Colofon

Dit is weblog De Contrabas. Begonnen op 21 augustus 2005 door Ton van ’t Hof en Chrétien Breukers. Laatste bericht zal worden geplaatst op 21 augustus 2015, of ergens rond die datum. De weblog zal blijven bestaan, om de rijke archieven niet aan de digitale vergetelheid prijs te hoeven geven.

De redactie was in handen van Chrétien Breukers. De reactiemogelijkheid is gesloten, omdat de website niet ten prooi wil vallen aan eindeloze reeksen spam of aan reacties van notoire internettrollen. Mailen over de website kan aan decontrabas[at]hotmail.com

De boeken van Uitgeverij De Contrabas worden geleverd via Liverse, via CB of direct via Liverse. Eind augustus gaat de nieuwe website van uitgeverij De Contrabas, met bestelinformatie, online.

augustus 2015

ma di wo do vr za zo
          1 2
3 4 5 6 7 8 9
10 11 12 13 14 15 16
17 18 19 20 21 22 23
24 25 26 27 28 29 30
31            

« april 2006 | Hoofdmenu | juni 2006 »

mei 2006

31 mei 2006

De maatschappij, dat zijn wij. En Lammert Voos.

939fDe Maatschappij. Dat ben jij. Wie kent de campagne niet? En dat vandalisme kinderachtig is, weten we ook. Tolerantie, het is, zelfs nu, geen loos begrip. Denk ik. Daarom doet het me deugd dat ik – op deze voor de VVD zo, eh, aparte dag – kan melden dat Lammert Voos een gedicht heeft geschreven, bevattende zijn bijdrage aan een vreedzamer Nederland. Lees maar, het staat in de Kleine Zaal.

Ochtendbeschouwingen

WeegerhofwaschhausmangelMartin Reints. Deze beste, brave man publiceert zo nu en dan een boekje vol met zinnen die -tig keer door de platwals-mangel zijn geweest. Dat geeft niks. Maar...zeg zulks niet in een recensie, zoals Philip Hoorne deed, want dan  raken de poëzie-correcte meutes in de war. Vandaag komt Hoorne, na een hoop gezeur en gedram in de reacties bij zijn recensie, met een verhelderend naschrift. Dit naschrift zal ook wel weer tot gezeur aanleiding geven. Ach ja. Het houdt de mensen tijdens deze gure dagen enigszins van de straat.

Mijn favoriete blad Meander pakt ook weer flink uit, nu met een stukje van Julia Steennis, over ene Aukelien Weverling, die zich blijkbaar in de 'poëziesector' begeeft en daarover schrijft, of typt, in het magazine van het CJP. Aukelientje heeft boeiende ideeën. 'Het liefst zoek ik dan ook voor CJP jonge dichters omdat de lezers zich daar makkelijk mee kunnen identificeren. Bovendien kun je dan een gevoel kweken van: als je hard werkt dan kun jij ook optreden of zelfs een bundel uitgeven. Ik vertrouw ook op mijn eigen smaak. Het is al moeilijk genoeg aandacht voor poëzie te krijgen, dus ik vind het doodzonde om dan dichters te bespreken die ik middelmatig vind.' Mijn hemel. Een matig formulerende mevrouw met een meerderwaardigheidscomplex... Daar gaan we nog meer van horen, vrees ik.

Op de vraag 'En merk je dan dat er een verschil is in de mate van interesse van hen voor de reeds gevestigde dichters en nog relatief onbekende dichters en poetryslammers?' antwoordt Weverling, het orakel van Delphi daarbij prachtig imiterend:  'De beginnende slammers zijn voor hen makkelijker benaderbaar, maar ze staan ook wel kwijlend te kijken naar dichters als Simon Vinkenoog en Gerrit Komrij.' Eindelijk een antwoord op de vraag waarom zoveel slammers vaak zo moeilijk te verstaan zijn: ze hebben net staan kwijlen. Enfin. Lees het artikel zelf maar. Het is boeiende lectuur, in a way.

Hoewel ik het niet kan laten om deze fijnzinnige beuk onder de gordel te citeren, tot slot: 'Ik denk ook dat het voor een ongeoefende poëzielezer fijn is wat handvatten te krijgen. Wel denk ik dat sommige poëzie zich beter leent voor een voordracht dan andere. Sommige poëzie leent zich zelfs uitsluitend voor voordracht, omdat er op papier niks van overblijft, terwijl het op het podium best aardig is. Eigenlijk vind ik het nogal een onzindiscussie die alleen mensen met te veel tijd voeren.' Ja zeg, onze tijd verpesten door malle interviews af te staan en dan een beetje gaan katten. Foei toch.

Het_schavotEn nu we het toch over slams hebben, en over poëzie en zo, wil ik het door mij in de vorige alinea gekregen handvat even vastgrijpen voor het slotthema van deze losse, associatieve, ochtendlijke beschouwing: 'mensen die niet tegen hun verlies kunnen'. Want op zijn weblog draait Xavier Roelens heel veel kunstige bochtjes en rondjes, waar hij eigenlijk wil zeggen: ik had moeten winnen, want ik ben de beste. Xavier, Xavier... Kindjes die, zelfs achteraf, vragen...

