De poëzierecensiesite Poëzierapport was in 2007 het eerste literaire webzine dat, op grond van zijn kwaliteit en de hoge bezoekersaantallen, financiële support kreeg van het Vlaams Fonds voor de Letteren. Dit jaar wordt die steun gecontinueerd, zodat het project verder kan uitgebouwd worden. Poëzierapport werd vier jaar geleden opgericht door Philip Hoorne. Hij en een handvol medewerkers zorgen elke week voor een bespreking van een Nederlandse dichtbundel. Tijd voor een interview.
CB: Is er behoefte aan poëziekritiek op het internet?
PH: Poëzierapport was aanvankelijk bedoeld als een reactie op het schaarse
aantal recensies van Nederlandstalige bundels in de andere media.
Vooral bundels van dichters die niet tot de absolute bovenlaag
behoorden, kwamen weinig aan bod. Los van de inhoud van een recensie
gaat het om de aandacht die gegenereerd wordt voor het product poëzie.
Eigenlijk zijn critici reclamemakers. Wij plaatsen de dichter, de
bundel en de uitgeverij in het zonnetje. Soms is het geen zonnetje,
maar een wolkje. Daar malen dichters niet echt om. Genegeerd worden
vinden ze doorgaans erger dan kritisch besproken te worden. Overigens
valt het aantal negatieve recensies bij ons nogal mee. Dat komt doordat
wij vooral schrijven over wat we zelf graag lezen. En tien
verschillende recensenten betekent tien verschillende smaken.
CB: Is het een kwestie van smaak, een bundel beoordelen?
PH: Ja en neen. Voor wat heel erg goed is of heel erg slecht, is het geen
kwestie van smaak. Daartussen heb je een breed middenveld en daar gaat
het volgens mij wel om persoonlijke voorkeuren. Wat ik probeer te doen
bij het lezen van een dichtbundel, is alles wat ik weet over die
dichter en zijn werk even terzijde te schuiven. De tekst en niets dan
de tekst. Heel wat critici laten zich al op voorhand inpakken door de
naam van de dichter, zijn bibliografie, het prestige van zijn
uitgeverij en de kritieken van collega's, allemaal dingen die er weinig
toe doen.
CB: Jij noemde jezelf ooit een parodie van een recensent, maar je schrijft
ook voor Knack, Poëziekrant en af en toe voor Awater. Hoe valt het
allemaal te rijmen met elkaar en met jouw eigen dichter- en
schrijverschap?
PH: Ik kan niet ontkennen dat het schrijven van artikels en kritieken de
ontwikkeling van eigen nieuw werk ietwat vertraagt, maar dat vind ik
niet zo erg. Die veelzijdigheid bevalt me wel. Het is prettig om deel
uit te maken van een team, om samen met andere mensen een blad te maken
dat door een groot en/of gespecialiseerd publiek gelezen wordt.
Wat die parodie van een recensent betreft: ik durf in een bespreking
ver van het onderwerp af te dwalen. Een recensie moet volgens mij
vooral goed geschreven zijn: leuk, spits, geestig, sprankelend,
begrijpelijk ook, dat is het doel dat ik meestal voor ogen heb, zoiets
blijft hangen bij de lezer.
Aan de andere kant kan en wil ik die eigenzinnige stijl natuurlijk niet
helemaal doortrekken naar een ernstig blad als Knack, waar poëzie maar
een onderdeeltje is van de rubriek cultuur en waar het gaat om
eerstelijns informatie meer dan om duiding voor insiders. Als ik in
Knack iets schrijf over Menno Wigman, dan moet ik voor de modale
Vlaamse lezer eerst schetsen wie hij is, waar hij voor staat en waarom
hij belangrijk is in de Nederlandse poëzie. In gespecialiseerde
poëzietijdschriften en op Poëzierapport kan je die ballast achterwege
laat. Dan maak je als het ware een afspraak met de lezer: lezer, we
bevinden ons allebei op het voor ons vertrouwde poëziespeelplein,
schrik dus niet als ik zo meteen enkele buitelingen ga maken.
