Ik ben voorzegd, verwekt, vermoord
Ik ben ter helle neergedaald. Via de trappen
van het licht ging ik, wantrouwig en gestaag,
omhóóg. Ik was zelfs voor ik leefde
zo verweven met de tekst die mij beschrijven
zou. Ik was het zelf, maar kon daar niets
aan doen. Mijn huid omgaf steeds ijler leegte.
Steeds blinder zou ik tasten naar zijn
lijfelijk bestaan. Steeds dover zou ik
luisteren naar slechts één woord.
Het is de leegte en het rekt zich uit.
Het houdt zich stil en laat mij ongewis.
Het is mijn vader en hij is er niet.
Chrétien Breukers
'Ik ben voorzegd, verwekt, vermoord' van Chrétien Breukers is de 52e en laatste bijdrage die in het kader van het project 'Gedicht van de week' op de Contrabas is geplaatst. Dit project werd mogelijk gemaakt door steun van het Lira Fonds.
Chrétien Breukers (1965) is redacteur van de de Contrabas-reeks en publiceerde de volgende dichtbundels: 'Vandaag in deze stad' (1991), 'De Stoofsteeg en andere gedichten' (1999) en 'Korte geschiedenis van het voorafgaande' (2005). In 2008 verschijnt 'Tongebreek & Niemendal'.
Lenze L. Bouwers
Reine de Pelseneer
Jabik Veenbaas
Hans van Willigenburg
Peter Swanborn
Leo Herberghs
Ton van 't Hof
Ton van Reen
Joris Miedema
Peter Drehmanns
Lammert Voos
Frits Criens
Rik Andreae
Jabik Veenbaas
Sacha Blé
Bernhard Christiansen
Delphine Lecompte
André van der Veeke
Gert de Jager
Hans van Willigenburg
Peter Knipmeijer
Maarten Das
Nanne Nauta
Onder redactie van Heytze en Breukers
Peter M. van der Linden
Jabik Veenbaas
Diverse auteurs
ACG Vianen
Rob Molin
Bart FM Droog
Lies Van Gasse
David Pefko; Het voorseizoen
Het is de leegte en het rekt zich uit."
Deze zin is niet goed. Het gaat hier immers om het woord 'Breukers'. Dat rekt zich niet uit, dat breekt hoogstens in stukken. Ik zou er dus van maken:
"Het is de leegte die zich vermenigvuldigt."
Je hebt dan meteen een dubbele bodem in het gedicht zitten en ook een terugkoppeling naar die 'hel'. De voorlaatste zin moet dan anders en van de laatste zou ik maken 'Ik ben mijn vader maar hij is er niet' om het geheel een wat sinisterder sfeertje te geven.
Geplaatst door: M.H.Benders | 23-11-07 om 17:45
?
Geplaatst door: Chrétien Breukers | 23-11-07 om 17:47
De eerste van een cyclus "louteringsgedichten"? Gaat Breukers zich bekennen aan de Gereformeerde Kerken? Ter helle varen in een zeppelin, de vader halen en terugkeren als zoon. De herhaling van steeds al geweest: "in den beginne was het woord en het woord was ...etc."
Maar wel mooi dat jij deze reeks afsluit!
Geplaatst door: Wim van Til | 23-11-07 om 19:44
Beste Wim, no worry. Ik hoef mij niet te bekeren, want ik ben al katholiek. Net als de islam kun je die jas nooit afleggen.
Geplaatst door: Chrétien Breukers | 23-11-07 om 19:48
Geachte heer Breukers,
U bent, denk ik, twee dingen vergeten te vermelden: bij de inmiddels verschenen bundels van uw hand, uw werkelijk debuut bij WEL 'De rand van het domein' en, dat dit gedicht net als dat van Ton van 't Hof om niet is gepubliceerd. Ten eerste, uw eersteling verzwijgen heeft iets weg van een Prins Bernhard (moge God zijn ziel hebben) die zijn onechte dochters lange tijd verzweeg. Ten tweede, men placht niet te profiteren van een Fonds die deze gedichtenpublicaties honoreerde. Toch?
Geplaatst door: Anne van Uffelen | 23-11-07 om 21:05
Beste mevrouw Van Uffelen, het staat mij, zolang het niet om zaken van staatsbelang gaat, vrij om te verzwijgen wat ik wil. En inderdaad: ik 'profiteer' niet van LIRA, hoewel profiteren meer een woord is uit uw rancuneuze jargon, dan uit het mijne. Dank, verder, voor uw ter zake kundige eh... reactie.
Geplaatst door: Chrétien Breukers | 23-11-07 om 21:38
Overigens, je kunt zowel geexcommuniceerd worden als katholiek als je uitschrijven. Voor moslims bestaat uberhaupt geen register dus hoe je erbij komt dat je daar niet van af kunt stappen is mij een raadsel.
Geplaatst door: M.H.Benders | 23-11-07 om 21:51
Van elk geloof kun je vallen. Zelfs omhoog. "Mijn huid omgaf steeds ijler leegte" intrigeert mij; ik wil me dat voorstellen (in eerste instantie was daar de zeppelin), maar na het eten was daar opeens Billy Turf en die jongen van de rijstebrijbergen. Nu tast ik weer in dat ongewisse. Ja, ik vind het wel een mooi gedicht.
