Colofon

Dit is weblog De Contrabas. Begonnen op 21 augustus 2005 door Ton van ’t Hof en Chrétien Breukers. Laatste bericht zal worden geplaatst op 21 augustus 2015, of ergens rond die datum. De weblog zal blijven bestaan, om de rijke archieven niet aan de digitale vergetelheid prijs te hoeven geven.

De redactie was in handen van Chrétien Breukers. De reactiemogelijkheid is gesloten, omdat de website niet ten prooi wil vallen aan eindeloze reeksen spam of aan reacties van notoire internettrollen. Mailen over de website kan aan decontrabas[at]hotmail.com

De boeken van Uitgeverij De Contrabas worden geleverd via Liverse, via CB of direct via Liverse. Eind augustus gaat de nieuwe website van uitgeverij De Contrabas, met bestelinformatie, online.

augustus 2015

ma di wo do vr za zo
          1 2
3 4 5 6 7 8 9
10 11 12 13 14 15 16
17 18 19 20 21 22 23
24 25 26 27 28 29 30
31            

« Ik ben mezelf niet... | Hoofdmenu | Het monster van Montauk »

31 juli 2008

Interview: Hoorne over Poëzierapport

De poëzierecensiesite Poëzierapport was in 2007 het eerste literaire webzine dat, op grond van zijn kwaliteit en de hoge bezoekersaantallen, financiële support kreeg van het Vlaams Fonds voor de Letteren. Dit jaar wordt die steun gecontinueerd, zodat het project verder kan uitgebouwd worden. Poëzierapport werd vier jaar geleden opgericht door Philip Hoorne. Hij en een handvol medewerkers zorgen elke week voor een bespreking van een Nederlandse dichtbundel. Tijd voor een interview.

CB: Is er behoefte aan poëziekritiek op het internet?

PH: Poëzierapport was aanvankelijk bedoeld als een reactie op het schaarse aantal recensies van Nederlandstalige bundels in de andere media. Vooral bundels van dichters die niet tot de absolute bovenlaag behoorden, kwamen weinig aan bod. Los van de inhoud van een recensie gaat het om de aandacht die gegenereerd wordt voor het product poëzie. Eigenlijk zijn critici reclamemakers. Wij plaatsen de dichter, de bundel en de uitgeverij in het zonnetje. Soms is het geen zonnetje, maar een wolkje. Daar malen dichters niet echt om. Genegeerd worden vinden ze doorgaans erger dan kritisch besproken te worden. Overigens valt het aantal negatieve recensies bij ons nogal mee. Dat komt doordat wij vooral schrijven over wat we zelf graag lezen. En tien verschillende recensenten betekent tien verschillende smaken.

CB: Is het een kwestie van smaak, een bundel beoordelen?

PH: Ja en neen. Voor wat heel erg goed is of heel erg slecht, is het geen kwestie van smaak. Daartussen heb je een breed middenveld en daar gaat het volgens mij wel om persoonlijke voorkeuren. Wat ik probeer te doen bij het lezen van een dichtbundel, is alles wat ik weet over die dichter en zijn werk even terzijde te schuiven. De tekst en niets dan de tekst. Heel wat critici laten zich al op voorhand inpakken door de naam van de dichter, zijn bibliografie, het prestige van zijn uitgeverij en de kritieken van collega's, allemaal dingen die er weinig toe doen.

CB: Jij noemde jezelf ooit een parodie van een recensent, maar je schrijft ook voor Knack, Poëziekrant en af en toe voor Awater. Hoe valt het allemaal te rijmen met elkaar en met jouw eigen dichter- en schrijverschap?

PH: Ik kan niet ontkennen dat het schrijven van artikels en kritieken de ontwikkeling van eigen nieuw werk ietwat vertraagt, maar dat vind ik niet zo erg. Die veelzijdigheid bevalt me wel. Het is prettig om deel uit te maken van een team, om samen met andere mensen een blad te maken dat door een groot en/of gespecialiseerd publiek gelezen wordt.

Wat die parodie van een recensent betreft: ik durf in een bespreking ver van het onderwerp af te dwalen. Een recensie moet volgens mij vooral goed geschreven zijn: leuk, spits, geestig, sprankelend, begrijpelijk ook, dat is het doel dat ik meestal voor ogen heb, zoiets blijft hangen bij de lezer.

