Vorig jaar verscheen van Thomas Vaessens een studie naar het poëtische klimaat van de meest recente periode, Ongerijmd succes. Poëzie in een onpoëtische tijd.
Hoewel het in dat boek niet om de poëzie, maar om haar voorwaarden en
omstandigheden ging, leek Vaessens het onpoëtische van onze tijd ook in
de opzet van zijn boek uit te drukken door er maar één gedicht in op te
nemen. Nu Chrétien Breukers uit de poëzie van dezelfde periode een
dikke bloemlezing heeft samengesteld, maakt dat dan ook een polemische
indruk: zo onpoëtisch is deze tijd kennelijk niet. En wanneer we
vervolgens bedenken dat Breukers moderator is van het weblog De Contrabas,
de dorpspomp van het door Vaessens beschreven veld, dan lijken beide
heren en hun boeken zich om zo te zeggen chiastisch tot elkaar te
verhouden: waar de man van wetenschap op het onpoëtische karakter van
het huidige veld wijst, daar trakteert een van de voornaamste
exponenten van dat veld ons op een dikke verzameling van de meest
actuele poëzie. Daarmee is het verhaal van de recente periode in onze
poëzie nu althans formeel gezien compleet: we kunnen nu met beide
boeken de werkelijkheid én de poëzie van vandaag te lijf.
Lees de zeer gefundeerde recensie van Cornets de Groot in zijn geheel op mijn favoriete website, het altijd in de frontlinie strijdende Literairnederland.nl. Alwaar ook kan worden gereageerd. Maar dat mogen jullie ook hier doen.
Delphine Lecompte
André van der Veeke
Lammert Voos
Daan Doesborgh
Quirien van Haelen
Menno van der Beek
Mart van der Hiele
Peter Knipmeijer
Maarten Das
Nanne Nauta
Peter M. van der Linden
Gert de Jager
Het Utrechts Dichtersgilde
Jabik Veenbaas
Hans van Willigenburg
Chrétien Breukers
Onno Kosters/Dick Groot
Diverse auteurs
ACG Vianen
Rob Molin
Bart FM Droog
Erik Nieuwenhuis
Annemarie Estor
Wouter Godijn
Ik vind het een onderhoudende, puik geschreven bespreking. Ik vind het alleen jammer dat zo weinig mensen én de poëzie én die bespreking zullen lezen. Het lijkt wel CNN en dat is de laaglandse poëzie allerminst. Een overzichtsartikel dat ook sociologisch relevant wil zijn, zou daar op zijn minst gewag moeten van maken. P.B. of niet.
Geplaatst door: Koenraad Goudeseune | 19-3-07 om 20:40
Ja, het heeft wel wat, die doorwrochte recensies waar iemand echt de tijd voor heeft genomen. Dat mag best in de krant.
Geplaatst door: AdR | 19-3-07 om 21:35
Warrige dikdoenerij zonder steekhoudende argumentatie, vol retorische en syntactische missers, zonder heldere stellingname, dat noemen jullie onderhoudend, puik en doorwrocht? Het fijne van rookwolken is hoogstens dat ze opstijgen en in het ijle waar ze horen verdwijnen.
Geplaatst door: Adriaan Krabbendam | 19-3-07 om 21:46
Dertig maal de naam Breukers in het stukje, dat is op zich al strafwerk.
Geplaatst door: Peter M. van der Linden | 19-3-07 om 22:13
Maar Adriaan... Cornets de Groot is niet iemand van de hippe, blitse formulering, maar hij is toch wel degelijk doorwrocht. En hij zegt het allemaal zo, dat ik mij na lezing, ondanks zijn kritische noten, gesterkt voel. Iets wat ik na lezing van menig positiever uitgevallen recensie niet had of heb. Etc.
En Peter M... ga je eens ergens anders vervelen.
Geplaatst door: Chrétien Breukers | 19-3-07 om 22:16
'al is het duidelijk dat deze poëzie voor hemzelf een baken is tegen de moderniteit die ze uitdrukt.'
Geplaatst door: f. starik | 19-3-07 om 23:18
Oké, Chrétien, hoe blij je hiermee ook bent, ik zie dat doorwrochte niet zo, het meeste komt op mij over als compensatie voor gebrek aan visie, maar het kan ook zijn dat mijn euvel een gebrek aan herseninhoud is. Neemt niet weg dat van zijn argumentatie en conclusie toch echt geen chocola te maken is, hoe versterkend ook. En de formulering is behalve hier en daar domweg fout gewoonweg tenenkrommend. En ik weet dat jij van dat laatste woord houdt.
