundig ontleden - ik háátte het - dan redekundig ontleden - héérlijk - en dan poëzie, tot op de bodem, ontrafelen, ontsluieren, ontleden die hap. Het land van ooit. En op een dag kwam Lucebert op de snijtafel. Gewoon allemaal op school.
Geplaatst door: Adriaan Krabbendam | 11-1-09 om 0:37
Hoe weet je dat, Victor? Onderzoek gedaan?
Ik ken nogal wat leraren op nogal wat middelbare scholen die met nogal wat vuur en passie poëzie behandelen in hun lessen. Tegen de klippen op, soms. Ooit zijn ze Nederlands gaan studeren vanwege een hartstocht voor literatuur.
Een van de zaken die docenten nogal eens willen demotiveren, is het achteloze gemak waarmee dit soort algemene uitspraken worden gedaan. Een veronderstelde teloorgang van het een of ander wordt automatisch geweten aan een achteruitgang in het onderwijs. Vervolgens stopt het denken.
Voor straf tien keer Man & Dolphin van Faverey overschrijven, Victor. Behandel ik al in de eerste.
Geplaatst door: Gert de Jager | 11-1-09 om 0:38
Catharina,
Het gaat bij 'gecodeerde poëzie' niet zozeer om een sleutel waarmee de code kan worden gekraakt - sommige codes kunnen niet worden gekraakt - als wel om het besef dat teksten, en dus ook gedichten, altijd in een bepaald verband staan: een taal, een medium, een maatschappelijke orde, een typografische vorm, een tijd, een plaats, en dat zowel ten aanzien van het schrijven als het lezen ervan. De wereld van vandaag en gisteren en morgen is zo ingewikkeld dat er bij de oude toverspreuk 'abacadabra' helaas niets meer op zijn plaats valt. En daarom moeten wij coderen (en niet doen alsof we dat niet doen).
Geplaatst door: RHCdG | 11-1-09 om 0:43
wordt gedaan. Krijg je met zo'n klein vensterje.
Geplaatst door: Gert de Jager | 11-1-09 om 0:45
Beste Gert de Jager,
Volgens mij bedoelt Victort niet dat er geen enkele leraar meer is die iets aan poëzie doet.
Bij workshops op scholen merk ik de ene keer dat de leerlingen prima op de hoogte zijn en de andere keer hebben ze van de hele poëzie totaal geen kaas gegeten.
Mijn leraar Nederlands in Buitenpost las bijvoorbeeld liever Fantasy dan dat hij ooit een literaire roman tot zich nam.
Aan die leraren die zich wel inzetten voor de poëzie mag je mijn naam doorgeven. Ik kom graag eens bij hun langs om een workshop te geven.
Hartelijks,
Tsead
Geplaatst door: Tsead Bruinja | 11-1-09 om 8:12
Ik bedoelde zeer zeker niet dat er geen leraren zouden zijn die iets aan poëzie doen, en dat heb ik ook niet gezegd. Lang leve leraren die daar iets aan doen!
Ik dacht aan de nivellering van het literatuuronderwijs die al langer van de gang is maar sinds de invoering van het studiehuis een vlucht heeft genomen. Iets beleidsmatigs dus, wat van overheidswege komt dus, en niet van het literatuurminnende individu.
Studie in academische zin heb ik niet gedaan, wel de afgelopen jaren de krant gelezen met veel artikelen hierover, bv. van Cyrille Offermans en Aleid Truijens.
Geplaatst door: Victor Schiferli | 11-1-09 om 9:18
Beste RHCdG: de door jou geschetste opvatting van een poëtische code was mij ook bekend, maar die kun je natuurlijk niet 'kraken'; je kunt hooguit nieuwe criteria aan de code toevoegen. In die zin is kunst in het algemeen en poëzie in het bijzonder natuurlijk nooit ongecodeerd.