Geplaatst door: Wim van Til | 23-11-07 om 22:03
Rotte eieren gooien is geen kunst. Gedichten maken wel.
Ik vind 'via' niet zo'n sterk woord. Ik vind 'maar kon daar niets/ aan doen' een beetje praterig, ten opzichte van de , laten we voor het gemak zeggen 'biblische' toon van al het andere. Ik kan mij voorstellen dat de titel zonder de eerste twee woorden ook goed zou zijn. Ik vind het een sterke tekst.
Geplaatst door: Micha Hamel | 23-11-07 om 22:40
Slaat 'het' niet terug op 'woord'?
Geplaatst door: Hans Smit | 24-11-07 om 1:02
Intrigerend gedicht, Chrétien, vooral regels 3-6; het hele gedicht doet qua sfeer wat denken aan Achterbergs 'Thebe', maar naar de inhoud - een vader die de taal en de wet vertegenwoordigt ('luisteren naar slechts één woord') - aan de symbolische orde van Lacan. Wie? Lacan, ja. Nou goed, je kent me, ik zie in een brandkast nog een kut. Zijn er plannen/is er geld voor een voortzetting van de reeks? Dat zou ik zeer toejuichen.
En nu ik het er toch over heb: nog meer zou ik het toejuichen wanneer mensen die kritiek menen te moeten uiten, zoals hierboven gebeurt, op het taalgebruik, de woordkeuze, zinsbouw, beeldspraak, enz. van een gedicht eerst bij zichzelf nagaan of zij antwoord kunnen geven op de volgende vragen:
-waar gaat het gedicht over?
-waarom gaat het daarover?
-wat zegt het van
a) deze wereld
b) deze tijd
c) deze dichter
dat het gedicht daarover gaat?
Kortom, wat zijn de mogelijkheidsvoorwaarden van het gedicht?
Er zijn in deze reeks een aantal mooie tot zeer mooie gedichten verschenen, maar er is tegelijkertijd een schrikbarend gebrek aan kritische zin en poëtische scrupule in de reacties, en überhaupt op dit veelgelezen weblog. Het lijkt de laatste tijd wel of ik met iedereen ruzie krijg hier, en natuurlijk ligt dat aan mij: ik ben veel te lang veel te tolerant geweest voor alle gemakzuchtige onzin die hier ten beste wordt gegeven, ongeacht of die wordt gedekt door de academie of een bekende naam, dan wel de onwillekeurige reflex is van een grote bek. Ik zou met een variant op een oude volkswijsheid willen zeggen: van gedichten lezen word je doof! Er is hier nauwelijks iemand die zich eens afvraagt: wat is dat eigenlijk, gedichten schrijven? Hoe komt men daartoe? Waarom juist die vorm? Wat maakt die vorm mogelijk? Enz. Sterker nog, er lijkt helemaal geen behoefte te bestaan aan dat soort vragen, alsof de dichtkunst ze niet zou kunnen verdragen, ja alsof de dichtkunst niet juist van die vragen leeft en heeft geleefd! Men is daar kennelijk zo benauwd voor dat men zijn kritiek maar liever beperkt tot het woordgebruik, de zinsbouw, enz.: een vorm van retorische zwendel die zijn weerga niet kent, want juist die kritiek voorziet het gedicht van legitimatie. Het gedicht als tautologie: ik word besproken, dus ik besta.
Tel daarbij op de rancune die je ten deel valt als je een gedicht via de naam van deze of gene met de wereld buiten de poëzie confronteert - dé legitimerende instantie bij uitstek zou ik zeggen - en je keert je in walging af van deze poëzieminnaars en -minnaressen, die het na een halve eeuw nog niet begrepen hebben: letterdames en letterheren, die hemels zeuren over flarf en over slam en 'gevaarlijke poëzie', maar hun kopje thee met rozenblaadjes van schrik uit hun klauwen laten lazeren wanneer iemand met de initialen PW eindelijk eens die mooie passiemoord pleegt waar Slauerhoff een eeuw geleden al om vroeg.
Geplaatst door: RHCdG | 24-11-07 om 3:22
4x Het in de laatste strofe, is.. een beetje overHettop wat mij betreft..
Geplaatst door: Peter M. van der Linden | 24-11-07 om 3:53
@PMvdL: De herhaling heeft hier een retorische functie, waardoor het afwijkende 'hij' aan het eind er extra uitspringt.
Geplaatst door: Cath Blaauwendraad | 24-11-07 om 4:19
o ja en 'zo' kan er uit aan het begin van de tweede strofe.
Sowieso een woord van kapok, een woord dat er bijna altijd uit kan. Ik ben erg gesteld op die accenten op de o's van omhóóg.
Geplaatst door: Micha Hamel | 24-11-07 om 5:31
@ Smit
"Slaat 'het' niet terug op 'woord'?"