Maar bovenal is het hele verhaal gestoeld op een nogal uit het lood staande vergelijking en gaat het nergens over waar het over zou moeten/kunnen gaan.
Geplaatst door: Adriaan Krabbendam | 19-3-07 om 23:26
Overigens had ik op literairnederland.nl al gereageerd maar op dit moment werkt de link niet meer.
Geplaatst door: Adriaan Krabbendam | 19-3-07 om 23:30
Sterker nog, nu de link weer wel werkt is mijn reactie gewist. Waarin zonder verder veel heisa bij wijze van voorbeeldje gewezen werd op: "hoe men zich ook wendt of keert"... Wel kreeg ik een welkomstmail.
Geplaatst door: Adriaan Krabbendam | 19-3-07 om 23:41
De oogst na een dag: negen reacties, waaronder twee positieve, één flauwe, één domme, vier hysterische en één interessante: het kon slechter.
@ Koenraad,
Ik weet niet of ik je goed begrijp. Bedoel je dat er te weinig poëzie wordt gelezen? Of dat de bloemlezing het lezen van bundels zou vervangen? Of dat ik in had moeten gaan op de aard en kwaliteit van de poëzie in de bloemlezing? Maar dat zou alleen in zeer algemene bewoordingen kunnen, waarbij geen enkele dichter recht zou worden gedaan. Ik heb het over de aard van Chrétiens keuze willen hebben, niet over de gekozen poëzie.
@f.starik,
'al is het duidelijk dat deze poëzie voor hemzelf een baken is tegen de moderniteit die ze uitdrukt.'
Als je de tekst die voor deze afsluitende zin staat had gelezen, zou je er allicht minder moeite mee hebben gehad. Speciaal voor jou wil ik het nog nog wel eens uitleggen: poëzie heeft esthetische kwaliteiten en neigt daardoor naar isolatie van de gore, grauwe buitenwereld. Maar ze drukt ook wat uit: diezelfde wereld, die helaas maar desalniettemin steeds sneller van het paradijs wegvoert.
@ Adriaan:
Je windt je nogal op, Adriaan. Maar hoe ik mij ook wend of jij je ook keert, Adriaan, ik ben Mila Fertek niet, helaas. Misschien kun je haar nog eens mailen? Dan kom je vanzelf weer tot rust. En zie overigens Mulisch, 'Voer voor psychologen', p. 150 halverwege.
Geplaatst door: Rutger H. Cornets de Groot | 20-3-07 om 15:06
De opwinding is geheel aan jou, Rutger.
Geplaatst door: Adriaan Krabbendam | 20-3-07 om 15:53
Ik reageer hier maar (die letterdieven van Literair nederland kunnen me de rimbam krijgen), want er zijn een paar dingen die ik niet begrijp.
Rutger, waar komt het waandenkbeeld vandaan dat Serge van Duijnhoven een 'slampoëet' zou zijn? Hij dateert van vóór de poetry slam-hausse en ik vraag me serieus af of hij ooit aan een slam heeft deelgenomen. Hij werkte wel een tijdje met rappers samen, zonder daarbij zelf te rappen, maar komt daardoor wellicht de verwarring?'Rap' klinkt als 'slam' (maar dan anders), is dat het?
Ik vraag me ook af wat je lezersdoelgroep is. Al dat geslinger met academische termen (die mij als ongeschoold ex-arbeider mijlenver boven de pet gaan) doet me afvragen of je daarmee niet eerder lezers wegjaagt dan trekt.
En: ' Zo komt een andere door Vaessens gesignaleerde ontwikkeling, die van de podium- of slampoëzie - en daarmee de devaluatie van poëzie op papier - in de bloemlezing nauwelijks aan bod.' roept ook meer vragen op dan antwoorden. Van alle dichters uit dat circuit ken ik maar één (Svan Ariaans) die expliciet zegt alleen voor het optreden te schrijven. Voor alle anderen blijft een bundel het uiteindelijke doel. Dat Thomas Vaessens waandenkenbeelden najaagt hoeft toch niet nagevolgd te worden?