Maar ik kreeg niet de indruk dat Rijhgard het over een genrecode als zodanig had, eerder over die geheime sleutel die een elite zou bezitten en doorgeven en onthouden aan het grotere publiek waar Van Gogh, Peeters en Heytze volgens hem voor schrijven.
Geplaatst door: Cath Blaauwendraad | 11-1-09 om 9:44
Pardon, Rijghard. En een komma na 'doorgeven'. Oma wordt langzaam wakker.
Geplaatst door: Cath Blaauwendraad | 11-1-09 om 9:55
Misschien moet ik me er niet tegenaan bemoeien, maar ik bedacht zonet aan het ontbijt dat 'ongecodeerde poëzie' iets zou kunnen betekenen als 'poëzie die (ook) kan worden gelezen door mensen die de code niet kennen', waarbij 'code' zou kunnen staan voor 'alle eigenschappen van een gedicht die uitsluitend verwijzen naar de poëzie en niet naar de wereld'.
Ik denk namelijk dat veel niet-ervaren lezers moeite hebben met hedendaagse poëzie omdat ze moeite hebben met het autonome karakter van veel van die hedendaagse poëzie. Vergelijk het met beeldende kunst: er zijn relatief weinig mensen die op slag verliefd worden op 'Zwart Vierkant' van Malevich. De meeste kijkers moeten toch eerst minstens langs het realisme, magisch-realisme, impressionisme en expressionisme voordat ze aan de meer op de kunst betrokken stromingen kunenn toekomen. Let wel: niet omdat die 'stromingen voor beginners' GEEN code zouden bevatten. RHCdG wijst ons er terecht op dat we niet moeten doen alsof we niet coderen, want ongecodeerde kunst bestaat niet (zelfs in het zeldzame geval dat de kunstenaar dat zelf niet heeft gedaan (zoals je bijvoorbeeld zou kunnen betogen bij het Palais Ideal van de postbode Ferdinand Cheval, dat wel wordt beschouwd als een voorbeeld van naïeve architectuur omdat de postbode, zonder enige bouwkundige kennis of al te duidelijk plan, gewoon op eigen houtje een paleis van stenen heeft gebouwd) komt er later wel iemand anders die dat later voor hem doet). De term 'ongecodeerde poëzie' is vanuit die zienswijze inderdaad niet houdbaar.
Waar het me in dit te zeer uitdijende betoog om gaat is dat (bijna) elk gedicht beide eigenschappen bevat: een zekere mate van verwijzen naar de poëzie zelf en een zekere mate van verwijzen naar de werkelijkheid. Ik heb de indruk dat 'Het grote publiek' (wat dat dan ook is) in eerste instantie liever gedichten leest waarin de verwijzingen naar de poëzie niet te veel in de weg zitten van de verwijzing naar de werkelijkheid. Ik denk dat veel mensen in eerste instantie zichzelf willen herkennen in een gedicht, en er pas later van gaan genieten als ze gedichten lezen die een beroep doen op bijvoorbeeld literaire kennis. Ik heb, zoals vaker gezegd, altijd het idee gekoesterd dat veel meer mensen zouden kunnen genieten van alles wat het Huis van de Poëzie te bieden heeft, maar dat er ook wat mensen bij de deur moeten staan om ze binnen te laten.
Het is glad ijs, ik geef het direct toe. En dun. Maar ik wou het toch eens opgooien.
Geplaatst door: Hans Smit | 11-1-09 om 10:32
Het probleem met het literatuuronderwijs is dat 'het' niet bestaat. Wat dat betreft heeft Tsaed volkomen gelijk. Het studiehuis wordt op veel scholen net zo snel weer opgegeven als het werd ingevoerd.
In het huisblaadje van NWO, de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek, werd onlangs Gillis Dorleijn, hoogleraar moderne Nederlandse Letterkunde in Groningen, geïnterviewd. Ik citeer:
- Hoe staat het met het literatuuronderwijs in Nederland?
- Het literatuuronderwijs in Nederland is erg disparaat. Op sommige scholen doen ze er heel veel aan, op andere bijna niets. Er is recentelijk onderzoek gedaan waaruit heldere richtlijnen zijn te destilleren om dit ill-structured domain ten goede te veranderen.