Ja. Maar dat verandert weinig aan de zaak. De suggesties die ik deed waren suggesties om de lineariteit en eenzijdigheid van het concept achter het gedicht te wijzigen. Het is nu een vrij vlak en lineair werkje over iemand die zijn pappa mist. Door echter twee woorden te veranderen is het al een oedipale monstriteit, een gedicht dat veeleer over incest lijkt te gaan. Gekoppeld aan de naam waar het om lijkt te gaan (welke ofwel 'Breukers' ofwel 'Pappa' is) is het dan veel spannender geworden - hoe het er nu staat is het veel eerder een levenslied bewerkt met de poeticale trukendoos. Mijn suggesties brengen het gedicht ook veel meer in lijn met de titel, die nu eigenlijk een beetje misplaatst is.
Geplaatst door: M.H.Benders | 24-11-07 om 8:01
@ Benders: juist, ik begrijp het.
@ RHCdG: ik ken de verhoudingen hier verder niet, maar mensen die zich afvragen waarom ze steeds ruzie krijgen zijn meestal de mensen die ruzie zoeken.
Geplaatst door: Hans Smit | 24-11-07 om 9:37
Leuk dat hier een keer over gedichten wordt gesproken. Die 4x "het" zijn functioneel, "het" werkt toe naar "hij". "Het" hoeft, strikt gesproken, niet eens te verwijzen naar een voorgaand woord. Het is warm. Het is te laat. Het is de leegte. Het doet er niet toe. Fraai hoor. Niets aan veranderen.
Geplaatst door: Alexis de Roode | 24-11-07 om 10:37
Beste Hans Smit,
Zo is het maar net!
Geplaatst door: RHCdG | 24-11-07 om 11:55
Tsja Alexis en @ Catherina, ik begrijp het functionele, maar r r r, k hou niet van zo'n eind. Ik vind dit soort stuiterballetjes wel lekker op driekwart van het einde van een gedicht. Het blijft allemaal een kwestie van smaak.
Geplaatst door: Peter M. van der Linden | 24-11-07 om 12:18
Ik geniet zeer van het lezen van dit gedicht, maar verbaas mij, zoals vaker, over mensen die met kennelijke wellust ogenblikkelijk met een betweterige vinger klaarstaan. Jammer M.H.B.: in Constantinopel wonen en toch zo Hollands gebleven.
Geplaatst door: Kees Klok | 25-11-07 om 11:48
Het is eerder typisch Nederlands om wat goedbedoelde suggesties betweterig te noemen, denk ik. Wat is er immers calvinistischer dan het aanbidden van zwijgende, zich slaperig uitrekkende stilte in plaats van het enigszins dynamisch bespreken van een gedicht.
Geplaatst door: M.H.Benders | 25-11-07 om 13:38
Men kan er op los monkelen of men kan het laten - wat me vooral bevalt aan dit poëem is, naast de inhoud, de lengte. Het is in één schermopslag te lezen, wat wel zo prettig is als je een gedicht via een beeldscherm tot je wil nemen.
Liefhebbers van het walgelijke oeuvre van PW verwijk ik liefdevol naar deze ellende: http://www.happyvpro.nl/blog.do?profile=13982
Geplaatst door: Droog | 25-11-07 om 16:16
Uit het walgelijke oeuvre van PW:
"Mau nou: de naam al een gedicht - 'Mooi is Maunou.' en dan de aarzeling, om het niet te verstoren, om het te houden, om het mooie te zien. steeds weer in de dingen dat te trachten."
Geplaatst door: RHCdG | 25-11-07 om 18:41
Graag was dit gedicht me bevallen, maar het blijft voor mij bij herhaalde lezing erg troebel. Waar het ongeveer over gaat zie ik wel; het probleem is vooral de enorme complexiteit van de narratieve opbouw en de manier waarop tijden steeds door elkaar heen worden gebruikt. Ik begrijp maar nauwelijks welk gegeven voor, na, of tegelijk met welk ander gegeven plaatsvindt.
Is het bijvoorbeeld inderdaad zo dat ik, doordat ik via het licht omhoog ging, in de hel ben afgedaald? Zo ja, waarom wordt dan dat potentieel sterke paradoxale motief van afdalen = opstijgen niet verder gebruikt? Of is het zo dat ik in de hel WAS (niet ben) afgedaald, en toen omhoog ging, wat logischer is? En de steeds ijlere leegte die mijn huid omgaf, speelde dat tijdens mijn leven, of tijdens mijn opstijging? Wat is de tijd van het 'zou' in de derde strofe - dezelfde als het beschrijven-zou van de 'tekst', of iets dat volgt op het omgeven van de huid, wanneer dat ook is? Is de ovtt daar sowieso wel de juiste keuze? Er speelt een complexiteit die me in dit gedicht niet wezenlijk lijkt.
Ook blijft de functie van sommige formuleringen onduidelijk. Bijvoorbeeld in "Ik was het zelf, maar kon daar niets / aan doen" kan ik niets anders lezen dan: ik was zelf wie ik was, en daar kon ik niets aan doen - we me nogal een open deur lijkt. Dat geldt voor iedereen, voorzegd of niet voorzegd.