Och nee, dan ben ik nog iets helemaal vergeten. Op het Weeklog van de Volkskrant: Hans Plomp over het aanstaande festival Vurige Tongen. Oude nederwiet in oude zakken...

Westerparkdichternieuws

Westerpark2c_1

'Buitengewone feiten betreffende het waarnemen van kleuren', zo heette in vertaling een artikel van John Dalton (1766 -1844). Het was het verslag van het allereerste onderzoek naar kleurenblindheid. De Engelse titel prijkt ook aan het begin van het digitale gedicht dat onlangs werd gepresenteerd in het kader van het project Poëzie op het scherm van het Fonds voor de Letteren en de Waag Society. Je vindt dat gedicht nu na het intro achter het schuivende kleurengordijn op de centrale pagina van hanskloos.nl. (Overigens duiken Dalton en kleurenblindheid pas op in het nog in de maak zijnde tweede deel van het gedicht.)

Een ouderwetser vorm van elektronische poëzie is sinds zondag zo nu en dan te zien op de lichtkrant aan de rand van het Westerpark. Hoe dat precies zit, kun je lezen op de deelsite van de Westerparkdichter.

Wie Hans Kloos wil horen voordragen, kan donderdag 1 juni terecht in Haarlem (zie deze link voor meer informatie) en pinksterzondag 4 juni in België te Gent, waar hij zal voorlezen vanaf het Rozenbalkon. Tijd: 20.30 uur. Locatie: Coupure rechts 234, Gent. Dan verschijnt tevens Rozenbalkon IV in de reeks 234-117, met nieuw werk van Hans Kloos en Rozalie Hirs, die deze avond ook voordraagt.

30 mei 2006

Alex Roeka zingt 'De rode vod'

Img_2020De Giro is net voorbij. De Tour laat nog even op zich wachten. Niet getreurd. Tot de proloog begint kunnen we, ter poëtische voorbereiding, alvast luisteren naar een prachtig lied van zanger/tekstschrijver Alex Roeka: 'De rode vod'. Op zijn weblog schrijft Bert Wagendorp iets over de geschiedenis van dit lied.

Mini-interview met Rob Schouten in de Grote Zaal

File0064_1Rob Schouten, geboren 1954, uit sektarisch milieu, studeerde Nederlands in Amsterdam. Redacteur van Trouw. Poëzierecensent van Vrij Nederland. Was in het seizoen 1986-1987 writer-in-residence aan de University of Minnesota en van 1993-1996 bijzonder hoogleraar literaire kritiek aan de VU. Schreef sinds 1978 negen dichtbundels, een verhalenbundel, een roman en diverse essaybundels. Hij stelde ook een aantal bloemlezingen samen. Hij ontving de Herman Gorterprijs 2001 voor zijn bundel Infauste dienstprognose. Zijn laatste bundel, Apenlier, verscheen in 2004. Binnenkort verschijnt een nieuwe bundel Spijsamen. Werkt momenteel ook aan een nieuwe roman, werktitel De groene nazi. Lees verder in de Grote Zaal >>

Dichters duelleren op het web

Quick Muse Op 17 mei jongstleden schreven de Amerikaanse dichters Paul Muldoon en Thylias Moss tegelijkertijd vanachter hun computer in 15 minuten een gedicht. Als inspiratiebron kregen ze een stuk tekst van Elizabeth Bishop mee, waarvan de openingszin luidt: 'Writing poetry is an unnatural act'. De eindresultaten werden onmiddellijk op de website QuickMuse geplaatst. Bovendien kunnen aldaar alle toetsaanslagen worden bekeken, zodat men een beeld krijgt van de wijzen waarop de gedichten tot stand kwamen, inclusief de verbeteringen.

Een geinig experiment. Ken Gordon, initiatiefnemer en redacteur van JBooks.com, is vooral geïnteresseerd in het improviserend vermogen van de dichters: 'Improvisation makes it fresher, more vital. It doesn't give poets a chance to be careful. It offers them the opportunity to surprise themselves, to say things they didn't know they wanted to say, things their fingers know but their brains do not.' Vandaag vindt het 2e duel plaats, tussen Robert Pinsky en Julianna Baggott. (Bron: The New York Times.)

Eigen melding van zelfrecensie

Graag maak ik bij deze melding van een door mijzelf geschreven zelfrecensie, die gaat over een door mijzelf geschreven bundel. Gepubliceerd op de zomerhit-in-wording 'Autobundelgrafie'.

Nieuw in de Kleine Zaal

Twee nieuwe leesdingen in de Kleine Zaal: een fraai gedicht van Jérôme Gommers en alweer enige Paladijnen van Han van der Vegt.