Om dit te bereiken zijn grove vertekeningen als die van Offermans misschien noodzakelijk geweest. Maar een grove vertekening was het, die de alledaagse werkelijkheid van veel docenten en leerlingen geen recht deed. Dat er 'zelden' aandacht aan poëzie wordt besteed, is simpelweg niet waar en is ook nooit waar geweest. Tenzij je het slecht trof.
Geplaatst door: Gert de Jager | 11-1-09 om 10:50
Mocht er nog literatuuronderwijs worden gedaan, dan is het maar te hopen dat die arme leerlingen niets te maken krijgen met Offermans.
En verder: deze discussie zou gaan over de drie gedichten die de poëziehongerige massa nu definitief over de streep moet halen... drie gedichten die heel... mooi zijn. Wat zeg ik, het zijn de beste drie gedichten van een ongewoon rijk jaar... etc.
Geplaatst door: Chrétien Breukers | 11-1-09 om 11:03
Het punt is dat literatuuronderwijs niet op zichzelf staat. Zie de bijdrage van Krabbendam hierboven: wie zijn taal niet beheerst, kan ook de verfijningen van de poëzie niet volledig smaken.
Wie een schoolklas meeneemt naar een driesterrenrestaurant terwijl de meesten nooit verder zijn gekomen dan McDonalds, kan niet verwachten dat iedereen het bestek volgens de code weet te hanteren. Want natuurlijk hanteert de elite een code. Het niet-elitaire bestaat echter hierin, dat men ook derden leert, hoe met mes en vork te eten. En dat laten we tegenwoordig achterwege.
Op de lagere school in mijn achterbuurt krijgen kinderen Engelse les terwijl ze het Nederlands amper machtig zijn. Laten we kinderen eerst de middelen bieden om verfijning, op welk cultureel gebied dan ook, te waarderen in plaats van jonge mensen te confronteren met cultuuruitingen waar ze nog niet aan toe zijn. Dat is niet elitair.
Het is pas echt elitair om kinderen in het diepe te gooien, laten we het voorbeeld van het driesterrenrestaurant er maar weer bijhalen, en op het moment dat daar een 'food fight' uitbreekt te roepen: "Zie je wel!" – om de kinderen vervolgens de toegang permanent te ontzeggen.
Wie op basis van het huidige taalonderwijs aan literatuuronderwijs begint, vraagt om een zo’n 'food fight'.
Geplaatst door: Cath Blaauwendraad | 11-1-09 om 11:20
@Hans Smit:
"Ik denk dat veel mensen in eerste instantie zichzelf willen herkennen in een gedicht, en er pas later van gaan genieten als ze gedichten lezen die een beroep doen op bijvoorbeeld literaire kennis."
Ik denk dat mensen, of ze nu ervaring hebben met poëzie of niet, in eerste instantie geráákt willen worden door een gedicht. Voor herkenning lezen we tijdschriften, kijken we tv, bellen we met onze vrienden. Poëzie kan herkenning gebruiken om ons als lezer mee te nemen, maar gaat dan hopelijk wel vérder. Naar gevoel. En dat kan heel goed met vormelementen als klank, muzikaliteit, metaforen, etc.
Geplaatst door: Maarten Das | 11-1-09 om 11:47
Wat een zwartgalligheid allemaal. Ik was afgelopen woensdag op een basisschool ter voorbereiding van Gedichtendag. In groep 5 (vroeger 3e klas), waren de leerlingen vertrouwd met diverse versvormen en rijmschema's. En ik weet ook zeker dat als ik komende woensdag de oogst ga ophalen, ik weer blij verrast zal zijn door wat ze geschreven hebben.
Geplaatst door: nanne nauta | 11-1-09 om 12:11
En nu... is het genoeg. Als gezegd: deze discussie zou gaan over de drie gedichten die de poëziehongerige massa nu definitief over de streep moet halen... drie gedichten die heel... mooi zijn. Wat zeg ik, het zijn de beste drie gedichten van een ongewoon rijk jaar... etc.