Misschien mis ik toch ergens het cruciale punt, en kan iemand het me verduidelijken.
Geplaatst door: Samuel Vriezen | 25-11-07 om 19:57
Verduidelijken kan ik niets, maar ik kan wel zeggen: Lees het gedicht eens met in het achterhoofd het leven en de dood van Jezus, een van de hoofdfiguren in de bijbel...
Geplaatst door: Chrétien Breukers | 25-11-07 om 20:37
Maar dat het over Jezus gaat was me al wel duidelijk, Chrétien. Voorzegd, vermoord, hemelvaart, issues met vader... wat mij onduidelijk blijft zit juist op het niveau van de structuur.
Geplaatst door: Samuel Vriezen | 25-11-07 om 20:47
Dan begrijp ik je reactie helaas niet.
Geplaatst door: Chrétien Breukers | 25-11-07 om 21:02
"Nedergedaald ter helle" is een frase die ik als kind elke zondag hoorde in de kerk. Als onderdeel van het credo, als ik het me goed herinner. Het heeft betrekking op de absolute verlatenheid die Christus ervoer toen hij zich realiseerde dat hij de kruisdood moest sterven. Of hij zich dat al realiseerde in de hof van Gethsemané, of aan het kruis - mijn god, mijn god, waarom hebt gij mij verlaten - weet ik niet precies meer. Het is mischien ook niet zo belangrijk.
Wat de tijd betreft - de eerste strofe lijkt mij te refereren aan beelden waarmee geboorte-ervaringen verwoord worden door lieden met natale en prenatale herinneringen.
Mooi gedicht trouwens met al die betekenissen die op elkaar inwerken.
Geplaatst door: Gert de Jager | 25-11-07 om 21:08
Ah kijk, ik wist niet dat Neergedaald ter helle een vaste uitdrukking was. Ik zat als kind in de Waalse kerk, maar ik verstond geen frans, dus dat heeft weinig geholpen. Dat het om Jezus' verlatenheid hier ging begreep ik dan weer wel.
Chrétien: er is veel in je gedicht dat ik verwarrend vind. Vooral het gegoochel met tijden.
Het nu van het gedicht is kennelijk vlak na de hemelvaart. Vóór die hemelvaart was er dan het leven op aarde, en daarvoor was er de tekst die mij voorzegd heeft. Zelfs aan die tekst gaat nog een tijd vooraf: "Ik was zelfs voor ik leefde zo verweven met de tekst die mij beschrijven zou" impliceert dat de tekst zelf óók nog niet bestond op het moment dat de verwevenheid daar al was. Er zijn dus vijf tijden, waar nogal veel tussen heen en weer geschakeld lijkt te worden.
Dan treedt er verwarring voor mij op, bijvoorbeeld op het breukpunt tussen de tweede en de derde strofe. "Mijn huid omgaf steeds ijler leegte" kan ik alleen coherent lezen als het speelt ten tijde van de hemelvaart - de hogere luchtlagen die mijn huid omvatten worden steeds ijler. Natuurlijk is deze zin óók een beeld van de ervaren verlatenheid. Maar allen in de context van die hemelvaart klopt het beeld echt. Want de lucht kan nog een leegte zijn die steeds ijler wordt bij het opstijgen; maar over het algemeen is een leegte zelf al de limiet van ijlheid.
Maar de tijd van die zin staat in dezelfde tijd als die van die (naar ik geloof overbodige) zin "Ik was het zelf, maar kon daar niets aan doen", en die zin slaat op de tijd op aarde van de messias. Dat betekent weer dat het ervaren van die leegte dus wel degelijk op aarde zou spelen.
Dat zou dan ook moeten gelden voor alles in de derde strofe. Zeker ook omdat het enige mogelijke antecedent voor "zijn" in regel 7 de leegte is, en dus de derde strofe continu zou moeten zijn met het eind van de tweede. Maar die derde strofe staat dan weer in de ovtt, een tijd die we wel eerder gezien hebben, maar dan als "tijd van de voorzegging". En die strofe gaat dan zelf weer over in het heden van de laatste strofe, die ná de hemelvaart speelt.
Geplaatst door: Samuel Vriezen | 25-11-07 om 22:01
Nogmaal, verduidelijken kan ik weinig. Maar het gedicht 'gaat' volgens mij zo:
Ik ben voorzegd, verwekt, vermoord // Ik ben ter helle neergedaald. Via de trappen / van het licht ging ik, wantrouwig en gestaag, / omhóóg.
CB: Jezus sterft de kruisdood en herrijst na drie dagen. Dit 'proces' heb ik hier beschreven.
Ik was zelfs voor ik leefde // zo verweven met de tekst die mij beschrijven / zou. Ik was het zelf, maar kon daar niets / aan doen.
CB: De geboorte van de Messias is door de profeten uit het OT voorzegd, daar kon die Messias zelf niets meer aan doen.
Mijn huid omgaf steeds ijler leegte.