Lees het gedicht van Gommers >>
Lees het werkboek van Van der Vegt >>

29 mei 2006

Wembley

wembley
Dit is fragment nummer 54 van het boek "Wembley" van Richard Osinga.
Ik weet niet of de jongens van Rap naar een marabout gaan, maar ik herken de dingen die ze doen. Het is niet alleen het plakkende papier om de enkels te beschermen. Brekke rolt voor de wedstrijd een sigaret en stopt hem ongerookt terug in zijn pakje tabak. Beest plakt zijn kauwgum onder zijn schoen voor hij het veld op loopt. Pino kust het kruis dat aan zijn ketting hangt en stopt de ketting in zijn achterzak. In de rust kijkt hij even of het er nog is. De trainer steekt zijn sigaar pas op als hij zeker is dat iedereen er is. Hij draait aan zijn trouwring, onafgebroken, rond en rond, voor de wedstrijd, in de rust en als hij zenuwachtig langs de lijn marcheert.
      Ik loop met de bal aan mijn voet naar de middencirkel. De velden van jos zijn perfect onderhouden; het gras is kort gemaaid en sappig. Ik buk me en neem de sprieten tussen mijn vingers. Ze zijn elastisch, als je van onder naar boven wrijft zijn ze glad, als je de andere kant op wrijft zijn ze ruw, de zijkant is scherp genoeg om je vinger aan te snijden. Op sommige plekken is door het voetbal het gras kapotgegaan. De aarde onder het gras is zwart. Niet rood of grijs, maar pikzwart. Ik pak een pol die door een sliding is weggeschopt en stop hem terug. Hij voelt zwaar in mijn hand, volgezogen met water.
      Ik heb in Nederland geleerd goed naar het gras kijken. Gras is elke week anders. Wanneer het droog is geweest, is het stroef, het brandt als je valt. Als het een beetje nat is, schiet de bal door en als het erg nat is blijft de bal liggen. Sommige jongens voelen voor de wedstrijd even aan het gras en als het natter is dan ze gedacht hadden, zetten ze andere noppen onder hun schoenen. Zelfs de jongens die niet goed kunnen voetballen zijn professioneel in die dingen.
      Vandaag zweven er hele fijne, kleine druppels water in de lucht. Ze vallen nauwelijks naar beneden. Je kunt ze pakken met je hand, of ophappen met je mond. Het gras zal glad zijn, de ballen stuiteren door, de slidings zijn lang en gevaarlijk.
      Ik wip de bal met mijn linkervoet op en neem hem met mijn rechter over. Ik houd de bal hoog terwijl ik begin met lopen. Ik loop snel, maar verlies op geen enkel moment mijn controle over de bal. Ik ben de baas en deze bal doet precies wat ik wil. Hadden we op het veldje waar ik vroeger speelden zo'n bal gehad! Een bal die perfect rond is, altijd op dezelfde manier stuitert, een bal die je over je wreef kunt laten rollen. Wanneer ik terugga neem ik een goede bal mee voor de jongens. Ze zullen niet weten wat ze meemaken.

Naar het begin -    Doe mee -     Lees verder >>


Tekst en uitleg van Richard Osinga: Wembley, mijn derde roman, komt op 1 juni 2006 uit bij uitgeverij Querido. Ik heb het plan opgevat om het boek in zijn geheel online te publiceren. Niet in een stuk, maar in een paar honderd korte stukjes. De bedoeling is dat elk stukje op een ander weblog verschijnt, met een link naar het volgende stukje.

Mini-interview met Piet Gerbrandy in de Grote Zaal

Piet GerbrandyPiet Gerbrandy (1958) is classicus, dichter, essayist en poëziecriticus bij de Volkskrant. Zijn dichtbundels: Weloverwogen en onopgemerkt (1996, bekroond met Van der Hoogt-prijs, genomineerd voor de Buddingh’-prijs), Nors en zonder haten (1999, genomineerd voor de VSB-prijs), De zwijgende man is niet bitter (2001, Herman Gorter-prijs, genomineerd voor de VSB-prijs), Drievuldig feilloos vals (Meulenhoff 2005; een gedicht uit deze bundel werd ter gelegenheid van Gedichtendag 2006 bekroond als een van de drie mooiste gedichten van 2005). Essays: Boeken die ertoe doen (2000), Een steeneik op de rotsen (2003) en Omroepers van oproer (2006). In het najaar van 2006 verschijnt de dichtbundel Krang en zing. Momenteel is Gerbrandy bezig met een boek over de poëzie van H.H. ter Balkt en Jacques Hamelink, en met een geschiedenis van de Latijnse literatuur. Voorts werkt hij samen met de Middelburgse fotograaf Gijs Haak.

Lees verder in de Grote Zaal >>

Uitgeverij De Contrabas

Cookies

De Contrabas maakt gebruik van cookies. Voor meer informatie Zie hier
.

Laatste reacties

Pageviews


Sinds 21 augustus 2005

Categorieën