Geplaatst door: Chrétien Breukers | 11-1-09 om 12:15
en dan te bedenken dat er in de bundel van Oosterhoff nog mooiere gedichten staan dan degene die nu geselecteerd is omwille van...ach, vul zelf maar in, wat maakt het uit.
kopen die handel!
Geplaatst door: Saskia van den Heuvel | 11-1-09 om 12:36
Eh.. deze discussie ging over 'codekrakers'. Niet over de beste drie gedichten. Maar het werd er niet overzichtelijker op, ook al vanwege het door mijzelf ingeslagen zijpad. Excuses!
Geplaatst door: Victor Schiferli | 11-1-09 om 12:56
Volgens mij was ik ook even de weg kwijt ja. Codekrakers dus. Nu ja. Ik ga even schaatsen. Extra opletten voor het wak...
Geplaatst door: Chrétien Breukers | 11-1-09 om 13:00
Ook een min of meer ontsporende discussie kan 'de geest scherpen'.
Of mooie dingen opleveren, zoals het zinnetje van Maarten Das, dat ik aanvankelijk verkeerd las: "Naar gevoel." Of, elders, het onsterfelijke "Krijg je met zo'n klein vensterje." De poëzie van de elliptische zin.
Geplaatst door: Adriaan Krabbendam | 11-1-09 om 13:21
Een behoorlijke oogst: drie van de vier zinnen waren elliptisch, en daarbinnen werden er nog eens twee geciteerd.
Geplaatst door: Adriaan Krabbendam | 11-1-09 om 13:24
juist, en mijn reactie hoorde hier dan ook niet. excuses.
Geplaatst door: Saskia van den Heuvel | 11-1-09 om 13:26
Code veronderstelt een zekere mate van onnatuur, constructie, gewildheid, context, kortom van allerlei zaken die niet vanzelfsprekend zijn. Nu is het mooie dat een bij uitstek gecodeerde tekst als een gedicht zich vooral laat kennen door klank, beeld en ritme - veel meer dan door 'inhoud' - en dat het juist die eigenschappen zijn waarmee je een directe ('natuurlijke') relatie kunt aangaan. Dan is er nog geen sprake van 'begrip', maar van iets nog veel belangrijkers: van 'denken diep in de buik' zoals Lucebert zegt, een dichter die meestal voor uitzonderlijk moeilijk en ontoegankelijk wordt versleten, maar die kinderen en ook volwassenen zonder ervaring met poëzie toch direct weet te raken, zoals ik vaak heb ervaren.
Het is allicht op latere leeftijd dat men dit vermogen om een gedicht op zijn materiële eigenschappen te waarderen verliest, wanneer men 'nijdig is of verveeld dus veel te veilig', kortom: verloren voor de poëzie. Wat moet een door boekwinkels, uitgevers, mediaconglomeraten en andere belanghebbenden georganiseerde instelling als Gedichtendag daar tegen uitrichten? Die is er niet voor de bevordering van poëzie, maar voor de verkoop van bundels.
Tenslotte gaat het bij de waardering van poëzie niet om herkenning van 'herkenbare' situaties, - men herkent tenslotte nooit zichzelf - maar om een appreciatie van de materiële waarde van letters en woorden, en met het onderwijs daarin kan men het beste maar beginnen wanneer kinderen die speciale gevoeligheid daarvoor nog niet zijn kwijtgeraakt.
Geplaatst door: RHCdG | 11-1-09 om 15:12
Adriaan, wat dacht je van: 'Mijn leraar Nederlands in Buitenpost las liever Fantasy'? Niet elliptisch maar wel heel, heel erg mooi.
Je ziet de man voor je. En een jeugd. En Buitenpost. En dikke pockets met van die afschuwelijke omslagen. En dan weer die man met vettige vingers op pagina vierhonderdzoveel.