CB: In een eerdere versie stond hier 'Mijn huid omgaf steeds ijler leegte / en die heette God.' De Messias, Jezus, is tekst, profetie; hij bestaat eerder in het woord dan in het echt; hij is eerder omhulsel van het Niets, dat God is, bijvoorbeeld in de 'negatieve theologie'; hij is ook het 'niets' van Blanchot, of de onontkoombare eenzaamheid waar Camus het over heeft, of de onbeschrijfbare 'G' van Kopland, enzovoort enzovoort.
Steeds blinder zou ik tasten naar zijn / lijfelijk bestaan. Steeds dover zou ik / luisteren naar slechts één woord.
CB: Jezus, zich bewust wordend van zijn lot, zal God steeds wanhopiger zoeken. Maar omdat God Niets is, zal dat niet lukken. Die laatste zin eindigt met één woord, – een vrije variant op de eerste verzen van Genesis.
Het is de leegte en het rekt zich uit. / Het houdt zich stil en laat mij ongewis. / Het is mijn vader en hij is er niet.
CB: Drie keer niks. Is niks.
Helpt dit een beetje? Dat gegoochel met de tijden zie ik eigenlijk niet – maar ik ben dan ook een experimentvrije dichter!
Geplaatst door: Chrétien Breukers | 25-11-07 om 22:44
Ik kom zeker iets verder - vooral omdat ik Jezus in de hemel opgenomen had gelezen, niet net wederopgestaan. Dan begrijp ik ook dat ik onterecht een inversie in regel zes las.
Ik vind "steeds ijler leegte" eerlijk gezegd onovertuigend, zoals ik al aangaf (leegte is al zo ijl als kan). Ik geloof dat je óók in die negatieve traditie scherpere beelden zou kunnen vinden. Samen met de zin ervoor zit daar voor mij een 'vage vlek' in het gedicht.
Ook overtuigt het wisselen van de tijden tussen de strofen me nog steeds niet - iets wat ik, inderdaad, in een tekst van laten we zeggen Lyn Hejinian meteen zou kunnen plaatsen. Maar hier heeft het naar mijn gevoel iets arbitrairs. Zou het niet helderder zijn als vanaf het eind van de tweede strofe de hele zaak in de tegenwoordige tijd zou staan?
Geplaatst door: Samuel Vriezen | 25-11-07 om 23:04
CB: Jezus sterft de kruisdood en herrijst na drie dagen. Dit 'proces' heb ik hier beschreven.
MB: Vind je? Ik haal dat echt niet uit het gedicht, hoor. Jezus die wantrouwig en gestaag het licht tegenmoet treedt? NA de kruisiging?
Ik nam aan dat het een gedicht was over je eigen vader die er niet meer was zodra je geboren was. Zo leest het namelijk. Als dit als een religieus gedicht bedoeld is vind ik het eerlijk gezegd nog een stuk slechter. Het heeft dan namelijk totaal geen enkele diepgang (doet wel zijn best die te suggereren) terwijl als het over je eigen vader was gegaan die diepgang er nog enigszins in had gezeten, hoewel problematisch...
Geplaatst door: M.H.Benders | 25-11-07 om 23:11
"Ik kom zeker iets verder - vooral omdat ik Jezus in de hemel opgenomen had gelezen, niet net wederopgestaan."
Als een gedicht over Jezus is het onzin. De eerste teksten over Jezus zijn rond 70 n.c. opgeschreven. Maar die teksten zouden bij zijn wederopstanding dus al Jezus gestoord hebben, dat hij daar niets aan kon doen? En wat is in vredesnaam dat wat volgt, een poging Jezus atheistische motieven bij zijn wederopstanding toe te schrijven? Dat is toch een volstrekte gotspe?
Geplaatst door: M.H.Benders | 25-11-07 om 23:21
Beste Benders, Exodus 34:9
Geplaatst door: Chrétien Breukers | 25-11-07 om 23:28
Juist ja. Leuk stuk over Mozes. Was dat ook al je vader, of wou je iets anders kwijt?
Geplaatst door: M.H.Benders | 25-11-07 om 23:30
Beste Samuel, misschien is het beeld volgens jou niet sterk, en wie ben ik om jouw opinie daaromtrent aan te vechten... maar steeds ijler leegte... ik vind het zelf a) heel mooi en b) heel mooi omdat het de leegte, en dus ook het niets, als het ware groter maakt, in een poging om van x-maal nul iets anders te maken dan nul. Zoiets. En nogmaals: ik ben niet de aangewezen persoon om hier opheldering te verschaffen, helaas.
Geplaatst door: Chrétien Breukers | 25-11-07 om 23:31
Sois!
Geplaatst door: Samuel Vriezen | 25-11-07 om 23:32
Ik bedoel, soit!
Geplaatst door: Samuel Vriezen | 25-11-07 om 23:33
De betekenissen in de religieuze 'sfeer' uit het jaar 33 na Chr. gaan wat mij betreft naadloos over in betekenissen die met echte vaders en ervaringen in het hier en nu te maken hebben. Juist die spreektalige zin 'Ik was het zelf, maar kon er niets aan doen' maakt van Christus een soort sukkelige Elckerlyc. En dan is er nog de laatste strofe die tegelijkertijd particulariseert en veralgemeniseert.