Bijna tot slot: 'de wezenloosheid van Droog'. Neem aan dat je daarmee op de gedichten in de 'Vette Breukers' doelt, maar wat bedoel je daarmee? Is het een positieve of negatieve opmerking?
Geheel tot slot: als bedenker van de term 'de vette Breukers' wil ik je er wellicht ten overvloede op wijzen dat 'vet' tegenwoordig naast 'redelijk corpulent' ook 'geweldig' kan betekenen.
Geplaatst door: Bart FM Droog | 20-3-07 om 20:04
@ Bart. Heb het opgezocht in de Dikke van Dale. Wezenloosheid (het accent wisselt)
(v.), 1 het wezenlooszijn; 2 bewusteloosheid; 3 afwezigheid van geest. Kortom, heb je wel eens in bewusteloze staat poëzie geschreven? Of zonder dat je geest erbij aanwezig was? Of leeg voor je uit starend? Euhhh, .... of zoiets.
Geplaatst door: Fred Papenhove | 20-3-07 om 21:53
Bart,
Het is een beproefde tactiek: we laten de strekking van het verhaal buiten beschouwing - een visie had het immers al niet - pakken een punt van het tafelkleed en gaan daar eens aan sjorren, kijken of het zooitje er vanaf lazert.
Eerst dan maar over het taalgebruik; altijd een gevoelig punt. Ik ben er niet op uit om lezers van me te vervreemden, en wie mij een beetje kent weet dat mijn solidariteit - een moeilijk woord dat elke arbeider kent - eerder die arbeider geldt, dan de hogere klasse. Verder heb ik geen 'lezersdoelgroep', maar schrijf ik voor wie de moeite wil nemen me te lezen. Dat zijn doorgaans geen mensen die te lui zijn om het woordenboek erbij te halen en die hun gebrek aan scholing koesteren omdat die instrumenteel is voor hun sociale rancune. Verder wil ik erop wijzen dat 'chiasma' een letterkundige term is en dat 'eclectisch' vrijwel uitsluitend met betrekking tot kunst wordt gebruikt. Wanneer nu mijn stuk over poëzie handelt, mag ik verwachten dat mijn 'lezersdoelgroep' bekend is met die termen, of bereid is zich ermee bekend te maken. Dat was ik toch ook?
Wat omgekeerd 'vet' betreft: de cultuurkloof tussen jou en mij mag groot zijn, maar toch niet zo groot dat ik die betekenis van het woord niet kende. Alleen had mijn opmerking terzake op die betekenis geen betrekking.
Re: Van Duinhoven. Ik citeer Vaessens, p. 60: 'Serge van Duinhoven, de eerste (en meest bevlogen) dichter die in Nederland de mogelijkheden van dit soort podiumpoëzie zag en onder de aandacht bracht', en op p. 66 opnieuw: 'Van Duijnhoven, de eerste en meest bevlogen voorvechter van de podiumpoëzie in Nederland'. Als ik lieg, lieg ik dus in commissie. Of had ik slam- en podiumpoëzie niet in één adem mogen noemen? Ik had het kunnen weten, - p. 60: 'Hoewel de term bij veel van de performers gevoelig ligt, wordt in de kritiek veelvuldig aan hen gerefereerd als aan 'de podiumdichters'.
Maar nu: is dit allemaal van belang? Laat ik van de gelegenheid gebruik maken voor nog wat aanvullende opmerkingen. In Chrétiens bloemlezing ontbreken behalve Van Duijnhoven ook Sven Ariaans, Petra Else Jekel, Sieger M. Geertsema, Ronald Ohlsen, Diana Ozon en Olaf Zwetsloot, allemaal mensen die door Vaessens tot deze podiumpoëten of hoe ze genoemd mogen worden, worden gerekend. Of dat terecht is weet ik niet, ik ken ze in meerderheid niet, - maar in die leemte had Chrétien nu juist kunnen voorzien. De kwestie is daarbij niet of deze dichters als doel een papieren publicatie voor ogen hebben, maar het feit dat er sprake is van een beweging die binnen het veld inmiddels ook een, weliswaar bescheiden, positie inneemt. Dat Chrétien ze niet op heeft willen nemen is geen kwestie van een blinde vlek, maar van uitsluiting, waarbij hij een beroep doet op zijn smaakoordeel. Zoals ik heb gezegd is dat zijn goede recht, maar zo kom je niet tot een canon. Daarvoor zul je toch van je eigen smaak af moeten stappen. En daarmee zeg ik niet dat zijn keuze minder persoonlijk had moeten zijn, (ik ben de laatste om voor objectiviteit te pleiten); het gaat juist om een uitbouw van de persoonlijkheid, zodat die de wereld met haar conflicten in zich verenigen kan. Pas dan verwerf je ook gezag (wat misschien iets anders is dan symbolisch kapitaal in de zin van Bourdieu).