Reviaanse allure, maar is dat een code die nodig is om de zin te begrijpen en de lading te geven die je 'm kunt geven? Of is fantasie vereist in de zin van voorstellingsvermogen en inlevingsvermogen?
Wanneer we ons de wereld van de teksten voorstellen als onlosmakelijk verbonden met codes is er verdomd weinig ruimte voor werkelijkheid die de codes tart. Schreef ik, aan het eind van mijn vensterje.
Geplaatst door: Gert de Jager | 11-1-09 om 22:28
Hoe stel je je die code tartende werkelijkheid voor, Gert? Is dat die werkelijkheid buiten je vensterraam? Kun je daar wat meer over vertellen? En als je dat doet, hoe doe je dat dan? Met lettertekens in een zekere volgorde, of geef je rondleidingen?
Geplaatst door: RHCdG | 11-1-09 om 22:54
Deiktisch, Rutger. Puur deiktisch. Zie niet mijn vinger, maar waarnaar hij wijst.
Geplaatst door: Gert de Jager | 11-1-09 om 23:24
Jazeker, maar om te begrijpen dat ik niet naar je vinger, maar naar die werkelijkheid waar hij naar wijst moet kijken, dien ik op de hoogte te zijn van een tekensysteem, een reeks afspraken, een code. Anders gezegd, de werkelijkheid waar je het over hebt tart die code niet, maar kan er niet eens zonder bestaan.
Geplaatst door: RHCdG | 11-1-09 om 23:42
Je hebt een reeks afspraken nodig om te kunnen zien wat zich onafhankelijk van of wringend met die afspraken 'toont'. Vervolgens ga je proberen om dat wat zich 'toont' in nieuwe afspraken te vangen, jazeker.
Iets dergelijks moet je veronderstellen omdat je anders het fenomeen van de codeverandering absoluut niet kunt verklaren.
Geplaatst door: Gert de Jager | 12-1-09 om 0:10
Kortom, en concluderend: code. Geen 'werkelijkheid' die zich ongecodeerd 'toont' en een code verandert, maar andere code.
Of nog weer anders gezegd: de suggestie dat er een werkelijkheid is die ongeschonden, zonder bemiddeling, zonder codering, 'zonder kleerscheuren' zoals ik eerder schreef, operatief kan zijn, is de kwalijkste vorm van codering die er is, omdat zij voorgeeft ongecodeerd te zijn. We moeten haar maar geloven: ze maakt immers aanspraak op de 'naakte' waarheid. Dat is de premisse van de poëtica van Rijghard en zijn protegés Heytze, Van Gogh, Peeters cs.
'Zwendel, dichter, heb je zo vaak zien zweren'.
Geplaatst door: RHCdG | 12-1-09 om 0:38
En dan wat mij betreft, concluderend: er blijven - naast codeverandering - wat problemen onopgelost die te maken hebben met wat blijkbaar de ervaring van lezers en schrijvers is.
Mooie zin, die van Bruinja. Zo precies geformuleerd. Je ziet 'm voor je, zo'n lulhannes van een Fantasy-docent. Jij niet? Maar we kennen toch dezelfde codes?
Geplaatst door: Gert de Jager | 12-1-09 om 1:04
DE NAAKTE WAARHEID
Ik had vanavond Walter van de Broeck op de achterbank. Ik pikte hem met de taxi aan het statige KANTL-gebouw op, Koningstraat 8, Gent. Het was avond al. In de CD-speler stak een strijkkwartet van Sjostakovitsj. Een zich in dissonante complexiteit voortbewegend stuk ergs waar ik naar luister als ik me dito voel. Ik bedoel maar te zeggen dat ik geen gesprekje met de schrijver had en dat ik ook blij was dat hij mij niet herkende, zo hij al van mijn bestaan afweet. (Wat ik wel vermoed, want zijn zoon stak een vuurpijl voor mij af, in Knack. Maar een courant lichtdrukmaal van mijn uitdeinend smoelwerk is nergens.) Hij was overigens niet alleen. Bij het afrekenen vroeg hij naar de componist. Op Klara, tijdens De Vuurproef,(een radioprogramma waarin een deskundig panel nieuwe uitvoeringen ter oor houdt) hoorde ik ooit iemand zeggen de muziek van Sjostakovitsj 'leugenachtig' te vinden. Waarom blijven dingen je bij? Maar het kwam niet in me op ten overstaan van Walter van de Broeck de leugen verder te boetseren. 'Ik heb er geboeid naar zitten luisteren,' zei hij.'Dat doet me veel plezier,' zei ik. 'Dat is dan nog vijftig cent.'