Geplaatst door: Gert de Jager | 26-11-07 om 2:21
Ik zag "ik was het zelf" eerder terug verwijzen naar "ik leefde zo verweven (...)". Dus: ik leefde weliswaar zo verweven maar kan daar niets / kon daar toen niets aan doen.
Het leek mij daarom aannemelijk voor de ik (Jezus of niet) om zo'n excuus te maken.
Maar ik lees dat als derde generatie atheïst. Fraai gedicht, maar ik kon het daardoor aanvankelijk niet anders dan als een gedicht over voorbestemming in het algemeen lezen.
Geplaatst door: Bertus Pieters | 26-11-07 om 4:28
Zoiets probeerde ik met mijn verwijzing naar Elckerlyc ook te suggereren.
Wel ben ik benieuwd hoe je bij een volstrekt niet-religieuze lezing het 'vermoord' uit de titel en de eerste vijf woorden van het gedicht interpreteerde. Het zijn dan metaforen met de nodige overkill, lijkt me.
Geplaatst door: Gert de Jager | 26-11-07 om 8:29
"Juist die spreektalige zin 'Ik was het zelf, maar kon er niets aan doen' maakt van Christus een soort sukkelige Elckerlyc."
Jezus die tijdens het ultieme mirakel, zijn eigen opstanding, zich beklaagt over geschriften die nog niet geschreven zijn en meteen ook maar even laat weten dat hij door God verlaten is. Je moet er maar opkomen, inderdaad. De referentie naar Exodus 34:9 is dan bijna een logisch vervolg zou je zeggen.
Geplaatst door: M.H.Benders | 26-11-07 om 11:47
Volgens ware christenen is de clou van het Oude Testament dat daarin de komst van Christus aangekondigd wordt. Het woordje 'voorzegd' is het derde woord van de titel van het gedicht.
Hoofd leegmaken en lezen, mijnheer Benders.
Geplaatst door: Gert de Jager | 26-11-07 om 11:58
"Volgens ware christenen is de clou van het Oude Testament dat daarin de komst van Christus aangekondigd wordt."
En dat blijkt hoe precies uit Ex 34:9?
"Het woordje 'voorzegd' is het derde woord van de titel van het gedicht."
U meent het. Het dertiende woord van het gedicht zelf is 'ik'. Zou Breukers er dus mee aan willen geven zelf de dertiende apostel te zijn geweest?
"Hoofd leegmaken en lezen, mijnheer Benders."
Als het u niet uitmaakt lees ik gedichten liever niet met een leeg hoofd. Als men op een lege maag gaat dineren smaakt bijna alles lekker. Het is de kunst een gerecht te maken dat ook nog bij een overvolle maag tot genoegen stemt.
Geplaatst door: M.H.Benders | 26-11-07 om 12:07
Gert? Dat 'ware' bedoel je toch hopelijk ironisch? Of was het een tikfout en wilde je 'zware' schrijven?
Ik bedoel, er zijn ook minder evangelisch georiënteerde christenen die het OT als meer kunnen zien dan alleen een soort pilotversie van het NT.
Geplaatst door: Cath Blaauwendraad | 26-11-07 om 12:10
En is er niet ook een poëticale lezing mogelijk, waarbij de ik geen Jezus is, maar dichter? Lijkt me iets voor RHCdG om uit te zoeken.
Geplaatst door: Coen Peppelenbos | 26-11-07 om 12:14
Je kunt een gedicht ook dood duiden.
Stil en ongewis zijn komt aan het eind van het gekakel.
Geplaatst door: leo hermens | 26-11-07 om 12:25
@ Catherina. Over gelovigen schrijf ik altijd ironisch, vrees ik. Of ze nu evangelisch of minder evangelisch zijn.
@ Mijnheer Benders. De gevolgen van uw eetzucht bij een overvolle maag - het zijn uw woorden - zie ik liever niet voor me.
@ Mijnheer Hermans. Elke lezer duidt. Sommige lezers schrijven dat op. Soms staat er dan onzin, maar het gedicht is pas dood als het niet geduid wordt. Ik zou graag willen dat er heel veel meer geduid werd.
Geplaatst door: Gert de Jager | 26-11-07 om 12:47
@ Gert en je reactie van 8:29.
Mijn interpretatie? Zonder Jezus-idee lezend vond ik het wat pathetisch en over the top. Hoewel de idee dat de ik aan een Jezus complex lijdt, zich dan wel snel opdrong.
Maar ook wanneer de ik Jezus is, vind ik het wat aan de pathetische kant (zonder iets aan de overige kwaliteiten af te willen doen). Maar dat zal mijn ongelovigheid zijn. In veel uitspraken vind ik Jezus zelf vaak aan de pathetische kant.
Anderzijds - terugredenerend - kom je er ook niet onderuit te constateren dat de ik niet Jezus is, maar Jezus zou kunnen zijn. Immers, het gedicht is zelf al een interpretatie. De ik redeneert niet als Jezus maar zoals een Jezus zou kunnen redeneren. En wie is de ik dán?