CB: Terug naar Poëzierapport. Hoe zal de site zich verder ontwikkelen?
PH: Sowieso moeten er nieuwe recensenten bijkomen, indien we elke week een bespreking willen afleveren, maar die moeten het huidige hoge niveau aankunnen. Verder eist het VFL dat we de weblog ombouwen tot een website, dat zal dus in de loop van het jaar gebeuren. En we moeten eigen middelen werven, dus adverteerders zijn zeer welkom. Maar Poëzierapport blijft wel een poëzierecensiesite en niets anders dan dat. Dat andere literaire webzines interviews brengen en proza en wedstrijden en zelfs aankleedpopjes, is hun goed recht, en af en toe best wel leuk, maar Poëzierapport blijft wat mij betreft een gespecialiseerde site. Vergelijk het met Het Liegend Konijn van Jozef Deleu. Ineens kwam iemand met een poëzietijdschrift met alleen maar gedichten. Zo simpel dat het vernieuwend was. Zoiets als Het Liegend Konijn wil Poëzierapport zijn voor de poëziekritiek: alleen maar recensies. En de lezer die trek heeft in meer, moet nog maar een rondje verder surfen.
Ik vind het overigens weinig origineel dat veel literaire sites en blogs allemaal hetzelfde nieuws brengen. Soms wordt er gewoon gekopieerd en geplakt met een linkje eronder als bronvermelding. Daar is niks creatiefs aan. Als Hugo Claus sterft, wil ik één keer lezen dat Het verdriet van België een van zijn belangrijkste werken is, vijf keer mag ook, maar geen vijftig keer. Poëzierapport is voor 99% creatief werk. Het enige wat wij niet zelf bedenken zijn de boekgegevens die we ten behoeve van onze lezers onderaan elke recensie vermelden.
Delphine Lecompte
André van der Veeke
Lammert Voos
Daan Doesborgh
Quirien van Haelen
Menno van der Beek
Mart van der Hiele
Peter Knipmeijer
Maarten Das
Nanne Nauta
Peter M. van der Linden
Gert de Jager
Het Utrechts Dichtersgilde
Jabik Veenbaas
Hans van Willigenburg
Chrétien Breukers
Onno Kosters/Dick Groot
Diverse auteurs
ACG Vianen
Rob Molin
Bart FM Droog
Erik Nieuwenhuis
Annemarie Estor
Wouter Godijn
Hoog niveau? Hoge bezoekersaantallen? Tja, smaken verschillen wat het eerste betreft maar ik blijf het raar vinden dat iets als bezoekersaantallen word opgevoerd als motief voor subsidie. Dat lijkt me juist een motief voor minder subsidie, al helemaal omdat er ook reclame op die site staat. Schijnbaar is 'subsidie' iets wat moet worden toegekend aan dingen die eerst bewijzen zichzelf te willen bedruipen. Het is alsof je alleen een uitkering aan mag vragen als je aan kunt tonen ook een krantenwijk en vakkenvullersbaan te hebben. Duidelijk weer de maakbare samenleving, dus.
Geplaatst door: M.H.Benders | 31-7-08 om 17:14
Er wordt wat af "gerecenseerd". In de papieren kranten is het ook niet altijd feest, maar op internet is het een nog grotere bende, ook Poëzierapport ontkomt daar niet aan. Van de ruis op bijvoorbeeld Recensieweb of Club Propaganda onderscheidt Poëzierapport zich maar nauwelijks. Echt kritische beschouwingen of analyses zijn schaars. Maar er zal wel weinig aan te doen zijn - wie wil recenseren, recenseert, en wie daar geen zin in heeft doet dat niet. Het is net zo gratuit als deze reactie.
Geplaatst door: Adriaan Krabbendam | 1-8-08 om 0:17