Geplaatst door: Koenraad Goudeseune | 12-1-09 om 4:27
Boeiende discussie, en leerzaam als het gaat over het begrip 'code', ik steek er veel van op. Graag plaats ik drie kanttekeningen: ik beschouw mezelf niet als een protégé van wie dan ook. Evenmin kan ik me vinden in de premisse die hierboven aan de poëtica van 'Rijghard (...), Heytze, Van Gogh, Peeters cs.' wordt toegekend. Ten slotte vind ik het te kort door de bocht om een journalist, drie dichters en een onbestemd aantal 'c.s.' ter vereenvoudiging dezelfde poëtica toe te kennen. Het artikel van Rijghard is ook geen uiteenzetting van een poëtica, maar een visie op de ontwikkeling van drie dichters naar aanleiding van de vraag of ze hun 'belofte' al dan niet hebben waargemaakt cq. bezig zijn die waar te maken.
Geplaatst door: Ingmar Heytze | 12-1-09 om 8:32
Neem akte van de eerste twee kanttekeningen, maar maak bezwaar tegen de suggestie dat Rijghards stuk geen uiteenzetting van een poëtica zou zijn. Dat is nu net het voorwendsel waar ik op doel.
Verder raad ik iedereen met interesse in het codebegrip aan zijn of haar licht op te steken bij goeroe Dirk Vekemans, die er al jaren over schrijft ( http://vilt.wordpress.com/ ) en het allemaal veel beter kan uitleggen dan ik.
Geplaatst door: RHCdG | 12-1-09 om 11:57
Bij nader inzien trek ik die laatste suggestie graag in. Ik bedoelde, denk ik, eerder te zeggen: misschien is het artikel in eerste instantie niet bedoeld als poëticaal statement, maar ik begrijp dat er wel degelijk zo'n statement uit voortkomt (en/of aan ten grondslag ligt), dus ik kan onmogelijk staande houden dat het geen (of niet óók) een uiteenzetting van een poëtica zou zijn.
Ik zal eens gaan kijken bij Dirk Vekemans.
Geplaatst door: Ingmar Heytze | 12-1-09 om 12:26
goeroe nou moe
hou bij al die code wel het verschil overeind tussen het protocolaire gedeelte van een codeoverdracht en de eigenlijke code zelf.
als iemand dan zegt zoals in dat artikel dat een bepaald soort poëzie ongecodeerd is dan bedoelt ie (in mijn terminologie, dat is een verklaringsmodel als een ander, maar voor mij werkt het)waarschijnlijk dat je niet al te veel initiëel protocol nodig hebt om de toehoorder diets te maken dat al het volgende als poëzie moet beluisterd worden en niet als bedieningsinstructie of telefoonboek of whatever.
Elke vorm van poëzie heeft een protocolair gedeelte, bij de orale traditie zat dat in de aanhef, de formules, het rijm etc, bij Van Bastelaere bv zit dat, euh, overal.