Geplaatst door: Bertus Pieters | 26-11-07 om 14:23
Blijven duiden dus. Binnen de abstractie spelen toch nog drie zintuigen een rol, die elk blijken uit te vallen. (steeds/steeds/steeds) Er gaapt iets, een blijkbaar afgrondelijke leegte, die zich uitrekt en alles lijkt aan te tasten. Het wantrouwen uit de eerste strofe is dus terecht. (Vraag lijkt wat het onderwerp is in "Mijn huid omgaf steeds ijler leegte." Als dat "mijn huid" is en niet de steeds ijler wordende "leegte" staat er iets heel merkwaardigs.)
Geplaatst door: Adriaan Krabbendam | 26-11-07 om 14:31
Gunst Adriaan, laat is het nu al die tijd op die uiterst merkwaardige manier gelezen hebben... als een betekenis, een invullig die mettertijd uitgehold raakt, in casu een metafoor voor het christendom.
Geplaatst door: Cath Blaauwendraad | 26-11-07 om 14:43
Niks tegen duiden. Dat het gedicht meerdere uitleggen verdraagt, dat hoort. Dat ieder aan de haal gaat met een eigen lezing, daarom is het poezie. Maar er is een punt waarbij de rollebollende interpretaties alleen nog andere interpretanten vermaken, maar niets aan het gedicht toevoegen. Het is poezie om meer te zijn dan de som van de interpretaties. In die zin heeft christelijke beeldspraak een poetisch hart. Dood duiden is voor mij gaande als de vertalingen van het gedicht ten koste gaan van de beleving. Die hoeft niet te verklaren, die accepteert het ongewisse en het dubbelzinnige. Maar goed, dat is mijn leeswijze.
Geplaatst door: leo hermens | 26-11-07 om 16:01
Met "iets heel merkwaardigs" doelde ik dan ook geenszins op iets afkeurenswaardigs. De leegte die zich afgrondelijk uitrekt rondom, gaapt blijkbaar ook van binnen, een uitholling, nog slechts omgeven door huid. Het zwijgt, er rest slechts huid. En een besef - "Het is mijn vader en hij is er niet." In de laatste strofe staat minstens drie keer hetzelfde. Het is het "het" dat zich uitrekt en gaapt. En de zich uitrekkende afwezigheid is een uitnodigend geopende deur. Opluchting.
Maar hoe kan een katholiek zo bijbelvast zijn?
Geplaatst door: Adriaan Krabbendam | 26-11-07 om 16:06
Zelfstudie.
Geplaatst door: Chrétien Breukers | 26-11-07 om 16:22
En ik logeer vaak in hotels, daar hebben ze altijd wel een bijbel liggen; dat is ook nog goed voor je talen, want meestal hebben ze een editie in het Eng./Fr./Duits/Esperanto.
Geplaatst door: Chrétien Breukers | 26-11-07 om 16:24
Was er voor Jezus' ouders plaats in den herberg geweest, hadden ze dank zij Gideon kennis kunnen maken met de tekst die zoonlief beschrijven zou. Waren ze zich een hoofddoek geschrokken en had de geschiedenis een andere wending genomen, tot in Limburg. Die hotelbijbels beschikken vaak trouwens alleen over het nieuwe testamentje, die herders was ook nooit iets verteld, die wijzen kwamen van Boeddha of Isjtar, die os kon alleen maar blaten, die ezel deed wat ezels nu eenmaal doen en mirjam herinnerde zich haar engel toen haar huid hem omgaf.
Geplaatst door: Adriaan Krabbendam | 26-11-07 om 16:54
Is er dan in Nederland niet één hotel waar op het nachttafeltje de Naardense bijbel ligt?! Ik vind het een prachtig gedicht.
Geplaatst door: Koenraad Goudeseune | 26-11-07 om 18:06
bij het lezen van je gedicht, denk ik aan het schilderij van Jeroen Bosch,
Door de tunnel
rechtstreeks naar het licht
aan het einde
zie je kinderen spelen
in het gouden koninkrijk
intellectuelen dwalen
over kronkelende paden
vallen steeds weer
van de hoogte
naar beneden.
Een interessant gedicht
het licht kan zien
en horen
wie is weder geboren
een kind is puur
wordt zo,
voor hen is het koninkrijk der hemelen
ook voor de moordenaar die oprecht berouw heeft
door zijn vader gehoord,
Liefde is het antwoord op alles
keer de andere wang toe als iemand u een klap geeft
wie kan het
zolang je dit niet kunt
kom je niet verder
met de vriendelijke groet,
Diana Hoogenraad
Geplaatst door: Diana Hoogenraad | 6-1-11 om 22:18
Luisterend naar “Met het oog op morgen” kwam ik surfend op dit weekgedicht dat ik hier na zoveel reacties laat voor wat het is.
In het commentaar van RHCdG staat veel wat mij uit het hart gegrepen is, al zou ik het zelf wat voorzichtiger en zeker met minder flair hebben geformuleerd – jarenlang heb ik mijn penselen geslepen waardoor mijn pen helaas wat stomp gebleven is, maar dat terzijde.