Aan de andere kant kan en wil ik die eigenzinnige stijl natuurlijk niet helemaal doortrekken naar een ernstig blad als Knack, waar poëzie maar een onderdeeltje is van de rubriek cultuur en waar het gaat om eerstelijns informatie meer dan om duiding voor insiders. Als ik in Knack iets schrijf over Menno Wigman, dan moet ik voor de modale Vlaamse lezer eerst schetsen wie hij is, waar hij voor staat en waarom hij belangrijk is in de Nederlandse poëzie. In gespecialiseerde poëzietijdschriften en op Poëzierapport kan je die ballast achterwege laat. Dan maak je als het ware een afspraak met de lezer: lezer, we bevinden ons allebei op het voor ons vertrouwde poëziespeelplein, schrik dus niet als ik zo meteen enkele buitelingen ga maken.

CB: Terug naar Poëzierapport. Hoe zal de site zich verder ontwikkelen?

PH: Sowieso moeten er nieuwe recensenten bijkomen, indien we elke week een bespreking willen afleveren, maar die moeten het huidige hoge niveau aankunnen. Verder eist het VFL dat we de weblog ombouwen tot een website, dat zal dus in de loop van het jaar gebeuren. En we moeten eigen middelen werven, dus adverteerders zijn zeer welkom. Maar Poëzierapport blijft wel een poëzierecensiesite en niets anders dan dat. Dat andere literaire webzines interviews brengen en proza en wedstrijden en zelfs aankleedpopjes, is hun goed recht, en af en toe best wel leuk, maar Poëzierapport blijft wat mij betreft een gespecialiseerde site. Vergelijk het met Het Liegend Konijn van Jozef Deleu. Ineens kwam iemand met een poëzietijdschrift met alleen maar gedichten. Zo simpel dat het vernieuwend was. Zoiets als Het Liegend Konijn wil Poëzierapport zijn voor de poëziekritiek: alleen maar recensies. En de lezer die trek heeft in meer, moet nog maar een rondje verder surfen.

Ik vind het overigens weinig origineel dat veel literaire sites en blogs allemaal hetzelfde nieuws brengen. Soms wordt er gewoon gekopieerd en geplakt met een linkje eronder als bronvermelding. Daar is niks creatiefs aan. Als Hugo Claus sterft, wil ik één keer lezen dat Het verdriet van België een van zijn belangrijkste werken is, vijf keer mag ook, maar geen vijftig keer. Poëzierapport is voor 99% creatief werk. Het enige wat wij niet zelf bedenken zijn de boekgegevens die we ten behoeve van onze lezers onderaan elke recensie vermelden.

Reacties

M.H.Benders


Hoog niveau? Hoge bezoekersaantallen? Tja, smaken verschillen wat het eerste betreft maar ik blijf het raar vinden dat iets als bezoekersaantallen word opgevoerd als motief voor subsidie. Dat lijkt me juist een motief voor minder subsidie, al helemaal omdat er ook reclame op die site staat. Schijnbaar is 'subsidie' iets wat moet worden toegekend aan dingen die eerst bewijzen zichzelf te willen bedruipen. Het is alsof je alleen een uitkering aan mag vragen als je aan kunt tonen ook een krantenwijk en vakkenvullersbaan te hebben. Duidelijk weer de maakbare samenleving, dus.

Adriaan Krabbendam

Er wordt wat af "gerecenseerd". In de papieren kranten is het ook niet altijd feest, maar op internet is het een nog grotere bende, ook Poëzierapport ontkomt daar niet aan. Van de ruis op bijvoorbeeld Recensieweb of Club Propaganda onderscheidt Poëzierapport zich maar nauwelijks. Echt kritische beschouwingen of analyses zijn schaars. Maar er zal wel weinig aan te doen zijn - wie wil recenseren, recenseert, en wie daar geen zin in heeft doet dat niet. Het is net zo gratuit als deze reactie.

Laat een reactie achter

Reacties worden gemodereerd en zullen niet verschijnen op deze weblog voordat de auteur ze heeft goedgekeurd.

Cookies

De Contrabas maakt gebruik van cookies. Voor meer informatie Zie hier
.

Laatste reacties

Pageviews


Sinds 21 augustus 2005

Categorieën

Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...