Je kan bij uitbreiding stellen dat een gedicht ook een protocol/code of protocol/lyriek verhouding kent, waarbij die verhouding kan ingeroepen worden om iets als de 'lyrische intensiteit' mee te helpen kwantificeren.
met dat soort data kan je dan weer normatieve dingen gaan opstellen, en bv zeggen dat de hier aangehaalde poëzie 'beter' of 'meer wenselijk' of simpelweg 'gebruiksvriendelijker' is omdat ze de gebruiker niet nodeloos door een mijnenveld van protocolaire initiaties en connotaties stuurt om ze dan met wat flauwe pseudo-diepzinnigheden naar huis te sturen
maar je kan natuurlijk net zo goed betogen dat je al dat protocol nodig hebt om door het dikke beslijmde vel van diezelfde gebruiker door te dringen om je pakketjes code terecht te laten komen
regeltjes als dit kan je dan ook bediscussieerbaar maken ' een goed gedicht heeft voor mij het protocol in de eerste regel zitten' ("klassieke" poëzie)of ´een goed gedicht blaast het protocol om de drie regels op'
maar nu moet ik terug priegelen met de code van een automobielhandelaar ze webstek
(euh, betaalt dat etwas, dat goeroegedoe?)
Geplaatst door: Dirk Vekemans | 12-1-09 om 13:28
Dirk,
De verhouding goeroe/adept is volstrekt eenzijdig en levert eerstgenoemde helaas niets op. Maar verder wil ik je geruststellen, want het gaat immers niet om kennisoverdracht, noch om vorming ('Bildung' zeggen de Duitsers: ik politiseer, ik motiveer, en als dat niet helpt, geef ik straf). Waar ouders, politici en andere belanghebbenden verwachten dat een leraar zijn pupil als een jonge leiboom leidt die één richting uitgroeit (en de andere niet), daar leert een goeroe, deze fantastische combinatie van priester en gangster, zijn pupil nog liever niets, althans niets waardoor genoemde partijen hun greep op zijn pupil zouden kunnen versterken. Beter is het hem te leren verbergen dat hij niets geleerd had: het is immers niet nodig om iets te weten, alleen om je voor de gevolgen van onwetendheid te behoeden.
Doch dit allemaal terzijde ('leuk om te weten, maar je hebt er niets aan').
Dat protocolaire gedeelte van de code-overdracht is van Jakobson, niet? ( http://nl.wikipedia.org/wiki/Roman_Jakobson ). Maar hoe zit het nou met die Buitenpost en Fantasy uit Bruinja's voorbeeld, waar ik me hoegenaamd niets bij kan voorstellen: heeft dat niet te maken met Bruinja's specifieke codering van een 'langue', om 'paroles' die de toegang tot het 'dikke beslijmde vel' versperren, dan wel ervan afleiden, maar de code-als-zodanig niet tarten?
Je ziet, ik begrijp er niks van, en ik maskeer het niet eens.
Geplaatst door: RHCdG | 12-1-09 om 16:14
terzijde opdat de wroeging je
als een maqâm onafwendbaar
naar de afgang door je brein
moge waaien, de op-heid
van je hier-zijn
terzijde nu ik weer één van je lijven
met de dreun van mijn roestige bindijzer
om hout om redding om wat al niet
doe kreunen
vernuftig pretendeersel
afvallige bloedklonteromwikkeling
diafane spookselziel
puntrafelig schisma
zo speelt fakju de grote ijsbeer als een beteuterde Newman
in Stalag 17 botsbal met
• de lever van mijn zinswendingen
• de gal van mijn gedachtenkronkels
• de neusvleugels van mijn notenbalken
• het zal hem worst wezen
zo grapt hij grabbelt sliertjes waar uit mij
& waar is waar is waar
waar jij mij hebben wil bv daar
is het fijn de wil is de wereld
niet de wereld niet de weg & het einde
van je wereld is niet wat je wil niet je
wil nu de weg toe is toch & het al? weg
weg
weg
zoals: het visbakkenglas
heeft het van bewondering
begeven, stort zich in het bewonderde buiten
het zoete water plast & spartelt volgzaam ,
de tapijtlippen zuigen
de visseogen breken
zoals: de rolluiklinten zeggen snap & snip & klak
& daar heb je hun gedonder al
zoals: onder het puin van mijn huis stond
ik stinkend naar sperma mijzelf te bedenken
mijn dorp mijn leven mijn koker mijn
enigszins opgeschudde originele liefde
het verzamelde proza 1938-1972
zoals: de boodschap houdt zich op
in het linkse botervlootje
zoals: de regen kletst de tunnel in
waar het voetgangerdampt & kinderen
vingerkleumend de machteloze moederhandjes
om windstilte verzoeken
zoals: de koude vertakt zich in de bomen
het zwart geeft af op het wolkenvlak
de berging is op
het houden vertraagt
het klemmen verslapt
de stilte zet in
(iets van verleden jaar, dit, overigens)
Geplaatst door: Dirk Vekemans | 12-1-09 om 22:41
Ik begrijp er waarschijnlijk ook geen snars van, maar is niet juist het samenvallen van protocol, code en mogelijke betekenis(overdracht) het wimpel dat poëzie mag heten?