Ten slotte de wezenloosheid van Droog. Laat ik er dit van zeggen: deze tijd komt mij in hoge mate wezenloos voor. Wat dat betreft mocht je niet in de bloemlezing ontbreken - en dat doe je dan ook niet.
Geplaatst door: Rutger H. Cornets de Groot | 20-3-07 om 23:40
Ter aanvulling, hoe saai ook: tussen slamdichters en podiumdichters (ik ben het nooit met de laatste term eens geweest, omdat ik podiumdichter niet kan zien als een permanente staat van zijn: elke dichter is op het moment dat hij een podium betreedt een podiumdichter, wat dat betreft is er geen verschil tussen, pakweg, Piet Gerbrandy en Ruben van Gogh. De term betekent dus niets (een dichter op straat is ook geen stoepdichter, een dichter in de wasserette is geen wasgoeddichter, een dichter in een copyrette is geen reprodichter). De term slamdichter voor deelnemers aan een poetry slam vind ik correcter, omdat er wel degelijk een verschil is tussen alleen optreden als je daarvoor gevraagd en (meestal slecht) betaald wordt of je inschrijven voor een slam) is één wezenlijk verschil, namelijk een kleine tien jaar tussen de opkomst van de ene groep en de andere. Grappig is dat veel podiumdichters indertijd vaak werden verguisd door het establishment en inmiddels deels zijn geaccepteerd, waardoor ze nu soms door slamdichters worden gezien als establishment.
Het gaat dus om momentum. Ik denk dat Chrétien, als hij deze bloemlezing tien jaar geleden maakte, niet veel werk van dichters uit de Sprong naar de sterren-generatie had opgenomen. Net zoals ik verwacht dat hij over tien jaar, bij de succesvolle, uitgebreide derde of vierde druk van zijn bloemlezing, vermoedelijk veel meer dichters uit de huidige slamdichtershoek opneemt.
Geplaatst door: Ingmar Heytze | 21-3-07 om 0:12
Het geslinger met academische termen vind ik nogal overtrokken. Bovendien is Cornets de Groot geen onbekende; het is immers niet zijn eerste stuk en hij imponeert zoals ieder ander recensent ondermeer door een eigen stijl. Dat maakt elke recensent uniek, niet waar? Wie zou daar een streep doorheen willen halen? Het staat iedereen vrij om te kiezen, recensies genoeg, ook over dit werk.
Cornets de Groot bedient naar mijn idee ook niet een specifieke doelgroep. Hij werkt toch niet voor een reclamebureau? In mijn beleving werkt hij naar een standpunt toe en komt in die ontdekkingstocht tot een conclusie. De liefhebber doet er al dan niet zijn voordeel mee. Er is in dit verhaal slechts één die bepaalt waar het over moet gaan en dat is hijzelf.
Mijn indruk is dat het verhaal hier en daar nogal persoonlijk wordt opgevat en dat juist dat fenomeen bepalend is voor wat men van zijn recensie vindt. En dat is jammer. Een beetje onprofessioneel ook, omdat daarmee meteen elke nuance verdwijnt. Jammer ook dat Cornets de Groot in die discussie meegaat. Literairnederland.nl mag zich naar mijn idee medeverantwoordelijk voelen voor evt. ‘foutjes’ die in een stuk blijven staan. Maar dat aspect is misschien inherent aan de tijd en het medium.
Tot slot: In mijn optiek is er sprake van een zekere tegenstrijdigheid: aan de ene kant gaat alles ‘ver boven de pet’ en aan de andere kant wordt hem een gebrek aan visie verweten. Daar kan ik geen chocola van maken. De Contrabas leent zich uitstekend voor gerichte, inhoudelijke vragen en die waren in dit verband dan ook meer op z’n plaats geweest. Daarmee was de discussie ook meteen een stuk interessanter geworden. Kortom: wie staan er nu eigenlijk bij de dorpspomp?
Geplaatst door: roth | 21-3-07 om 14:58