Natuurlijk heeft het zin om gedichten, taalbouwsels, òòk op woordgebruik, zinsbouw etc. door te lichten. Maar niet exclusief. Dat is noodzakelijk maar niet voldoende.
Het is eigenlijk triest dat niemand zich nog af schijnt te vragen wat poezie, wat kunst is en of er nog zoiets als een innerlijke noodzaak bestaat voor een gedicht. Voor aan de eigen wand, op een familiefeest? Niets heb ik tegen gelegenheidsgedichten maar dat zijn vaak (gelukkig niet altijd) versjes en dat is wat anders dan dichtkunst.
Heeft het überhaupt nut om alweer een gedicht toe te voegen aan de enorme hoop? Ja, van niet selectief gedichten lezen, wordt je net als zappen voor de buis, doof – en blind en ongevoelig. Regression towards...?
Zijn er argumenten voor het bestaan van een nieuw gedicht? Vernieuwingsargumenten als een eigen geluid, de authenticiteit? En hoe zit het met de structurele, emotivistische en zelfs morele argumenten? Hoe is de vorm ten opzichte van de inhoud, wat dragen formele kenmerken toe? Hoe gelaagd is het gedicht?
Een circulaire redenering als “Ik word besproken dus ik besta” is gebaseerd op een extern dus secundair bestaansargument voor een gedicht.
Dichtkunst kun je helaas net zo min definiëren als beeldende kunst, hooguit als Wittgensteiniaans “open concept” beschrijven waarin de kenmerken niet op een absolute maar op een waarschijnlijke manier samenhangen, vergelijkbaar met “familiegelijkenis”.
Wat mij betreft zijn de grenzen van geslaagde beeldende kunst en dichtkunst zo langzamerhand oneigenlijk ver opgerekt. Blikjes uitwerpselen staan als zoete broodjes in de musea. Het gedicht waarin met uitwerpselen wordt geschreven ontbreekt nog.
Mede dankzij Duchamp zijn we zover gekomen. Hij plaatste het pissoir in het museum om het publiek te confronteren met hun abominabele smaak. Het was nog erger dan hij dacht: het werd als kunst geaccepteerd…
Geplaatst door: Inge Boulonois | 7-1-11 om 11:21
zo lees ik het in het kort
ik grijp de hand
de hel verbrand achter me
ik kijk achterom
wort een zoutpilaar
groetjes,
Diana Hoogenraad
Geplaatst door: Diana Hoogenraad | 8-1-11 om 11:00
het is wel een twijfel gedicht, mooi!
de schepping is mooi, mensen kunnen er een rotzooi van maken, we zijn hier afgedaald met een doel, te herstellen wat verloren is gegaan, zoutpilaar bedoel ik, twijfel,
het licht staat naast, zie je het, waar , daar, mooi he,
de wereld is wat op de aarde staat,voert oorlog, om het mijn en dijn,
het gaat maar door,
op een keer komt de echte koning, het roer over nemen
lieve groet
Geplaatst door: Diana Hoogenraad | 8-1-11 om 14:45
Ik zie nu wel in dat ik te vroeg heb gepiekt.
Geplaatst door: Hans Smit | 8-1-11 om 18:40
Dat wel, maar misschien is het goed om elders, om andere kwesties, te pieken. (Case closed, etc.)
Geplaatst door: Chrétien Breukers | 8-1-11 om 19:40
ik heb wederom me verdiept in je intrigerend gedicht, ik herken wel wat in je schtijven
laatste strofe, hij is mijn vader, hij is er niet, blind? misschien
gooi je hart open
breek!
overgave
sterf om te leven
geef
stap van het donker in het licht
God is een!
het antwoord op alles
is simpel
ROOD
het gedicht komt bij mij tweestrijdig over
ik kom geen steek verder met de laatste zin
Geplaatst door: Diana Hoogenraad | 1-7-11 om 10:08
Ach nee, Chretien, ga toch niet iedere regel van je gedicht uitleggen aan hardhorenden. Dat het een religieuze inslag had, leek me tamelijk obvious. Verder mag de lezer het invullen zoals hij/zij wil. Door alles te gaan uitleggen haal je het mysterie eruit.
(Ik was er trouwens vanuit gegaan dat de ik-figuur meer op jouzelf slaat dan op J.C.)
Geplaatst door: Inkwith Barubador | 1-7-11 om 10:57
Chrétien gaat er al van uit dat God Niets is zoals hij hier zegt. Waar maakt hij zich dan zo druk om? J.C. is voor hem geen heilbrengende figuur maar een zielig slachtoffer van de maatschappij. Alsof wij dat nog niet wisten. Mensen die echt in hem geloven (dus ook in zijn opstanding)zijn volgens hem niet toerekeningsvatbaar. Blijf dan van die hele Jezus af, Chrëtien.
Doe niet zo half, kap met jouw katholiscisme!
Geplaatst door: Kees Borgdorff | 1-7-11 om 19:28
Ik kap, als ik dat wil.
Geplaatst door: Chrétien Breukers | 1-7-11 om 20:19