(Ik weet 't, 't is "de wimpel", maar in deze context lijkt ie me toch eerder onzijdig.)
Geplaatst door: Adriaan Krabbendam | 13-1-09 om 12:06
ja tuurlijk, je haalt die dingen toch alleen maar uit elkaar om ze bespreekbaar te maken. Rutger bracht mijn code-begrip in verband met een gebruik van de term ´ongecodeerd´als kwalificatie van een bepaald soort poëzie, iets erg dubieus dat voor mij eerder verwijst naar het protocolaire gedeelte van code-overdracht (Ducal´s vrouw begrijpt de code wel maar het protocol niet).
Ik gebruik dat code-begrip als manier van verheldering voor een mogelijkheid (om op het ontmoetingsvlak van de code tot een verruimde beleving van het poëtische te komen), niet als manier om bepaalde soorten poëzie te be-, laat staan veroordelen.
We raken nogal vlug in een terminologie-moeras, zo, waarbij je je kan afvragen wie er nog wat aan heeft.Vandaar ook dat ik als antwoord op de opmerkingen van Rutger maar wat ´wimpelde´, van gosh ja: MU! terug naar de poëzie.
Voor het overige vind ik dat je moet opletten met ´er niks van te snappen´, da´s vaak dezelfde reactie als wat men heeft/had met computers: ´ik ken er niks van´, waarna men al het werk door een zgn kenner (goeroe) laat doen tot men beseft dat men gedreven wordt in plaats van zelf te drijven.
Literatoren zijn uit hoofde van hun passie met code bezig, die doen er m.i. beter aan hun vak ten gronde te leren, en daar komt nu eenmaal een beetje meer bij kijken dan in de tijd van pen en perkament.
Geplaatst door: Dirk Vekemans | 13-1-09 om 12:48
Je hebt gelijk, Dirk, dat van die snars is ook maar een pose, ik ben doorgaans toch meer van de alchemie en de putrefactie dan van het uiteenhalen van borduurwerk, maar ieder z'n meug. En da's ook weer niet helemaal waar; waar de analyse van de werking ten dienste staat van het begrip van het totaal ben ik je vent. De anatomische les heeft veel fraais opgeleverd, ook al snappen "we" het niet echt. Techniek en effect vormen de kip en het ei van de poëzie. En ergens halverwege, de humor en de muziek, zoals in de taxi van Koenraad.
Geplaatst door: Adriaan Krabbendam | 13-1-09 om 13:17
Als de code fundamenteel is, net zo fundamenteel is de prikkel in ons brein (althans volgens neurowetenschappers)die in de hersenen onbewust plaatsvindt voordat een bewuste handeling volgt. Wie of wat precies de regie in handen heeft bij het tikken van dit stukje is niet geheel duidelijk. Voor het gemak zeg ik ik. Misschien zijn we meer buiksprekers dan we denken. Dus denken diep in de buik zou een zeer adequate leeswijze zijn. Willen begrijpen met de bumper van je brein is mooi, maar wie het is die wil begrijpen dat staat niet vast.
Geplaatst door: Leo Hermens | 13-1-09 om 15:25